Als de Staar zingt, zindert het

Het is avond aan de Kesselskade in Maastricht. Achter de ramen van sekswinkels die hier royaal aanwezig zijn branden rode lampjes. Uit de barokke Augustijnenkerk, plaatselijk bekend als de Awwe Stiene, komt een orkaan van mannenstemmen naar buiten en verwaait over de Maas. De koninklijke zangvereniging Mastreechter Staar repeteert. “Op de schaal van Voncken is dit 6,2”, zegt de 33-jarige dirigent Paul Voncken. Hij wordt ook wel Piano Paultje genoemd omdat hem de storm soms wat te hard raast en ziet: de wind gaat liggen. Bij het repeteren van het Magnificat van Jan Nieland, roept hij uit: “Jullie moeten niet zo vreselijk vallen op dat a progenie, dat deden we vier jaar geleden.” In de pauze van de twee uur durende repetitie legt de in 1991 aangetreden dirigent uit wat hij met de 158 stemmen voorheeft: “Ik wil de bronzen mannenklank weer wat meer terug zoals een van mijn voorgangers Martin Koekelkoren die er inbracht. Van zacht opvoeren naar crescendo, van de diepe bassen naar de hoge tenoren. Als de Staar zingt dan moet het zinderen zoals de woestijn spiegelt in de hitte.”

De Staar (het Maastrichts voor Ster) is voor Maastricht al 110 jaar een ambassadeur. Enige weken geleden werd het 110-jarig bestaan feestelijk gevierd. Het mannenkoor is bekend over heel de aardkloot. De Staar is de trots van zijn leden. Hun gemiddelde leeftijd ligt op 52 jaar. Meer dan de helft heeft het zilveren jubileum er al geruime tijd opzitten. De gepensioneerde assistent-chef van de technische afdeling van het dagblad De Limburger, de 67-jarige Jean Boren (oud-marinier, 38 jaar lid): “Overdag gaf ik de commando's, 's avonds moest ik ze hier opvolgen. We zijn weliswaar een grote, gezellige familie, maar er moet óók een fatsoenlijke gemeenschapsdiscipline zijn. Bij het opkomen, bij de partijen openslaan, bij het pakken van nieuwe partijen. Er wordt van je verlangd dat je houding behoorlijk is. We moeten ons altijd koninklijk gedragen.” Ook als koningin Beatrix, die beschermvrouwe is, er niet bij is.

De Staar is niet zo maar een clubje ongeregeld. Aan de leden worden hoge eisen gesteld. Ze dienen behalve van het mannelijk geslacht van onbesproken gedrag te zijn, hoewel, zegt secretaris Jef Gordijn (bas, 28 jaar lid), een verjaarde zonde wel door de vingers wordt gezien “als ze niet te zwaar was”. Tweemaal in de week wordt er gerepeteerd. Behalve over een professionele dirigent beschikt men over een professionele pianist en een zangpedagoog. Men heeft een eigen koorschool. Er is een floormanager en een muziekarchief met meer dan 350.000 bladen en een op glanzend papier gedrukte blad De Staarbode. Sinds men vorig jaar het oude honk, het Staargebouw aan het Van Veldekeplein moest verlaten, beschikt men over een eigen kerk: de Awwe Stiene. Die kocht men van het bisdom. Er werden akoestische voorzieningen getroffen waardoor de nagalm met de helft werd teruggebracht. Men bouwde in de tuin een nieuwe foyer. Totale investering 1,7 miljoen gulden, opgebracht door sponsoren, de gemeente, de provincie en door de verkoop van obligaties. Wat ontbrak werd uit eigen middelen bijgepast door het geven van extra uitvoeringen.

De Staar kan men bestellen voor 8.500 gulden per optreden. Dit exclusief btw, reiskosten en maaltijden. Per jaar worden er tussen de 10 en 12 uitvoeringen gegeven en daarnaast nog eens zoveel 'opluisteringen'. Daar gaat men, mits te berijden, met drie bussen heen. Aanstaand hoogepunt is het kerstconcert op 26 december in het Theater aan het Vrijthof, dat de 900 zitplaatsen met een tribune van 200 zitplaatsen zal uitbreiden, maar de kaarten zijn al uitverkocht. Dan zal men weer zingen uit volle borst maar vooral met veel liefde, zoals - tijdens de repetitieavond - Près du fleuve étranger van Gounod, het drinklied Chanson Bachique van Otto Deden en aan het einde gaan alle remmen los met het Seventy Six. Daar komt plezier uit, daar zit genoegen in. Dan davert de Awwe Stiene op haar grondvesten. En in een hoek van de kerk luistert de oprichter, versteend in een borstbeeld, mee. Dat was de uit Breda afkomstige Jan van Poppel (1856-1908), die aan het einde van de vorige eeuw in Maastricht verzeild raakte als directeur van de stationsrestauratie.

Sinds kort heeft de Staar een nieuwe voorzitter, maar die noemt men chic de praeses, want de zangvereniging heeft van oudsher allure. Haar voorzitters waren altijd vooraanstaande Maastrichtenaren. Mannen als Peter Gielen en Jacques Chapin. De nieuwe praeses is de luitenant-kolonel b.d. Gène Jansen. Hij volgde Charles Gemmeke op. Jansen: “Praeses zijn van de Staar is een eervolle baan. Zeker voor de oudere Maastrichtenaren is het een functie met cachet, want de Staar is geworteld in Maastricht. Wie echt iets over heeft voor de Staar die ondergaat een zekere loutering.” “Onze vereniging is als een sociëteit begonnen maar het elitaire van vroeger is er uit. Men kijkt”, zegt Ton Laenen, hoofd van de Produkt Groep, “niettemin tegen ons op en dat is verdomde prettig.”

“De kwaliteit van De Staar is goed. Maar er zijn nog groeimogelijkheden. De mannenkoorzang raakt niet op”, aldus dirigent Voncken, “of het moet komen door een te geringe aanwas.” De Staar heeft daar voorlopig zoveel last nog niet van omdat de zangers niet alleen uit Maastricht, maar uit heel Zuid-Limburg worden gerecruteerd. Zelfs zingen er twee Duitsers mee en is de bariton-solist Martijn Nieuwlands, arts-acupuncturist, woonachtig in Tilburg. Hij slaat geen repetitie over. “Een koor wat zó leeft, wat zóveel concerten geeft, dat maak je ergens anders niet mee. Als je echt wil zingen dan moet je hier zijn.”

Laat die avond wordt er aan de bar in de foyer nog luide gezongen. Het Maastrichtse volkslied, Maastrichtse, maar ook Venlose carnavalsliedjes, want deze Mastreechter Störm gaat zo vlug niet liggen. Dit is een Fleuve sauvage die soms maar moeilijk is te temmen.

    • Max Paumen