Boris Jeltsin feitelijk gegijzeld door gedemoraliseerd leger

Een maand geleden sprak het leger in Moskou het beslissende woord in de politieke machtsstrijd. Rusland heeft sinds gisteren een militaire doctrine, maar of het beslissende woord van vorige maand tevens het laatste is geweest, blijft onduidelijk: het leger is gedemoraliseerd en vernederd en een vernederd leger is gevaarlijk.

In de tragische dagen van het gewapende conflict in Moskou zijn twee nieuwe krachten op het politieke toneel verschenen, die traditioneel beschouwd werden als nationale symbolen en alleen al daarom tot voor kort voor geen van de elkaar bestrijdende politieke groeperingen hadden gekozen: de Russisch-orthodoxe kerk en het Russische leger. Helaas is de bemiddelende rol van de eerste zonder succes gebleven en heeft de tweede het beslissende woord moeten spreken. Op klaarlichte dag is het wettig gekozen parlement met tanks en pantservoertuigen aan flarden geschoten, en dat in een land, waarvan de regering zichzelf beschouwt als geciviliseerd en Europees.

In de nieuwe politieke situatie zijn twee feiten zonneklaar. Ten eerste: het leger uit de kazernes halen is veel eenvoudiger dan het weer terugsturen. De politicus, die niet de krijgsgevangene van het parlement wilde worden, is de gijzelaar geworden van de mensen met de wapens, die hem gered hebben; het leger heeft in de Russische politiek een nieuwe positie ingenomen. Ten tweede: Jeltsin en zijn radicale omgeving worden lang niet door het hele leger onvoorwaardelijk gesteund.

Op de ochtend van 4 oktober, na lang aarzelen van de legerleiding, zijn een paar duizend man van de rond Moskou gestationeerde legeronderdelen de stad binnengevoerd. Maar als het conflict zich zou hebben uitgebreid tot buiten de grenzen van de hoofdstad, is het nog maar de vraag of de legercommandanten in alle regio's de bevelen van Jeltsin of van minister van defensie Pavel Gratsjov zouden hebben uitgevoerd. Het Russische leger heeft zijn beslissende woord in de politiek gesproken. Of het zijn laatste woord is geweest, zal de naaste toekomst uitwijzen.

De strategische kerntroepen van het Sovjet-leger waren in 1992 een van de laatste structuren van de al niet meer bestaande Sovjet-Unie, die de uiteengevallen staat moesten beschermen. Het uiteenvallen van het leger was echter een logisch gevolg van de vernietiging van de USSR. Met het vertrek, in juni 1993, van de laatste minister van defensie van de USSR, maarschalk Jevgeni Sjaposjnikov, en de overhaaste liquidatie van zijn functie als opperbevelhebber van de GOS-strijdkrachten, is een ding duidelijk geworden: een van de meest gevechtsklare legers ter wereld bestaat niet meer.

Het Russische leger bestaat uit de resten van het voormalige Sovjet-leger, waarvan de beste legeronderdelen volgens minister van defensie Pavel Gratsjov achtergebleven zijn in de andere republieken van de voormalige Sovjet-Unie. Over de kwaliteiten van de erfenis zei Gratsjov zeer pessimistisch: “Het zijn ruïnes en resten met een verstoord communicatiesysteem, bestuursapparaat en inlichtingendienst”.

Rusland heeft nog geen duidelijk nieuw concept van buitenlandse politiek. Het beschikt niet alleen niet over een normaal functionerende economie en een politieke machtsstructuur, maar ook niet over een systeem van ideologische waarden, onmisbaar voor een burgermaatschappij. De staat wordt niet alleen gekenmerkt door een diepe politieke en economische, maar ook een morele crisis.

Boris Jeltsin is nooit populair geweest bij de beroepsmilitairen. Om de stemmen der officieren te trekken voor zijn presidentsverkiezing was hij genoodzaakt een verbond te sluiten met Aleksandr Roetskoj. Eenmaal gekozen heeft hij geen haast gemaakt met de benoeming van een minister van defensie. Pas eind mei 1992 werd de 44-jarige generaal Pavel Gratsjov, oud-bevelhebber van de luchtlandingstroepen, aangesteld. Tijdens de staatsgreep van augustus 1991 werkte diezelfde Gratsjov in opdracht van KGB-chef Vladimir Krjoetsjkov een plan uit voor het invoeren van de uitzonderingstoestand. Later liep hij over naar Jeltsins zijde.

