PENSIOENEN

In NRC Handelsblad van 5 november schrijft prof. E. Lutjens over de (on)mogelijkheden van flexibilisering van pensioenen.

Het is onjuist dat de fiscale regelgeving een belemmering zou vormen voor verdergaande flexibilisering. Fiscaal is een pensioenregeling acceptabel indien deze aansluit bij de maatschappelijke opvattingen over pensioen. Als de samenleving vindt dat een flexibel pensioen past in de huidige maatschappij - en de huidige pensioenpraktijk leert dat men dat vindt - sluit de fiscaliteit zich daarbij gewoon aan. Deze lijdelijke positie van de fiscale regelgeving blijkt ook uit de wetshistorie; de conclusie van Lutjens dat de fiscale norm op de helling moet is niet terecht.

Dat de fiscale norm zich richt naar de maatschappelijke ontwikkelingen bleek vorig jaar december, toen de Hoge Raad oordeelde dat in fiscaal opzicht een pensioenleeftijd van 60 jaar maatschappelijk aanvaardbaar is; iets dat in de jaren zestig nog niet het geval was. Bovendien heeft de staatssecretaris van financiën onlangs in de Memorie van Antwoord bij het wetsvoorstel Brede Herwaardering II inzake aanpassing van het fiscale pensioenregime, een uitgebreide beschouwing opgenomen over flexibilisering in fiscaal perspectief. De bewindsman stelt daarin uitdrukkelijk dat de fiscale regelgeving geen belemmering voor flexibilisering vormt en dat zij - zoals betoogd - lijdelijk is ten opzichte van de maatschappelijke ontwikkelingen met betrekking tot flexibilisering.