Top-politicus zou betrokken zijn bij Japans schandaal

TOKIO, 5 NOV. Ichiro Ozawa, de architect van het kabinet van premier Morihiro Hosokawa, is vandaag beschuldigd van betrokkenheid bij het almaar groter wordende bouwschandaal in Japan, dat intussen al tot dertig arrestaties heeft geleid.

De Japanse krant Asahi Shimbun meldde vanmorgen dat Ozawa al enige tijd in het geheim 10 miljoen yen per jaar krijgt toegestopt van Kajima, een van de grootste Japanse bouwconcerns. De Asahi beriep zich op bronnen bij het bouwbedrijf. Tegenover het persbureau Kyodo vertelde Ozawa dat hij inderdaad geld ontving van Kajima, maar dat de giften legaal waren. Hij ontkende betrokkenheid bij het schandaal.

Volgens de krant zou de vorige maand gearresteerde eerste vice-president van Kajima, Shinji Kiyoyama, openbare aanklagers hebben verteld dat hij in de afgelopen drie tot vier jaar Ozawa elk half jaar, in de zomer en in de winter, een bedrag van vijf miljoen yen gaf. Het wettelijke maximum dat een individu of een bedrijf aan een politicus mag geven is 1,5 miljoen yen per jaar.

Het Openbaar Ministerie wilde vandaag geen commentaar geven op het krantebericht, hoewel bronnen bij Justitie tegenover de krant bevestigden dat het bericht juist was. Mocht het schandaal Ozawa de kop kosten, dan is het volgens waarnemers gedaan met het kabinet-Hosokawa en gaat Japan hoogst turbulente politieke tijden tegemoet.

Tot nu toe zijn nationale politici buiten geschot gebleven in het schandaal, dat tot de arrestaties heeft geleid van twee gouverneurs, twee burgemeesters van grote steden en een reeks topfunctionarissen van de grootste Japanse bouwconcerns. Daarbij ging het telkens om steekpenningen van de bouwbedrijven aan de politici, teneinde opdrachten voor publieke werken in de wacht te slepen. Onder invloed van het schandaal zijn de bouworders voor openbare werken de afgelopen maanden met tientallen procenten gekelderd en heeft het aanvankelijk prille herstel van de economie grote tegenslag ondervonden.

Volgens de Japanse media heeft bouwconcern Kajima de afgelopen jaren drie miljard yen aan illegale donaties verstrekt aan politici. Het bedrijf wordt er door Justitie van beschuldigd dat het eerder dit jaar documenten heeft vernietigd, die belangrijk bewijsmateriaal bevatten voor illegale giften aan nationale politici.

Hoewel heel Japan weet dat de bouwconcerns jarenlang de huisbankier waren van de LDP en daarbij veel geld onder de tafel ging, heeft justitie pas met de val vorig jaar van de de facto leider van de partij, Shin Kanemaru, grootscheeps de jacht geopend op fraudeurs. Ozawa was destijds de beschermeling van Kanemaru, waarna hij ten slotte een eind maakte aan 38 jaar regeringsmacht van de LDP.

Als Ozawa in strijd met de wet heeft gehandeld, kan hij volgens waarnemers de dans ontspringen indien hij kan aantonen dat verscheidene van zijn fondsorganisaties het geld separaat ontvingen. Het wettelijke maximum van 1,5 miljoen yen per jaar aan giften geldt namelijk niet voor politieke partijen of fondsorganisaties. In de politieke hervormingsplannen van het kabinet-Hosokawa blijft dat zo en worden strask alleen giften aan individuele politici verboden.