Kinderleukemie rond Tsjernobyl blijkt niet verhoogd

Sinds het ongeval met de kerncentrale in Tsjernobyl in 1986 is de door sommigen voorspelde toename van leukemiegevallen bij kinderen uitgebleven. Dat concluderen vier medewerkers van het Onderzoeksinstituut voor Hematologie en Bloedtransfusie in het Wit-Russische Minsk in een brief aan het wetenschappelijke tijdschrift Nature (vol. 365, p. 702).

Van alle soorten kanker ten gevolge van blootstelling aan nucleaire straling heeft de bloedkanker leukemie bij kinderen de kortste latentietijd, hetgeen inhoudt dat men bevolkingseffecten al binnen een jaar of vijf kan verwachten. Uit de gezondheidsregistratiecijfers van de Republiek Wit-Rusland van de periode 1986 to 1991 blijkt echter allerminst een toename.

In Wit-Rusland werden destijds 2,3 miljoen inwoners van Wit-Rusland radioactief besmet, waaronder ongeveer 400.000 kinderen in de leeftijd van 0 tot 14 jaar. Een deel van deze kinderen liep stralinsgdoses op tot zo'n 50 à 60 millisievert. De registratie van bloedkankers bij kinderen wordt uitgevoerd door het Republieksregistratiebureau van Bloedziekten in Wit-Rusland. Deze instantie bestrijkt de hele republiek en ontvangt gegevens over alle gevallen van kinderleukemie van de hematologische en kankerklinieken en -afdelingen in het land. De registratie, zo melden de vier briefschrijvers, voldoet aan de internationale normen van kankerregistratie.

De vier auteurs presenteren een tabel waarin een vergelijking wordt gemaakt tussen het voorkomen van kinderleukemie in de leeftijdscategorie van 0 tot 14 jaar in de Wit-Russische Republiek in de periode 1979-1985, dus voorafgaande aan het ongeval, en de periode 1986-1991 erna. Het aantal gevallen in de periode na het ongeluk (41,3 per miljoen inwoners per jaar) blijkt niet significant hoger dan dat in de periode ervoor (40,7 miljoen per miljoen inwoners per jaar).

Ook tussen de verschillende deelgebieden van de republiek zijn geen significante verschillen te ontwaren. In sommige regio's (zoals bijvoorbeeld Gomel en Mogilev) was de besmetting destijds veel ernstiger dan elders, en toch is ook daar de kinderleukemie niet toegenomen. De leukemie-incidentie in deze regio's na Tsjernobyl was zelfs iets lager dan in de gebieden die minder ernstig waren besmet.

Volgens de vier briefschrijvers laten de cijfers duidelijk zien dat het voorspelde leukemie-effect tot nog toe is uitgebleven. Ze tekenen hier echter bij aan dat verdere registratie de komende jaren wenselijk blijft, omdat er om onbekende redenen sprake zou kunnen zijn van een langere latentietijd dan gebruikelijk.