De markt te snel af

Wie zou niet willen weten hoe hoog volgende week donderdag de dollar staat? Of wat de koers van Unilever over twee weken is? Met die wetenschap valt immers veel geld te verdienen. Wie honderd procent zeker weet dat de dollar over een week een dubbeltje duurder is dan vandaag, koopt vandaag een vracht dollars en incasseert volgende week een vette koerswinst. Jammer, die zekerheid is er niet. Te veel grillige, onvoorspelbare factoren spelen een rol bij de totstandkoming van zo'n koers.

De dollarkoers is op elk moment het resultaat van de vraag en het aanbod van miljoenen mensen over de hele wereld. De dollarmarkt bestaat eigenlijk uit een grote massa beeldschermen en telefoonlijnen die met elkaar in verbinding staan. Het is een van de fraaiste voorbeelden van wat economen volkomen concurrentie (perfect competition) noemen. Heel veel vragers en aanbieders op een volkomen markt. 'Volkomen' wil zeggen dat er een homogeen goed wordt verhandeld: een dollar is een dollar. En dat de markt transparant is: alle kopers en verkopers zijn volledig op de hoogte van wat er op de markt aan de hand is. Bovendien is de toetreding vrij: iedere burger kan op elk moment z'n bank bellen en dollars verkopen. Heel iets anders dus dan de markt voor waspoeders of automobielen. Om in die markten te stappen zijn grote deskundigheid en investeringen van miljarden nodig.

Op zo'n perfect werkende markt kan op elk moment maar één dollarprijs bestaan. Als in Hongkong de dollar ook maar tweetiende cent goedkoper is dan in Londen, dan zijn valutahandelaren er als de kippen bij om in Hongkong dollars te kopen en die in Londen te verkopen. De handelaar verdient daarmee zijn boterham en hij trekt al doende het tijdelijke koersverschil tussen twee plaatsen recht. Heel even had hij een geografische informatievoorsprong op zijn collega's en daaruit wist hij munt te slaan.

Niet alleen op hetzelfde moment, maar ook in de loop van de tijd kunnen prijsverschillen bestaan. Zo zou je ook met een informatievoorsprong in de tijd geld kunnen verdienen. Soms bestaat zo'n voorsprong in kleine kring. De leiding van een beursgenoteerde onderneming kan weten hoe de beurs zal reageren als ze over drie dagen met slecht nieuws naar buiten moet komen. Tegen misbruik van dergelijke voorwetenschap wordt streng gewaakt. In het algemeen beschikken mensen niet over de profetische gaven die nodig zijn om toekomstige koersen foutloos te voorspellen.

Hoe komt de doorsnee financiële-marktanalist aan zijn beeld van de toekomstige ontwikkeling? In principe zijn er twee manieren: de fundamentele analyse en de technische analyse. Bij een fundamentele analyse van Unilever wordt gekeken naar economische, financiële en politieke factoren die van invloed zijn op de winstontwikkeling van dit concern. De technische analisten kijken niet naar het wel en wee van het concern maar naar de koersontwikkeling van het aandeel in de afgelopen tijd. Ze proberen in die koersontwikkeling verbanden te zien die houvast geven voor de toekomstige ontwikkeling. Daarmee onderzoeken ze dus in feite de manier waarop al die kopers en verkopers elke keer weer hebben gereageerd op informatie. Reacties die steeds opnieuw tot een koers leidden. De chartists (kaartlezers), zoals de technisch analisten wel worden genoemd, komen bijvoorbeeld tot de aanbeveling een aandeel te kopen op het moment dat de feitelijke koers het 12-maands voortschrijdend gemiddelde passeert. Fundamentalisten en kaartlezers ruziën wel eens wat over wie het bij het rechte eind heeft. De verstandige analist past overigens zowel de ene als de andere methode toe.

Maar heeft die analist nu ook iets aan de op deze manier verkregen informatie? De zogeheten theorie van de efficiënte markten heeft daarop een ontnuchterend antwoord: nee, je hebt er niets aan. Immers, als jij die informatie hebt, waarom zouden al die anderen hem dan niet ook hebben? De informatie is voor iedereen bereikbaar, iedereen handelt ernaar. En dus is alle informatie al in de prijs van het moment verwerkt. Het is daarom niet mogelijk voordeel te behalen uit een informatievoorsprong.

Intussen hebben twee Amerikaanse wetenschappers met behulp van nieuwe statistische technieken en veel computerkracht deze sombere uitkomst van de efficiënte-marktentheorie weerlegd. Ze hebben een paar van de meest populaire chart-technieken toegepast op 90 jaar gegevens van het Dow Jones-gemiddelde. Het opvolgen van de door de technieken gegeven koop- en verkoopsignalen gaf bevredigende resultaten. Het blijkt mogelijk met zeer krachtige computers als gereedschap in enorm uitgebreide gegevensbestanden toch systematische samenhangen en patronen te herkennen. Gezocht wordt naar momenten waarop de markten iets doen dat lijkt op wat ze al eerder deden. Vandaaruit wordt afgeleid wat hun volgende stap zal zijn. Dat klinkt simpel, maar de achterliggende technieken zijn geavanceerd.*

Enkele tientallen teams passen de nieuwe technieken al in de praktijk toe. In New York, Illinois, Londen en Zürich. Soms als zelfstandige adviseurs, soms als onderdeel van banken en beleggingsinstellingen. Over wat ze precies doen en over de resultaten wordt meestal geheimzinnig gedaan. Het gaat er immers om een voorsprong te houden.

Het zal nog wel even duren voordat de niet-professionele belegger met zijn PC zoveel giga-geheugen in huis heeft dat hij aan deze nieuwe ontwikkelingen kan meedoen. Al kun je tegenwoordig ook met dit soort uitspraken voor verrassingen komen te staan.

* Wie meer wil lezen over de hierbij toegepaste chaos-theorie, de theorie van fractals en de neurale netwerken, zij verwezen naar het Survey of the Frontiers of Finance; the Mathematics of Markets in The Economist van 9 oktober.

    • Rolf Schöndorff