Alles is gespleten en toch is ieder deel van één spiegeling

Voorstelling: Zoals het u lijkt van William Shakespeare door De Appel. Vertaling en regie: Erik Vos; decor en kostuums: Tom Schenk; spel: Will van Kralingen, Carline Brouwer, Carol Linssen, René van Zinnicq Bergmann, e.a. Gezien: 6/11 Appeltheater Den Haag. Aldaar t/m 5/2; 11 t/m 16/1 Carré, A'dam.

Niets is wat het schijnt in Shakespeare's komedie Zoals het u lijkt en zo stelt ook de door tribunes omringde heuvel in het Appeltheater meer voor dan alleen een hoge met gras begroeide berg. Belichting, muziek en enkele requisieten als een klein podium, een vleugel en een zwart glinsterend gordijn voor een blauw achterdoek geven het simpele toneelbeeld van Tom Schenk het ene moment het aanzien van een circuspiste of een arena waar geworsteld wordt, terwijl het volgende moment de indruk wordt gewekt dat de personages een nachtclub bezoeken.

Shakespeare situeert de handeling beurtelings in het Bos van Arden en aan het Hof, maar Erik Vos lijkt er met zijn enscenering bij De Appel op te willen wijzen dat die lokaties niet letterlijk genomen hoeven worden. De personages bewonen een sprookjesachtige niet-reële wereld (in het bos groeien palmbomen naast eiken) die het produkt is van onze verbeelding.

In dit schemergebied tussen schijn en werkelijkheid voert een bonte stoet van narren, zonderlinge outcasts, verwilderde hovelingen en dwaze verliefden een maskerade op, een spel dat verwarring zaait doordat niemand is wie hij lijkt. Hoogtepunt is de verkleedpartij van Rosalinde, dochter van de verbannen hertog. Als zij op last van haar oom Frederik, de nieuwe hertog, eveneens het hof moet verlaten vermomt ze zich als man waarna zelfs haar geliefde Orlando (René van Zinnicq Bergmann) haar niet herkent. De metamorfose die Will van Kralingen in de voorstelling ondergaat maakt dat tot op zekere hoogte aannemelijk: zodra zij haar zwarte rokje verruilt voor een licht zomerpak en de waterval van lange blonde haren onder een hoed propt, is zij een ander.

Het thema van de tweeslachtigheid heeft Vos in zijn voorstelling nog verder uitgewerkt door Frederik en de ex-hertog te presenteren als één persoon in wie twee zielen huizen. Hugo Maerten zet hem neer als een gespleten persoonlijkheid. Vriendelijk en ruimhartig is hij in de gedaante van de verdreven hertog die met een handjevol getrouwen door het Bos van Arden (Ardennerwoud, in de vertaling van Erik Vos) zwerft. Hard en meedogenloos wordt hij als Frederik in hem de kop op steekt. Die omslag voltrekt zich meestal plotseling waarbij hij als door de bliksem getroffen met een schreeuw zijn witte cape afwerpt en in zwart rokkostuum zijn andere kant toont.

De witte en zwarte kleding symboliseert niet alleen het goed en het kwaad, het geeft ook het contrast aan tussen de verschillende kringen waarin men verkeert. Wie aan het hof woont draagt zwarte rokkostuums en met glitter afgezette kleren; de bosbewoners zijn veelal gehuld in witte lange wijde mantels. Het is Cultuur tegenover Natuur; maniërisme versus een ongecompliceerd buitenleven. Tegelijk, zo maakt Vos duidelijk, zijn het werelden die bij elkaar horen als dag en nacht en elkaar spiegelen - de personages zien zich letterlijk weerkaatst in een grote spiegel die af en toe voor de achterwand schuift.

De dubbelslachtigheid van alles en iedereen veroorzaakt een erotisch geladen sfeer die in de voorstelling voortdurend merkbaar is. Men zingt, dicht en danst, men lonkt en daagt elkaar uit tot een koket steekspel van woorden en al dan niet verhulde liefdesverklaringen. Spel en enscenering benadrukken het genot van beminnen en bedriegen. Allen lijken zich eraan over te geven, bij voorkeur in een zo frivole en decadente omgeving als een nachtclub. Zo worden de verschillende paartjes tenslotte verenigd door een huwelijksgod die onder zijn travestie-uitdossing een minuscuul leren sm-pakje blijkt te dragen en wiens optreden gepaard gaat met een stevig housenummer.

Hoewel de voorstelling soms prikkelend en lichtzinnig is, overheerst naderhand vooral de herinnering aan een avond goedmoedig vertier - met Will van Kralingen in een heen en weer zwiepende hangmat terwijl Carline Brouwer als een gewicht aan het touw hangt. En met Carol Linssen in een dubbelrol: als rondborstige nar die zijn herderinnetje het hof maakt en als Jaques, de cynicus. Met name Linssen voegt door zijn spel aan de toch al luchtige voorstelling speels vermakelijke momenten toe.