Eerste opnamen van planetoïde Ida

Op 28 augustus vloog de Amerikaanse ruimtesonde Galileo op een afstand van 2400 kilometer langs planetoïde Ida. Het belangrijkste doel van deze nauwe passage was het maken van detailopnamen van deze planetoïde, die in 1884 door een Weens astronoom werd ontdekt. Ida behoort tot de grote schare van objecten die achterbleven na het ontstaan van de planeten, ongeveer 4,5 miljard jaar geleden. Deze kosmische steenklompen, waarvan de diameter uiteenloopt van enkele meters tot honderden kilometers, draaien gewoonlijk in banen tussen die van Mars en Jupiter rond de zon.

De hier afgebeelde opname van Ida is samengesteld uit vijf verschillende opnamen. Zij werden gemaakt op afstanden tussen 3821 en 3057 km, ruim drie minuten voordat Galileo met een snelheid van 12,4 km per seconde langs de planetoïde scheerde. De beelden werden aan boord van de ruimtesonde eerst op magneetband vastgelegd, om naderhand in een tergend traag tempo naar de aarde te worden gezonden. Dit trage tempo, slechts 40 bits per seconde, is te wijten aan het feit dat de hoofdantenne van de ruimtesonde na de lancering niet kon worden uitgeklapt, zodat men bij het zenden gebruik moet maken van een kleine hulpantenne.

Ida is de tweede planetoïde die van nabij door een ruimtesonde is gefotografeerd. De eerste was Gaspra, die op 29 oktober 1991 door eveneens Galileo werd gepasseerd. Ida heeft evenals Gaspra een aardappelvorm en is vermoedelijk eveneens een fragment van een veel grotere planetoïde, daarvan afgeslagen tijdens een van de onderlinge botsingen tussen planetoïden. Met zijn lange as van 52 km is Ida meer dan tweemaal zo groot als Gaspra. Op Ida komen ook grotere inslagkraters voor. Te oordelen naar hun aantal en vorm zou Ida als zelfstandig fragment een stuk ouder moeten zijn dan Gaspra.

De astronomen zijn zeer enthousiast over het grote aantal details dat aan het oppervlak van de steenklomp is te zien. Op de oorspronkelijke beelden kan men bij sommige inslagkraters zelfs afzonderlijke rotsblokken zien liggen. De kleinste details die men op Ida kan onderscheiden hebben een diameter van ongeveer 31 meter. In totaal heeft Galileo tijdens zijn scheervlucht langs Ida 150 opnamen gemaakt. Deze eveneens aan boord vastgelegde beelden zullen echter pas vanaf april volgend jaar naar de aarde worden gezonden. Evenals bij Gaspra zullen die opnamen in een film achter elkaar worden gemonteerd, zodat men de aswenteling van de planetoïde kan zien. De rotatietijd van Ida bedraagt 4,65 dagen.

Het uiteindelijke doel van de ruimtesonde Galileo is de reuzenplaneet Jupiter, die begin december 1995 wordt bereikt. Door het antenneprobleem zullen er echter veel minder beelden en metingen van Jupiter en zijn satellieten naar de aarde kunnen worden gezonden dan waarop men had gehoopt.

    • George Beekman