VS-hof beziet omstreden belasting

WASHINGTON, 2 NOV. Het Amerikaanse Hooggerechtshof heeft gisteren besloten zich te buigen over de vraag of Amerikaanse staten bij multinationale ondernemingen belasting mogen heffen op basis van hun wereldwijde in plaats van hun lokale inkomen. Het hof maakte gisteren bekend twee Britse ondernemingen en het Amerikaan Colgate-Palmolive te zullen horen. Zij maken bezwaren tegen de zogenoemde 'unitary tax' in Californië, omdat deze in strijd zou zijn met de federale grondwet.

Het Hof had in 1983 uitgesproken dat inviduele Amerikaanse staten een 'unitary tax' mogen heffen bij Amerikaanse multinationals. Het besluit zich nu te buigen over een beroep van Colgate-Palmolive lijkt erop te wijzen dat het Hof de eerdere uitspraak wil herzien.

De uitspraak van 1983 liet de vraag open of staten een 'unitary tax' mogen heffen bij buitenlandse multinationals. Barclays Bank of California en Barclays Bank Internation hebben een zaak aangespannen tegen deze belasting in Californië. Volgens de ondernemingen is zij in strijd met de grondwet, omdat een deelstaat hiermee treedt in de bevoegdheid van de federale overheid buitenlandse handel te reguleren.

Verschillende landen, waaronder die van de EG, hebben gedreigd met vergeldingsmaatregelen. President Clinton had zich achter het Californische standpunt gesteld, dat de partijen niet door het hof zouden moeten worden gehoord. Washington is bezorgd dat Californië, dat financieel bijna bankroet is, vier miljard dollar aan inkomsten misloopt. Aan de andere kant wil zij andere landen ook niet tegen de haren instrijken. Californië heeft inmiddels de 'unitary tax' versoepeld. Een uitspraak van het hof wordt pas volgende zomer verwacht. (AP)