Tv-drama over de zelfmoord van een domineeszoon

Het stille land, Ned.1, 20.27-21.28u.

Een begrafenis - en uit de groep koffiedrinkers-na-afloop maakt zich de vader los van de jongen die zelfmoord heeft gepleegd. 's Mans gezicht staat vertrokken, zijn gepeins klinkt buiten beeld. Hij, de predikant die altijd anderen woorden van bemoediging en troost heeft toegevoegd, merkt opeens dat die woorden niet helpen nu de rollen zijn omgekeerd. Alles wat jarenlang voor hem vaststond, is aan het wankelen gebracht. Hij denkt terug aan de laatste botsingen met zijn zoon. En ook aan de woorden van zijn eigen vader, de opa van de jongen, die laatst nog met grote stelligheid opmerkte: “Wie zichzelf van het leven berooft, berooft God.”

Het tv-drama Het stille land, van schrijfster Ella Weisbrod en regisseur Jan Keja, begint in de protestants-christelijke dreven waar zich ook de achterban van de NCRV bevindt. Het gezag geldt als de instantie die door God boven de mens is geplaatst; het vaste voornemen van de jongen om totaal-dienstweigeraar te worden past daar niet in. Vader en moeder, met authentieke zorg op het gezicht gespeeld door Sieto Hoving en Dore Smit, hebben geen greep op hun zoon. “Geen mens kan leven zonder compromissen”, zegt de vader machteloos. Méér heeft hij zijn zoon blijkbaar niet te bieden.

Een interessant moreel en religieus dilemma, dacht ik, en gesitueerd in een zeer Nederlands domineesmilieu dat zelden als decor voor drama wordt gebruikt - tenzij grotesk vertekend. Maar ongeveer halverwege ontspoort het script. De zoon blijkt een zwever te zijn geweest, met een naïeve levensinstelling die ontleend lijkt aan een Amerikaanse bestseller over zelf-therapie. Hij heeft het in de flashbacks over het vinden van jezelf en het vinden van vrede en respect, enfin, al die gemeenplaatsen die een gemiddelde Nederlandse acteur slechts met grote moeite uit de mond komen. En dat gaat bijna altijd ten koste van de geloofwaardigheid. Tamelijk voorspelbaar ontrolt zich dan verder de intrige, zonder nog aandacht te besteden aan de gewetensnood in het domineesgezin die mij heel wat herkenbaarder lijkt dan de cliché-problematiek van de zoon.

    • Henk van Gelder