Sociaal akkoord: lonen bijna nul; Werkgevers en werknemers eisen van De Vries intrekking loonmaatregel

DEN HAAG, 5 NOV. Een nieuwe koers in de Nederlandse arbeidsverhoudingen. De voorzitters van de vakcentrales en de werkgeversorganisaties konden het belang van het sociaal akkoord gisteravond niet genoeg onderstrepen. De gebroedelijke sfeer moest signalen afgeven. Richting kabinet dat de overlegeconomie nog springlevend is, richting achterban dat de sociale partners elkaar vertrouwen.

Voorzichtig durfde directeur sociale zaken N. van Kesteren van het NCW gisteravond een vergelijking te maken met het centraal akkoord uit 1982, beter bekend als het akkoord van Wassenaar. De huidige aanbeveling luidt immers ook de noodklok over de economische situatie en legt sterke nadruk op loonmatiging en werkgelegenheid.

Met het sociaal pact hopen werkgevers en werknemers dat minister De Vries (sociale zaken en werkgelegenheid) zijn loonmaatregel intrekt. En hoewel de bewindsman niet precies krijgt wat hij heeft gevraagd, is die kans groot. De Vries verwachtte van de sociale partners een “adequate reactie” op de sombere ontwikkelingen en vooruitzichten in de economie. Die prognoses dwongen de lonen tot een “nullijn”, stelt de bewindsman.

In de aanbevelingen van de Stichting van de Arbeid, waarin werkgevers en werknemers zijn vertegenwoordigd, is nu vastgesteld dat de ruimte voor loonstijgingen in de CAO's in de meeste bedrijven “uiterst beperkt en soms zelfs nul” zal zijn. Bovendien bevelen de sociale partners aan eventuele financiële ruimte in de bedrijven anders te gebruiken dan voor loonsverhoging; namelijk voor werkgelegenheid.

Dat laatste zal de minister als muziek in de oren klinken, want daar was het allemaal om begonnen. Feitelijk komen de aanbevelingen van de sociale partners zeer dicht in de buurt van de nullijn die De Vries wenste. Het ligt dan ook voor de hand dat de minister de sociale partners vanavond laat weten dat nu ook wat hem betreft de loonmaatregel van de baan is.

Zeker is dat De Vries van een beetje loonsverhoging minder wakker ligt, nu zijn collega Dales van binnenlandse zaken al een principe-akkoord met de ambtenaren heeft bereikt, die zich in het verleden juist spiegelden aan de trend in het bedrijfsleven. Een tegenvaller voor de rijksbegroting - doordat ambtenaren een hoger salaris krijgen dan begroot - kan zich in dit opzicht nu niet voordoen.

Maar de sociale partners eisen meer. FNV-voorzitter J. Stekelenburg liet gisteravond weten dat De Vries andere maatregelen als het intrekken van het Algemeen Verbindend Verklaren - het instrument waarmee de minister alsnog invloed kan uitoefenen op de loonvorming - het intrekken van de preventieve toetsing bij ontslag en het afschaffen van een vergunningstelsel voor uitzendbureau's ook moet laten vallen. Anders, vreest collega A. Westerlaken van het CNV, zullen de vakbonden hun energie gebruiken om deze ingrepen in het CAO-overleg ongedaan te maken.

De grote vraag is hoe de vakbonden en de werkgevers straks aan de onderhandelingstafel met het akkoord zullen omgaan. Want de èchte afspraken, zo onderstreepten de voorzitters gisteravond, moeten in de bedrijven worden gemaakt. En dus moeten de vakbonden en de werkgevers zich straks buigen over de 'agenda voor het CAO-overleg 1994 in het perspectief van de middellange termijn', zoals de principe-overeenkomst voluit heet.

Het ruim baan geven aan de decentrale onderhandelaars heeft gevolgen voor de tekst van het akkoord. Het noemen van getallen en percentages is uit den boze - de 'nullijn' wordt nergens genoemd - en de knelpunten zijn met de nodige voorzichtigheid omgeven. Over het openbreken van meerjarige CAO's die voor volgend jaar een loonsverhoging bevatten, zeggen de voorzitters: “Betrokken CAO-partijen zouden moeten nagaan of alsnog in onderling overleg kan worden gekomen tot andersoortige afspraken”. Met een dergelijke aanbeveling kan men in de bouw en bij de PTT, waar respectievelijk loonsverhogingen van prijscompensatie plus een 0,5 procent en 2,5 procent zijn afgesproken, alle kanten op.

Daarom is interessant is op welke wijze de minister straks zal omgaan met het algemeen verbindend verklaren (AVV) van CAO's. In de ministerraad stond daarover vandaag een discussie op de agenda. Als hij een CAO niet algemeen verbindend verklaart - een uiterst zeldzaam verschijnsel tot nu toe - gelden de afspraken daarin niet voor de bedrijven die niet tot de ondertekenaars behoren.

Het sociaal akkoord in zijn huidige vorm lijkt vooral een ondersteuning voor de werkgevers. Bij de ontwikkeling van de loonkosten moet rekening worden gehouden met de rendements- en concurrentiepositie van de onderneming of de bedrijfstak. Na vier vette jaren moet de vakbeweging nu danig inbinden. De tijden dat de werknemers in de metaalnijverheid een loonsverhoging van 4,75 procent ontvingen, zijn voorlopig voorbij.