VN bekijken 'gifgasaanval' Irak

NEW YORK, 4 NOV. De Verenigde Naties stellen een onderzoek in naar mogelijk gebruik van chemische wapens door het Iraakse leger tegen shi'itische rebellen in de Zuidiraakse moerassen.

Een in Iran gevestigde Iraakse oppositiegroep, de Opperste Assemblée voor de Islamitische Revolutie in Irak, verklaarde vorige maand dat honderden, misschien zelfs duizenden mensen waren gedood of gewond bij een Iraakse chemische aanval. Een Britse arts bevestigde de aanval later, maar andere zegslieden uitten twijfel aan het bericht. Irak zelf ontkende in alle toonaarden gifgas te hebben gebruikt.

Volgens een woordvoerder van de Speciale VN-commissie die toeziet op de eliminatie van Iraks massa-vernietigingswapens, zijn de VN begonnen gegevens te verzamelen over de toestand in het zuiden van Irak via gesprekken met getuigen en inlichtingendiensten. De Commissie overweegt om daarnaast chemische-wapenspecialisten naar het gebied te sturen om de beschuldigingen ter plaatse te onderzoeken.

De Iraakse strijdkrachten hebben tijdens de oorlog tegen Iran (1980-88) chemische wapens gebruikt tegen het Iraanse leger, en in die tijd en daarna ook de eigen Koerdische bevolking met gifgas bestookt. De inspectiemissies van de Speciale Commissie die in 1991 na het bestand in de oorlog om Koeweit aan het werk zijn gegaan om de Iraakse chemische, biologische en nucleaire wapens te elimineren, hebben dezer dagen juist gerapporteerd dat zij hun taak zo goed als hebben volbracht. Als de beschuldigingen van de oppositie op waarheid blijken te berusten, moeten de inspecteurs een voorraad chemische wapens over het hoofd hebben gezien.

Dat zou ook betekenen dat Bagdad alle kans verliest op een snelle opheffing van de economische sancties van de VN, waarvoor het sinds enkele maanden uit alle macht campagne voert. Over tien dagen hervatten Irak en de VN onderhandelingen op hoog niveau over lange-termijncontrole op het Iraakse wapenprogramma, in principe een van de laatste kwesties die nog moeten worden geregeld. (Reuter, AP)