Terug naar Mozambique

Het was een parade van schamelheid. Oude matrassen, stoelen, zinkplaten daken, deuren, dozen, radio's, kippen - de oogst van tien jaar vluchtelingenkamp ging mee. Met hun enige bestaanszekerheid in overgewicht op hun rug of hoofd namen de Mozambikaanse vluchtelingen in Swaziland de trein huiswaarts.

Misschien staat hun huis er nog in Mozambique, het land dat ze jaren geleden ontvluchtten. Misschien leven familieleden of de buren nog - de burgeroorlog van vijftien jaar heeft naar schatting een miljoen mensen het leven gekost. Met die onzekerheden vertrokken de eerste 500 vluchtelingen vorige maand naar Mozambique in het kader van het repatriëringsplan van het Hoge Commissariaat voor de Vluchtelingen van de Verenigde Naties (UNHCR).

Nu de oorlog in Mozambique is afgelopen, worden plannen gemaakt om de 1,5 miljoen vluchtelingen uit de omringende landen (Malawi, Zimbabwe, Zambia, Swaziland, Tanzania en Zuid-Afrika) terug te brengen. In het kleine staatje Swaziland kregen 24.000 vluchtelingen de afgelopen tien jaar onderdak in twee kampen. In wekelijkse treinreizen worden ze nu naar Mozambique vervoerd.

In Swaziland laten de vluchtelingen een gemeenschap achter die zich met hulp van buitenlandse ontwikkelingsorganisaties en de VN een nieuw bestaan schiep. De kampen boden een redelijke infrastructuur en bovendien: vrede. In Mozambique onderhandelen de voormalige strijdende partijen Frelimo en Renamo moeizaam over de wederopbouw en over de verkiezingen in oktober 1994.

De reïntegratieprogramma's van de UNHCR zijn voor de teruggekeerde vluchtelingen een eerste stap tot een normaal leven. Ze krijgen onderricht over het gevaar van de landmijnen, waarmee Mozambique bezaaid ligt. Een gift van de VN moet de rest doen: met een zak maismeel en zaad om de eerste gewassen te planten gaan ze de broze vrede tegemoet.

    • Peter ter Horst