Flor dirigeert fenomenaal

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Claus Peter Flor, m.m.v. Leo van Doeselaar, orgel. Programma: Janacek: Taras Bulba. Poulenc: Orgelconcert. Sjostakowitsj: Negende Symfonie. Gehoord: 4-11 Concertgebouw Amsterdam. Herhaling: 5-4. Radio-uitz.: 10-11 Radio 4

Janaceks Taras Bulba is een ode aan de onoverwinnelijkheid van het Russische volk. Deze driedelige orkestrapsodie heeft de strijd van de Oekraïners tegen de Poolse overheersing in de zestiende en de zeventiende eeuw tot onderwerp. Zowel Taras Bulba als zijn zonen komen om het leven. Maar vanaf de brandstapel ziet Taras Bulba nog net hoe zijn mannen door een sprong in de rivier de Dnjestr aan de Polen ontkomen. Moraal van het verhaal: niets kan de kracht van het Russische volk vernietigen.

Wanneer dirigent Claus Peter Flor destijds de oorlog tegen de Polen had moeten aanvoeren, waren vermoedelijk niet de Russen maar de Polen op de vlucht geslagen. Want de uit Leipzig afkomstige Flor is een geboren generaal, die zijn mannen zonder omhaal van woorden of gebaren precies datgene laat doen wat hem voor ogen staat. Met liefde, want Flors autoriteit is gebaseerd op inzicht, vakmanschap en aanstekelijke passie.

Flor dirigeert op het scherp van de snede. Zijn vitale interpretaties zijn fenomenaal van spanningsopbouw, optimaal geconcentreerd en genuanceerd van frasering, verzengend sonoor van klank, en helder als kristal. Maar daarnaast geeft hij de muziek ook een fascinerende, samengebalde innerlijke lading mee, waardoor zelfs de meest bekende werken weer een verrassende uitstraling krijgen. Zo leverden de musici van het Koninklijk Concertgebouworkest onder Flors leiding een strijd op leven en dood in Janaceks Taras Bulba, die steeds werd onderbroken door broze momenten van twijfel en weemoed. Juist dat op de spits gedreven contrast tussen pathetische en lyrische passages, maakte ook Flors vertolking van de Negende Symfonie van Sjostakowitsj tot een adembenemend avontuur. Met duizelingwekkende vaart zette Flor de scherzo-achtige delen van deze symfonie uiteen, waarbij hij de musici inspireerde tot opperste concentratie en een magistrale intensiteit. Het Moderato klonk als een devote klaagzang, terwijl het Largo met zijn door Brian Pollard aangrijpend vertolkte fagotsolo's met een onderstroom van rauwe emoties werd verklankt.

Meer scherts was te vinden in de uitvoering van Poulencs zevendelige Orgelconcert, originele muziek die smaakvol het midden houdt tussen kunst en kitsch. Geestdriftig demonstreerde organist Leo van Doeselaar hierin de souplesse en de schier onuitputtelijke klankmogelijkheden van het sinds kort gerestaureerde Maarschalkerweerdorgel.

    • Wenneke Savenije