Stormvaste punaise bij eerste zeetje aangespoeld

Voor de kust bij Bloemendaal is een wel zeer merkwaardig vrachtje aangespoeld. Het gaat om een aan de TU-Delft ontwikkeld baggerwerktuig in de vorm van een soort reuzenpunaise, die zojuist door Rijkswaterstaat in gebruik was genomen om zandsuppleties uit te voeren. Het baggerwerktuig is zo ontworpen dat het zich onder water stevig vastboort in de zeebodem, zodat het werk ook bij slecht weer kan door gaan.

Jammer genoeg sloeg de punaise al bij de eerste harde wind van zijn ankers los, waarna hij op het strand liep. Het Rotterdamse bergingsbedrijf Smit Marine heeft hem bij hoog water weer vlot getrokken. Volgens de Haarlemse aannemer J.G. Nelis, die de zandsuppleties uitvoert, is bij de te waterlating door nog onbekende oorzaak water in een stroomkabel gekomen, zodat de stroom uitviel en de punaise onbestuurbaar werd. Als deze kabel vervangen is, wil men gewoon weer aan het werk, aanpassingen aan het ontwerp zelf zouden niet nodig zijn.

Traditioneel wordt het zand naar het strand aangevoerd via een zinkerleiding op de zeebodem, die op enige afstand van de kust overgaat in een drijvende leiding. Aan die drijvende leiding koppelt een sleephopperzuiger vast, die het zand van elders heeft opgezogen. Bij ruwe zee echter kan de sleephopperzuiger moeilijk aan de drijvende leiding aankoppelen, zodat het werk stilvalt.

Het alternatieve baggerwerktuig weegt 95 ton en zit op ongeveer een kilometer afstand van de kust op de zeebodem. Het ontwerp is in de jaren tachtig bedacht door ing. J. Brouwer en ir. R. van Berk van de TU-Delft, die er patent op aanvroegen en gebouwd door de firma De Groot uit Nijkerk.

De reuzenpunaise heeft wel wat weg van een onderzeeër. Hij is uitgerust met sensoren, ballasttanks, pompen en regelsystemen, zodat hij volkomen in balans min of meer op eigen houtje naar de juiste plaats kan afzinken. De punaise is aan de onderzijde voorzien van een buis. Op de zeebodem graaft hij zich in door aan de onderkant van die buis met behulp van waterinjektie zand nat te maken en weg te zuigen. Halverwege de buis zijn inlaten aangebracht om zand in te nemen. Door deze werkwijze raakt de punaise stevig in de zeebodem verankerd. Bovendien ontstaat zo rond het baggerapparaat een kuil, de winput, die steeds wordt volgestort met zand. In dit geval haalt de sleephopper het uit de IJgeul voor de kust van IJmuiden. De punaise zuigt het gestorte zand op en pompt het naar het strand om het als suppletiezand te gebruiken.

Voordeel van de nieuwe methode is, da de zinkerleiding nergens hoeft te drijven. De zuigers hoeven alleen hun lading maar in de kuil te storten, wat ook bij vrij slecht weer nog mogelijk blijft. De punaise word via een kabel bestuurd vanaf een hefeiland, waar zich de energievoorzieningen en de computerruimte bevinden.

Opdrachtgever Rijkswaterstaat wil op deze manier 500.000 kubieke meter zand toevoegen aan de stranden bij Bloemendaal en Zandvoort, respectievelijk 2500 en 1000 meer lang. Het werk moet eind dit jaar voltooid zijn, er is vijf miljoen gulden mee gemoeid. (PolyTechnisch Weekblad, 29 okt.)