'School moet andere kleur kunnen krijgen'

DEN HAAG, 2 NOV. Scholen moeten makkelijker van levensbeschouwelijke 'kleur' kunnen veranderen en ouders moeten daar meer over te zeggen krijgen.

Die boodschap heeft een meerderheid van de Tweede Kamer gisteren gegeven aan minister Ritzen (onderwijs). Het CDA steunt een PvdA-motie van die strekking echter niet.

De Kamer vergaderde gisteren met de minister over een nieuw stelsel van stichtings- en opheffingsnormen voor basisscholen. Door het wetsvoorstel, waarmee de overheid naar grotere en bestuurlijk krachtiger basisscholen streeft, zullen zo'n duizend tot 1.400 kleine scholen in Nederland verdwijnen of opgaan in een fusie, zo'n 16 procent van het totaal, schatte Ritzen. De strengere normen moeten in 1997 van kracht worden.

In de PvdA-motie, mede-ondertekend door VVD, D66 en GroenLinks, wordt Ritzen gevraagd volgend jaar met een voorstel te komen waarmee “aanpassing van het scholenbestand aan de veranderende voorkeuren mogelijk” wordt. Uit een recente enquête is gebleken dat ouders vaak noodgedwongen hun kinderen naar een school van een andere richting sturen dan ze zouden willen. Er valt uit het onderzoek een gebrek aan openbaar onderwijs op te maken, vooral in de provincies Friesland, Limburg en Noord-Brabant. Onder alle scholen die door het voorliggende wetsvoorstel moeten verdwijnen, zou zo'n 42 procent openbare zijn.

Ook heeft de Kamer in ruime meerderheid gevraagd om een standpunt van het kabinet over de zogeheten samenwerkingsscholen, fusies van scholen op uiteenlopende levensbeschouwelijke grondslag. Die soort fusies wordt “belemmerd noch gestimuleerd” door het ministerie, aldus Ritzen.

Amendementen waarin Kamerleden versoepeling van de opheffingscriteria voorstelden, wilde Ritzen niet op voorhand overnemen. Hij ziet geen enkele financiële ruimte om meer scholen open te houden. De wet moet tweehonderd miljoen gulden opleveren, die ten goede komt aan de overblijvende scholen. Uit dat geld moeten zij ook wachtgelden betalen en extra kosten in de huisvesting van scholen. Volgens Ritzen moet minimaal 90 à 110 miljoen gulden vrij besteedbaar overblijven voor het onderwijs.