Vijf luitenant-generaals werden benoemd tot onderminister. Alle vijf waren jaargenoten op de Academie van de generale staf, die Gratsjov enige jaren later heeft doorlopen. Op één na hebben ze allemaal aan de oorlog in Afghanistan deelgenomen, wat hun de bijnaam het Afghaanse groepje heeft bezorgd. Dat het Afghaanse groepje de militaire macht heeft overgenomen betekent een generatiewisseling, want in de USSR was die tot voor kort in handen van de generatie van zeventigjarige generaals en maarschalken. Het Afghaanse groepje dankt zijn bliksemcarrière aan Jeltsin en is dus loyaal aan de president. Maar het controleert bij lange na niet het hele leger, dat steeds moeilijker bestuurbaar wordt.

De troepen, die de straten van Moskou bezetten, hebben in eerste instantie de persoonlijke machtsbasis van Boris Jeltsin veiliggesteld, en pas in de tweede plaats de rust van de burgers. De machteloosheid en de verwarring van de regering in de dagen van crisis hebben laten zien dat het leger in feite de enige staatsstructuur in Rusland is, die intact is gebleven. Maar op wie gaan de generaals hun kaarten zetten? De komende verkiezingen vinden plaats tegen de achtergrond van een zich verdiepende economische crisis en een toenemende politieke instabiliteit. In veel gebieden nemen de centrifugale krachten en het streven naar zelfstandigheid toe. De legeronderdelen, die in de verre uithoeken van Rusland zijn gestationeerd, zijn afhankelijk van de lokale autoriteiten. Meer dan het verre Moskou zijn die verantwoordleijk voor hun huisvesting, voeding etc. Toen de Oekraïne in 1992 de vorming van haar eigen leger aankondigde, hebben veel Russische officieren de nieuwe staat trouw gezworen. Anders waren zij immers niet alleen hun baan, maar ook hun woning kwijtgeraakt. Het uniforme Sovjet-leger is aldus uiteengevallen in de legers van een grote hoeveelheid soevereine staten. Hoeveel legers zullen er over een jaar op het grondgebied van Rusland bestaan?

Als Boris Jeltsin met steun van het leger de uitzonderingstoestand niet alleen in Moskou maar in het hele land zou hebben kunnen invoeren, had hij dat wel tijdens de crisis van december 1992 gedaan. Zijn dreigementen hingen niet in de lucht omdat hij hen niet wilde verwezenlijken, maar omdat hij dat niet kon. Volgens militaire sociologen daalt de populariteit van Jeltsin in het leger nog steeds. Meer dan 70 procent van de officieren is voor een regime van de harde hand, maar niet de harde hand van Jeltsin.

Toch is een georganiseerd optreden van de militairen tegen Jeltsin voorlopig onwaarschijnlijk. Hun politieke lot is te zeer verbonden met dat van de president, die niet zuinig is met privileges voor de generaals. De meerderheid van de officieren is gedemoraliseerd en wordt in beslag genomen door problemen van overleven.

Maar op de nachtelijke zitting van het college van het ministerie van defensie, die plaatsvond voor de bestorming van het parlement, is de beslissing over de inzet van troepen absoluut niet eenstemmig en pas na lange debatten genomen. Het leger heeft voorwaarden gesteld, die Jeltsin heeft moeten accepteren. Zal het leger zich beperken tot economische eisen? Behouden generaals, die hebben laten merken het niet eens te zijn met de president, hun post?

Een leger is een onmisbaar attribuut van een moderne staat, een garantie voor haar veiligheid. Volgens de wetten van het gezonde verstand moest het leger van de USSR omgevormd en ingekrompen worden. Maar de slinger van de geschiedenis is het gulden midden voorbijgeschoten. Een vernederd en slecht bestuurbaar leger, bewapend met modern wapentuig, is voor de wereld niet minder gevaarlijk. De belangrijkste opgave voor de nieuwe generatie politici is Rusland eindelijk ongevaarlijk maken voor zichzelf en voor de mensheid.

    • Vladimir Tsjebotarjov
    • Schrijver van 'Laat de Geschiedenis Oordelen'
    • over de Stalinterreur
    • Voormalig Dissident
    • Roj Medvedev
    • Andropov. de Tweede Auteur
    • Biografieën van Chroesjtsjov
    • Eerstgenoem