Kansen gedaald op akkoord over staalindustrie

BRUSSEL, 10 NOV. De kansen op een politiek akkoord volgende week over sanering van de Europese staalindustrie zijn gedaald, na afwijzing vanochtend van de Duitse saneringsplannen door de Europese Commissie.

Het betreft de herstructurering door de Duitse overheid van het staalbedrijf Ekostahl. De Commissie is bereid de plannen die de Italiaanse staat voor de ILVA-groep had ingediend te accepteren, mits de Raad van Ministers ze van tevoren en unaniem aanvaard. De Europese staalindustrie lijdt onder grote overcapaciteit. De lidstaten proberen allemaal de eigen staalbedrijven te redden met nieuwe investeringen, die echter de produktiecapaciteit nog dreigen te verhogen. Via de Europese Commissie proberen de lidstaten al maanden om afspraken over gezamenlijke saneringen en moderniseringen te komen.

De Commissie weigerde eind april vorig jaar om het Duitse plan voor de modernisering van Ekostahl te accepteren. Het alternatieve plan dat daarop werd ingediend, wijst de Commissie nu ook af. Bonn had voorgesteld Ekostahl in een particulier en een staatsbedrijf te verdelen. Het particuliere bedrijf, zou zich onder leiding van de Italiaanse RIVA-groep bezighouden met warm gewalst staal.

De Italianen zouden daarin 152,6 miljoen ecu investeren, terwijl de Duitse regionale overheden 57,9 miljoen ecu ter beschikking zouden stellen. Het staatsbedrijf zou de hoogovens en de koudwalserij in beheer krijgen. Voor de modernisering hiervan wilde Bonn 368,4 miljoen ecu besteden. De Commissie noemt deze constructie 'kunstmatig'. Het totaal aan nieuwe staatsinvesteringen komt volgens Brussel uit op 464,7 miljoen ecu, terwijl de produktiecapaciteit daardoor stijgt met 900.000 ton.

De overige saneringen in de Duitse staalindustrie in aanmerking genomen komt de Commissie uit op een netto-beperking in Duitsland van slechts 142.000 ton. Om voor zo'n geringe beperking een staatssteun van 464,7 miljoen ecu toe te staan, acht de Commissie niet gerechtvaardigd. “De Commissie is bereid ieder alternatief voorstel van de Duitse overheid positief te benaderen, dat de verhouding tussen de produktiebeperking en de voorgestelde staatssteun verbeterd”.

De Commissie treedt minder doortastend op tegen de plannen voor de Italiaanse ILVA-groep. Daar constateert Brussel slechts dat de voorgestelde kwijtschelding van de schulden in feite neerkomen op verkapte staatsseun die volgens het EGKS-verdrag niet zijn toegestaan. “Deze steun kan alleen met een uitzonderingsbeslissing van de Commissie worden aanvaard”.

Volgens het verdrag van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal is daarvoor een unanieme beslissing van de Raad van Ministers voor nodig en een positief advies van het EGKS-comité. De Commissie constateert wel dat de steun die de Italiaanse overheid wil geven “niet het minimaal noodzakelijke minimum overstijgt” voor een reorganisatie en privatisering van ILVA. Brussel wijst er wel op dat Italië de staalbedrijven in Bagnoli helemaal moet sluiten en daarnaast nog de capaciteit van het bedrijf in Taranto met 1700 ton per jaar moet verminderen.

    • Folkert Jensma