Verzet OR tegen verhuizing Carpac

ROTTERDAM, 2 NOV. Het besluit van het Zweedse autoconcern Volvo om Carpac, het distributiecentrum voor onderdelen van de kleinere Volvo-modellen, te verplaatsen van Born en Helmond naar Gotenburg levert nauwelijks extra besparingen op. Dat blijkt volgens de ondernemingsraad van Carpac uit een onderzoek dat in opdracht van de raad is verricht.

Omdat bedrijfseconomische redenen ontbreken, heeft de ondernemingsraad besloten een negatief advies uit te brengen aan de Zweedse directie. Dat heeft or-voorzitter J. van Rens vanmorgen bevestigd. Wanneer de Volvo-directie het advies naast zich neerlegt, zal de ondernemingsraad de zaak aankaarten bij de Nederlandse Ondernemingskamer. In eerste instantie probeert men via de raad van commissarissen, waarin ook een vertegenwoordiger van het ministerie van economische zaken zitting heeft, het besluit van de directie terug te draaien. De bonden en de or hebben weinig vertrouwen in de toezegging van Volvo dat er in Nederland 160 banen behouden zouden kunnen blijven.

Volvo wil het distributiecentrum, waar nu nog ruim 240 mensen werken, overplaatsen naar Zweden. Volgens het autoconcern levert dit een aanzienlijke besparing op. Ondernemingsraad en vakbonden zijn echter van mening dat de stap van Volvo vooral is ingegeven door de wens om werkgelegenheid in Gotenburg te behouden. Volgens FNV-bestuurder H. van Rees blijkt uit de berekeningen van een extern onderzoeksbureau dat binnen het Nederlandse distributiecentrum besparingen gerealiseerd kunnen worden van 18 miljoen gulden per jaar. “Een verhuizing naar Gotenburg levert een extra besparing op van 1,5 miljoen gulden maar vergt wel een investering van 8 miljoen. Dat betekent dat die investering pas na zes jaar is terugverdiend”, aldus Van Rees.