Vereniging wil keurmerk schooldecaan

ROTTERDAM, 2 NOV. Er moet een certificaat komen om de kwaliteit van schooldecanen te waarborgen. Wie dat keurmerk wil halen, moet een speciale opleiding volgen. Na het halen van het certificaat moet een decaan zich bovendien regelmatig bijscholen. Gecertificeerde decanen worden opgenomen in een landelijk register.

Dat is de kern van een initiatief van de Nederlandse Vereniging van Schooldekanen (NVS), dat ze binnenkort wil bespreken met het ministerie van onderwijs. Het ministerie vindt het initiatief “een goed idee”, aldus een woordvoerder. “We zullen kijken in hoeverre we het, bijvoorbeeld juridisch, kunnen ondersteunen.”

Het certificaat kan niet wettelijk worden opgelegd, maar de NVS hoopt dat scholen hun decanen zullen verplichten het te halen. De vereniging vermoedt dat zij dit onder druk van ouder- medezeggensraden zullen doen.

Leraren zouden een decanencertificaat kunnen krijgen na een speciale opleiding. Er bestaan nu al cursussen van 45 dagen, verspreid over twee jaar voor leerlingbegeleiding en schooldecanaat, aan vijf verschillende hogescholen. De meeste decanen hebben zo'n cursus wel gevolgd hebben. De NVS is echter ontevreden over de kwaliteit van deze opleidingen.

Als ze eenmaal gecertificeerd zijn, moeten decanen om de vijf jaar bewijzen dat ze een minimum aan na- en bijscholing hebben gevolgd. “Zo garandeer je ouders en leerlingen dat een decaan voldoende onderlegd is en erken je tegelijkertijd de functie”, aldus H.P.J. Op 't Veld, voorzitter van de decanenvereniging. “Er zijn nu scholen die maar wat doen. Die moeten een leraar nog wat uren geven, en maken hem dan decaan. Ze moeten iemand decaan maken die die naam ook daadwerkelijk verdient, maar daar wordt nu de hand mee gelicht.”

De vereniging - waarvan bijna alle van de ruim drieduizend decanen in het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs lid zijn - ijvert al tien jaar voor een formele erkenning van het decanaat. Het ministerie liet eerder weten niets te voelen voor een wettelijke regeling: scholen moeten zelf toezien op de kwaliteit van hun decanen. Wel zei de toenmalig staatssecretaris Wallage dat hij een initiatief voor een kwaliteitswaarmerk zou steunen.

De NVS heeft vergevorderde plannen om een contract te sluiten met het instituut voor toetsontwikkeling, Cito en met het Instituut voor Toegepaste Sociale Wetenschappen. Het laatste instituut, dat al verscheidene onderzoeken heeft gedaan naar studiekeuze en de rol van schooldecanen, is gevraagd een beroepsprofiel van de decaan op te stellen. Het Cito zal het systeem van certificaties uitwerken.

Voor de bij- en nascholing denkt de decanenvereniging aan studiedagen of cursussen, maar ook aan stages in bedrijven. Nu al organiseren hogescholen nascholingscursussen, net als de pedagogische centra en de NVS zelf. Zo organiseert de decanenvereniging, in samenwerking met het ministerie onderwijs, een cursus roldoorbrekend adviseren.

In het bedrijfsleven wordt positief gereageerd op het initiatief voor een certificaat. “Een soort rijbewijs voor decanen is een goed idee”, zegt P.A. Heij, hoofd van de afdeling arbeidsmarktverhoudingen van de werkgeversorganisatie FME en nauw betrokken bij de actie 'Kies techniek'.

Het schooldecanaat is 28 jaar geleden ingevoerd, maar werd ondanks aandringen van de NVS nooit een wettelijk erkende functie, zoals die van rector of conrector. Wel zijn scholen zijn sinds kort verplicht een decaan te hebben.

    • Birgit Donker