HONDERD GULDEN DISKREDIET

In een land zonder kerken kom je op zondagmorgen weinig kerkgangers tegen. Dat zou een aanleiding kunnen zijn voor de Tilburgse universiteit om een onderzoek in te stellen. Het onderzoek zou dan uitwijzen dat er in dat land weinig behoefte bestaat aan de verkwikkingen van een zondagse preek.

Zo ongeveer ging het met het onderzoek naar de behoefte aan technici in Nederland. In een nog vertrouwelijk rapport van M. Vermeulen - uitgelekt naar het Financieele Dagblad - staat te lezen dat er geen tekort aan technici is en dat er ook in de toekomst geen tekort zal zijn. Maar in het Tilburgse onderzoek is alleen gekeken naar vraag en aanbod van technici. Dat zegt niet wat er echt nodig is. Het zegt alleen wat bepaalde mensen ervan denken. En die mensen kunnen het bij het verkeerde eind hebben.

De uitkomst van het onderzoek is relevant voor werkzoekende pas afgestudeerden. Dat is geen bagatel. Jammer genoeg is het misschien ook van belang voor toekomstig afgestudeerden. Maar het is irrelevant voor de vraag hoeveel technici en bèta's er echt nodig zijn.

Waarom is dat zo? Het onderzoek negeert het probleem dat overheid en bedrijven de verkeerde mensen in dienst nemen. Verkeerd, omdat de recrutering gericht is op het elimineren van de huidige management problemen en niet op het innovatieve vermogen, d.w.z. de ontwikkeling en verovering van nieuwe markten in de toekomst. Met alle respect voor socio-experts als accountants, juristen, economen en bestuurskundigen, zij zijn niet het genus van de produkt- en procesvernieuwing, of van de bewaking van de kwaliteit van de produkten. Wij kunnen niet zonder hen, maar zij zijn niet meer dan de noodzakelijke 'overhead' op de werkelijke producenten: de technici.

Ernstige crisis

Arie van de Zwan verkondigde in een interview met deze krant op 20 oktober dat Europa in een ernstige crisis verkeert. Er zijn structurele problemen die de stabiliteit ondermijnen. Het bedrijfsleven gebruikt een land als het onze als melkkoe en de winsten worden elders geïnvesteerd. Groei vindt alleen nog plaats door aankoop van bedrijven, voornamelijk elders - die dus al bestonden - terwijl er juist diepte-investeringen, hier, nodig zijn. Hij pleit zelfs voor protectionisme tegen oneerlijke concurrentie: 'Protectionisme is tijdelijk nodig. Die tijd moet gebruikt worden om ons aan te passen'. Maar - en daar gaat het mij om - hoe wij ons op den duur weer zelf sterk kunnen maken staat niet in het artikel.

De laatste tijd hoor ik voortdurend van leiders van de industriële research dat de invloed van de technici op de leiding van de bedrijven afneemt. Technici worden uit de top van bedrijven verdrongen ten faveure van socio-experts. De laatsten zijn ongetwijfeld vaak goede strategen, vak- en kooplui, maar zij zijn zich nauwelijks bewust van wat er geproduceerd wordt, laat staan van wat er in de toekomst geproduceerd moet en kan worden.

In Japan - 3,6 bèta's per duizend inwoners - is het aantal technici in de top van het bedrijfsleven veel groter dan hier. Vaak zijn technici er zelfs in de meerderheid. In Europa is dat cijfer 1,7. In directies zijn technici in de minderheid en ontbreken niet zelden geheel.

Hier ligt volgens mij de sleutel van het probleem waardoor Europa achterop raakt. Net als in de 18e eeuw zijn we couponknippers geworden, centenschuivers die het veroveren van nieuwe markten aan anderen overlaten. Dat aspect zou eens onderwerp van een Tilburgse studie moeten worden!

Het incident met het nieuwe bankbiljet van honderd gulden is een mooi voorbeeld van gebrek aan technische visie. Toen het prachtige nieuwe biljet van ƒ 250 verscheen, bevond ons land zich in de industriële wereld vooraan bij het vervaardigen van topkwaliteit bankbiljetten. Die goede naam heeft met het honderd gulden biljet een geduchte knauw gekregen. Een deel van de inkt laat los in koud water!

Hoe zo geblunderd kon worden is niet gemakkelijk te achterhalen. De Nederlandsche Bank handhaaft om veiligheidsredenen een rigide geheimhouding rond de vervaardiging en inspectie van bankbiljetten. Dat is aan de ene kant wel goed, maar geheimhouding kan ook gebruikt worden om de buitenwereld omtrent interne problemen in het ongewisse te laten. Een snel onderzoek bevestigde mijn vermoeden. In de hele directie van de Nederlandsche Bank zoek je tevergeefs naar een techneut. Zelfs bij de onderdirecteuren vind je alleen maar socio-expertise.

Het facilitaire gedeelte van de Bank is een uitermate 'high tech' bedrijf. Alleen al voor de aanmaak van bankbiljetten wordt jaarlijks 50 miljoen uitgegeven. Volgens bankpresident, Duisenberg, kost een nieuw biljet een kwartje, dus 200 miljoen nieuwe biljetten per jaar. M.i. is dat nog maar een fractie van het aantal biljetten dat jaarlijks door de Bank volautomatisch wordt geïnspecteerd. Het is dus een majeur high tech bedrijf, maar het wordt geleid door mensen die niet voor hun taak berekend zijn - het bewijs zit in mijn binnenzak.

Het jaarverslag van de Bank is traditioneel duister over zijn technische poot. Ook de commissarissen, die de directie controleren, zijn louter socio-experts. Kortgeleden vertrokken de ingenieurs Van Wachem en Oele en sindsdien is het in die regionen ook al een technische woestijn.

Hoe het ook zij, de Nederlandsche Bank heeft het technologisch image van ons land een gevoelige slag toegebracht als gevolg van onvoldoende invloed van de techniek op de leiding. In hoeverre dat onze kansen op het aantrekken van de Europese centrale bank naar Amsterdam nadelig heeft beïnvloed, kan ik niet schatten. Maar helpen zal het zeker niet.

Rimboe

Er zijn veel meer technici en natuurwetenschappers nodig dan overheid en bedrijven blijkens het Tilburgse onderzoek beseffen. Net zo min als je bosjesmannen in de rimboe moet vragen of ze niet vinden dat er een tekort aan systeem-ingenieurs dreigt, zo min moet je personeelschefs vragen hoeveel technici er over enige jaren nodig zijn.

De wereld technificeert als maar meer. En als je de nieuwste techniek niet beheerst, kun je niet alleen op den duur niet meer met de produktie meedoen, nee, je kunt zelfs niet eens meer in die produkten handelen! Afnemers van high tech produkten hebben immers technisch geavanceerde instructie, service en vervolgontwikkeling nodig. Als je niet in staat bent die te geven, zoeken ze andere leveranciers.

Van der Zwan heeft ongetwijfeld de vinger op de zere plek gelegd. Maar wat in zijn analyse ontbreekt, is de erkenning dat de kracht van de zelfscheppende onderneming gelegen is in de bekwaamheid en de visie van zijn technici, uiteraard in goede samenspraak met de commerciële bedrijfleiding. Alleen daarmee kan een goede lange termijn strategie worden ontwikkeld.

    • Kees Le Pair