Bepaling geschrapt over onafhankelijkheid van Aruba in 1996

DEN HAAG, 10 NOV. De Tweede Kamer is in grote meerderheid bereid om mee te werken aan een wijziging van het Statuut voor het koninkrijk die het mogelijk moet maken dat Aruba voorlopig niet onafhankelijk hoeft te worden. Dit bleek gisteravond bij de behandeling van de begroting van minister Hirsch Ballin voor de ontwikkelingshulp aan de rijksdelen in de West.

De Kamer baseert zich op de afspraken die premier Lubbers en minister Hirsch Ballin onlangs hebben gemaakt met de regering en de oppositie van Aruba, over een drastische verbetering van de bestuurlijke situatie en het financiële beheer op het eiland. Behalve de fractie van de VVD en de heer Leerling (Reformatorische Politieke Federatie) toonde de Kamer vertrouwen in die afspraken. Volgens minister Hirsch Ballin vormen ze een “minimum-basis” voor regelingen die nog met de vijf Antilliaanse eilanden gemaakt moeten worden over nieuwe staatkundige verhoudingen binnen het koninkrijk.

Volgens artikel 62 van het Statuut zou Aruba op 1 januari 1996 - tien jaar nadat aan dit eiland de 'status aparte' binnen het koninkrijk (los van de Antillen) werd verleend - staatkundig onafhankelijk moeten worden. Het huidige kabinet en de Staten-Generaal vinden bij nader inzien dat Aruba de kans moet worden geboden om deel van het koninkrijk te blijven uitmaken zolang het dat wil. Dat geldt ook voor de Antillen. Maar Nederland eist dan wel garanties voor een deugdelijk bestuur, zorgvuldig financieel beheer, betere rechtshandhaving en meer aandacht voor criminaliteitsbestrijding. De afspraken hierover met Aruba zijn op 22 oktober vastgelegd in een protocol dat inmiddels de unanieme steun heeft gekregen van het Arubaanse parlement.

Voor Aruba houdt minister Hirsch Ballin nog een andere stok achter de deur: de bepaling over onafhankelijkheid in 1996 wordt weliswaar geschrapt uit het Statuut, maar de inwerkingtreding van die wijziging wordt apart geregeld in een Koninklijk Besluit. Op aandrang van diverse sprekers toonde hij zich bereid vóór de afkondiging van dat besluit met de Kamer overleg te plegen.

Hirsch Ballin zegde de fracties van de VVD, PvdA en D66 toe een systeem van meerjarenafspraken voor de ontwikkelingshulp aan de eilanden te willen bestuderen. Terpstra (VVD) wil de hulpverlening vastleggen in een contract dat de eilandbesturen verplicht tot zorgvuldige besteding en controle, op straffe van stopzetting van de hulp.

De minister verzette zich tegen een voorstel van Terpstra voor een restrictief beleid bij de toelating van Antillianen in Nederland die hier geen baan of inkomen hebben en niet voor studiedoeleinden komen. Hij wil geen beperking van het personenverkeer, “behalve bij dringende en duidelijke noodzaak, bijvoorbeeld om crimineel gedrag te beperken of als jongeren naar Nederland komen zonder begeleiding”.