Kamerleden: globalisering bedreigt werk

DEN HAAG, 2 NOV. De internationalisering van de economie vormt volgens een meerderheid in de Tweede Kamer een serieuze bedreiging voor de werkgelegenheid in Nederland.

Dat blijkt uit de standpunten van de fractiewoordvoerders die vanavond met minister Andriessen (economische zaken) debateren over de begroting van economische zaken. Zij vinden dat het kabinet zich op korte termijn moet bezinnen over de uitbesteding van activiteiten door bedrijven naar zogeheten lage-lonen-landen.

Het Kamerlid Van Gelder (PvdA) wil dat Andriessen met een “opfrissing” komt van de sterkte/zwakte-analyses die het departement de afgelopen jaren heeft gemaakt. Volgens de PvdA-woordvoerder moeten in de “beleidsreactie” twee aspecten centraal staan, te weten de globalisering en de duurzaamheid van de economie. GroenLinks-woordvoerder Rosenmöller wil dat Economische Zaken Andriessen een studie gaat verrichten naar de werkgelegenheidsperspectieven van de milieusector in Nederland.

Alle fractiewoordvoerders keren zich tegen elke vorm van protectie van de Nederlandse en/of EG-markt als reactie op de globalisering. Afgelopen zomer maakte de KLM bijvoorbeeld bekend dat de mogelijkheden worden onderzocht om de administratie en automatisering over te hevelen naar India.

De Kamerleden tonen zich bezorgd over de verslechtering van de economie en het Kamerlid Tommel (D66) vind dat het kabinet “passief” reageert op de toename van de werkloosheid met 8000 personen per maand. De fractiewoordvoerders waren unaniem in het oordeel dat een matiging van de loonkosten geen voldoende voorwaarde is om de toenemende concurrentie te weerstaan. De Kamerleden hameren op de noodzaak van betere scholing en opleiding voor werknemers, een flexibelere arbeidsmarkt, en een efficiënter stelsel van sociale zekerheid.

Het Kamerlid Tommel wil dat een commissie van onafhankelijke deskundigen zich gaan buigen over de “flexibilisering van de Nederlandse economie”. Tommel verwijst naar de Duitse ervaring waar een regeringscommissie voor deregulering en mededinging een gedegen analyse heeft gemaakt van de institutionele belemmeringen op het flexibel functioneren van de markt. De commissie kwam twee jaar geleden met concrete aanbevelingen om het economisch aanpassingsvermogen te vergroten. Tommel wil dat het kabinet meer geld besteed aan technologie ten koste van extra investeringen in de infastructuur. “Het rendement van investeringen in hersens is groter dan investeringen in asfalt”, aldus D66.

VVD-woordvoerster Rempt breekt, onder verwijzing naar de situatie in Duitsland, een lans voor meer economische instituten In Nederland die zich bezighouden met economsiche prognoses. Volgens Rempt loopt het kabinet teveel aan de “teugel” van het Centraal Planbureau.