'Schaatsgewesten willen stukje pluche behouden'

De schaatsbond (KNSB) raakte afgelopen zondag zijn voorzitter Charles Luyk kwijt. De Brabander trad 'om persoonlijke redenen' af, maar lang niet iedereen wil dat geloven. Er was hoe dan ook (intern en extern) kritiek op de praeses en zijn bestuur. Dit staat nog steeds ingrijpende structuurwijzigigingen voor.

ROTTERDAM, 9 NOV. Als 65-jarige herinnert schaatsofficial Wim Zeekant zich nog heel goed dat lang geleden een keuze-commissie van de KNVB het Nederlands elftal samenstelde. “Een groepje bestuurders uit het hele land”, weet hij, “bepaalde of Bertus de Harder wèl of niet mocht meedoen. Van de gekke toch? De opstelling moet worden gemaakt door coaches of technische kwaliteitsmensen, die de geur van de kleedkamer kennen.”

Zeekant, voorzitter van het gewest Noord-Holland/Utrecht, haalt het voorbeeld uit de voetbalwereld aan, omdat een soortgelijke ontwikkeling momenteel het nationale topschaatsen bedreigt. Hij doelt op het nieuwe structuurplan van het bondsbestuur, dat bepaalt dat de Landelijke Technische Commissie en de Begeleidings Commissie Kernploegen per 1 april volgend jaar samensmelten in een sectiebestuur hardrijden. Op 18 december komt het aan de orde in de algemene ledenvergadering.

Zeekant: “Het voorstel betekent bijvoorbeeld dat de ten minste negen leden van die nieuwe club zich gaan bezig houden met de vraag: welke rijders en rijdsters komen er in de kernploegen en wie mag waar deelnemen? Dat is natuurlijk helemaal fout, want het zal ten koste gaan van de continuïteit van de selecties. En bovendien draait men de klok dan ook vele malen terug.”

De ervaren Noordhollander wijst daarbij op het roerige jaar 1984: “De zaak escaleerde destijds rondom de topsporters. Er waren geen goede afspraken, iedereen manifesteerde zich. Onder leiding van de nieuwe voorzitter David Meijer, diens rechterhand Dick van Zanten en Jan Kleine werd de BCK in het leven geroepen. Die kleine commissie deed lang voortreffelijk werk: ze schiep een ideale werksfeer voor kernploegleden, coaches en begeleiders. Akkoord, later ontstonden strubbelingen binnen de BCK. Omdat twee leden (Simon Smit en Van Zanten, red.) niet door een deur konden. Maar dat wil niet zeggen dat de BCK op zichzelf geen goede instelling was en moest verdwijnen.”

Morgenavond praat Zeekant namens zijn gewest met het Dagelijks Bestuur van de KNSB. Hij zal het DB, uiteraard zonder diens met onmiddellijke ingang vertrokken eerste man Luyk, er op wijzen “dat het op de verkeerde weg” is. Hij wil het DB verder herinneren aan een Topsportplan dat Noord-Holland/Utrecht twee jaar geleden opstelde en waarvan in de nieuwe structuur van de KNSB “niets is terug te vinden”.

Zeekant: “Bij het Nederlands kampioenschap in Alkmaar - ik was daar organisator - pleitten wij voor een topsportbestuur binnen de bond. Met een voorzitter. Ard Schenk zou daar heel geschikt voor zijn, en een fulltime directeur sportief. Voor die laatste post is mannen-bondscoach Ab Krook geknipt.”

Zeekant zal morgen vermoedelijk alleen enige uitleg krijgen. Maar het DB zal de nieuwe ideeën niet veranderen. Want dan komt het in botsing met het bondsbestuur, dat naast de leden van het DB bestaat uit acht vertegenwoordigers (meestal de voorzitters) van de gewesten. “En al die gewesten op het onze na”, legt Zeekant uit, “zijn voorstanders van de voorgestelde structuurplannen. Die hebben ze zelfs mede zelf bedacht. Door de koppeling van de LTC en de BCK zien mensen uit die hoek hun macht groeien. De VIP-kamer staat voor hen open bij kampioenschappen, ze behouden een stukje pluche dat ze niet willen missen. Jammer. De gewesten zijn belangrijk, ze vormen de kweekvijvers voor de top, maar zij of hun afgevaardigden moeten niet beslissen over kernploeg-aangelegenheden.”

Zeekant is geïrriteerd door de nieuwe structuur, hij is ook verbolgen over de handelwijze van het DB betreffende de BCK. Luyk en consorten verwijderden Van Zanten, Jan Augustinus en de Noordhollandse gewestelijke bestuurder Harry Falke dit jaar uit de BCK. Zeekant waarschuwde het DB dat daar “ernstige problemen” door zouden ontstaan. Met name omdat ze daarbij de reglementen overtraden. De door het weggestuurde trio ingeschakelde geschillencommissie stelde dat ook vast; het college draaide het besluit van Luyk & co weliswaar niet terug, maar verweet het DB wel “onbehoorlijk gedrag”.

Het stoort Zeekant en het gewest Noord-Holland/Utrecht, thans een van de grootste opposanten tegen het bestuur van de KNSB, voorts zeer dat de gang van zaken rondom de benoeming van een nieuwe DB-secretaris op zijn minst slordig is verlopen. De huidige secretaris, mevrouw Van Pelt, meldde vorig jaar dat ze wenste op te stappen, waarna Noord-Holland/Utrecht zijn vice-voorzitter Hennie van Straaten als kandidaat-opvolger naar voren schoof. Zeekant en de zijnen lieten dat schriftelijk weten, maar volgens het gewestelijke bestuur kregen ze geen antwoord. Naar zijn zeggen hoorde Zeekant later van Luyk dat het schrijven “expres was achtergehouden”, om beschadiging van de kandidaten te voorkomen.

Weer later vertelde het DB dat Van Pelt dringend was gevraagd om nog een jaar aan te blijven, herinnert Zeekant zich. “Dan weet je het allemaal niet meer. Kun je dan nog zeggen dat je serieus wordt genomen?”