Ritzen komt bijzonder onderwijs tegemoet

ZOETERMEER, 6 NOV. Als bijzondere scholen het niet eens zijn met beslissingen van de gemeente over de besteding van onderwijsgelden kunnen zij in beroep gaan bij de Onderwijsraad. Dit is gisteravond afgesproken tussen minister Ritzen (onderwijs) en de organisaties van bijzonder en openbaar onderwijs in een vervolgovereenkomst op het zogenoemde Scheveningse Beraad.

Deze verruiming van de rechtsbescherming van het bijzonder onderwijs geldt in principe alleen voor gemeentelijke beslissingen die te maken hebben met de ondersteuning van leerlingen met een leerachterstand. De constructie kan bezwaren bij het bijzonder onderwijs weggenemen tegen het overhevelen van andere bevoegdheden van het ministerie van onderwijs naar de gemeenten.

De beroepsmogelijkheid waartoe gisteravond is besloten is gebaseerd op een juridisch advies aan het Schevenings Beraad door de staatsrechtgeleerden Burkens, Koekoek en Konijnenbelt. In hun advies schrijven zij dat deze vorm van rechtsbescherming gelijkwaardig is aan de rechtsbescherming die de bijzondere scholen nu hebben bij besluiten van de Rijksoverheid en dat deze ook voor alle vormen van decentralisatie naar de gemeente kan gelden.

Volgens ingewijden kan deze constructie ook de oplossing vormen van het conflict dat momenteel bestaat over de rol van de gemeenten in het beheer van de schoolgebouwen. Afgelopen maart besloten het kabinet en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten het beheer over zowel de openbare als de bijzondere schoolgebouwen over te dragen van het Ministerie van Onderwijs aan de gemeenten. Onder druk van het bijzonder onderwijs en het CDA opende het kabinet echter begin vorige maand de mogelijkheid dat bijzondere scholen die dat willen zelf hun gebouwen gaan beheren. De VNG schreef daarop aan minister Ritzen dat hiermee de afspraak van maart werd verbroken. Afgelopen week tijdens de behandeling van de begroting van binnenlandse zaken noemde het PvdA-Kamerlid D. de Cloe het 'ongelooflijk' dat het kabinet de overeenkomst met de VNG had verbroken.

Gisteravond zei B. Jansen van de katholieke koepelorganisatie NKSR in een commentaar dat de gisteravond overeengekomen constructie een precedent zou kunnen vormen in deze kwestie. De eis van het katholieke en protestantse onderwijs dat de schoolgebouwen niet aan de gemeenten maar aan de scholen moeten worden overgedragen bleef wel staan, maar hij wees in dat verband op het grote gezag van de juridische adviescommissie, waarin de drie grote partijen CDA, PvdA en VVD vertegenwoordigd waren. Als de rechtsbescherming ook voor de huisvesting zou gaan gelden zou het voor bijzondere scholen een stuk gemakkelijker kunnen zijn om het beheer over hun scholen over te laten aan de gemeenten. De VNG was niet bereikbaar voor commentaar.

De onderwijsraad, die als college van beroep gaat gelden, is het belangrijkste adviesorgaan van het ministerie van onderwijs. De Raad geldt als een waakhond van de verzuiling in Nederland en kwam gisteren nog in het nieuws door een zeer negatief - ongevraagd - advies over de uitkomsten van het Schevenings Beraad. Zowel de gemeente als het schoolbestuur kunnen tegen een beslissing van de Onderwijsraad overigens weer in beroep gaan bij de Raad van State.

De centrale rol van de gemeente inzake het achterstandsbeleid gaat in tegen een lange confessionele traditie van vrees voor overheidsinmenging in het bijzonder onderwijs. De grotere invloed van de gemeente werd afgelopen zomer door de koepels en het ministerie nodig geacht om een betere afstemming van het onderwijsachterstandsbeleid op andere lokale initiatieven tot stand te brengen. De vergoedingen voor bijvoorbeeld bijspijkerlessen voor Turkse leerlingen zullen - net als nu - wel door het ministerie van onderwijs direct worden uitgekeerd aan de scholen, maar zij zullen het geld alleen mogen besteden in overeenstemming met een plan dat de gemeente in overleg met de scholen vaststelt. Aanvankelijk keerden de gemeenten zich sterk tegen deze beroepsmogelijkheid, omdat zij vreesden dat dit hun nieuwe coördinerende rol ernstig zou beperken.

Gisteravond zijn ook de overige uitkomsten van het Schevenings Beraad bekrachtigd. Het gaat daarbij onder meer om de afspraak dat de scholen in het voortgezet onderwijs vanaf 1996 één budget zal krijgen voor zowel materiële als personele uitgaven, dat door de school naar eigen goeddunken kan worden besteed. Voor het basisonderwijs geldt dit vanaf 1998. Ook werd afgesproken dat de arbeidsvoorwaarden niet langer alle op landelijk niveau zullen worden vastgesteld.

Scholen mogen in beroep gaan tegen beslissingen gemeente