Het strakke lijf

Het postmodernisme heeft De Grote Idealen failliet verklaard. Maar de mens kan niet leven zonder hoop.

Gelukkig staan op de puinhopen van de grote ontnuchtering nog voldoende strohalmen.

Consumeren kan heerlijk zijn. Je doet even of er geen economische crisis bestaat, of de rijkdommen der aarde onuitputtelijk zijn, of 't allemaal geen geld kost, en je gaat je te buiten aan heerlijk voedsel, mooie kleding of een avondje luxe stappen. Wat Faith Popcorn, de goeroe onder de Amerikaanse trend watchers, 'Mini Luxe' noemt: “Een kleine beloning, de kleine vreugde van een luxe dingetje, is soms genoeg om een mens gelukkig te maken, ook al is het maar voor even. Het verlangen naar een luxe kleinigheid heeft vandaag de dag iets dwingends gekregen, iets waar we recht op hebben.”

In de sector voedsel treffen we deze trend aan binnen de 'nouvelle cuisine': klein en fijn. Deze keuken van ingetogenheid in de wetenschap dat er in wezen een overvloed voorhanden is, vierde hoogtij in de late jaren tachtig, maar begint nu rap aan populariteit te verliezen. Want tsja, laten we eerlijk zijn: als je een vermogen uitgeeft om het er eens lekker van te nemen, dan wil je wel iets meer dan de eerste smaak van een paar kunstige hapjes; dan wil je liever de volle smaak van de complete maaltijd. Mini Luxe is leuk, maar op den duur hebben we het toch meer begrepen op Maxi Luxe.

Daarmee komt meteen een oud probleem om de hoek kijken: het dilemma van de onmatigen. Wie zich tegoed doet, doet die wel goed? Of doet-ie zich te goed? We dienen ons te matigen in naam van al diegenen die niet te eten hebben, die in oorlogsgebieden vegeteren op water en brood, die maar net kunnen rondkomen van hun AOW. En als we ons al niet matigen uit morele overwegingen dan wel vanwege de eigen buikriem. Want de keerzijde van elke culinaire vorm van luxe, mini of maxi, zit 'm aan de binnenzijde van die riem. Waar wordt gegeten, gedijt het vlees en waar wordt gedronken, zwelt het vet. De luxe waarop de geest recht denkt te hebben, keert zich via de maag tegen het lichaam. En het is de vraag wat het zwaarst weegt: de mentale honger naar verzadiging, of de oververzadiging van een vadzig lijf.

Mensen lijken altijd op gespannen voet te staan met voedsel: overgewicht en de neiging om een dieet te volgen zijn van alle tijden. Weliswaar is een dik lichaam in veel culturen een teken van welstand en macht, maar dikke mensen worden bij ons als lui, vraatzuchtig, verwend en ietwat willoos gezien. Dik is dom, en wie een beetje spirit en doorzettingsvermogen bezit, hoeft er niet pappig bij te zitten.

Dat wisten ook de carrièremakers van de jaren tachtig. Hun succes was meestal niet af te lezen aan hun lichaamsomvang; integendeel: zij vertoonden de lijn en souplesse van de asceet, en benadrukten daarmee hun superioriteit. Strak in het pak, welgevormd in de deux pièces. Worteltje mee voor tussen de middag en fles Spa op het bureau. Het lijkt allemaal weinig nieuws onder de zon, maar er bestaat toch een verschil met De Slanke Lijn van vroeger. De cultivering van het eigen lichaam heeft er een extra dimensie bij gekregen: het is niet alleen meer een symbool van schoonheid en zelfbeheersing, het goedgevormde lichaam is ook de drager van jeugd en vitaliteit. We zijn onmerkbaar overgestapt van De Slanke Lijn naar Het Strakke Lijf.

Het ideaal vindt niet meer zijn uitdrukking in de wespetaille, de gladde heup of de platte Twiggy-boezem; vrouwen mogen er best wat gevulder uitzien. Als ze maar strak in hun vel zitten. Geen putjes in de dijen, geen hagedishuid in de hals, en nergens maar dan ook nergens vetplooien.

Strak in het vel: de huid is een zak, gevuld met mens, en soms lijkt het wel of die mens in de loop der jaren krimpt, waardoor de verpakking te ruim wordt. Dan hangt het vlees week aan de botten, met de tanige huid er losjes omheen gedrapeerd. Wat wel 'Julianavlees' wordt genoemd. Welnu, de strijd die vrouwen van deze tijd voeren tegen hun lichaam is niet in de eerste plaats gericht op een onsje minder op de weegschaal, maar tegen het Julianavlees. Vandaar dat het eenzame avontuur van het lijnen steeds vaker plaats maakt voor gezamenlijke sessies aerobics, callanetics, aquajogging, of hoe het allemaal heten mag. En in menige damesbadkamer liggen twee haltertjes verscholen.

In het maandblad Opzij werd onlangs geschetst met welke middelen Amerikaanse vrouwen proberen aantrekkelijk te blijven in de ogen van mannen, concurrentes en zichzelf. Dat blijkt niet misselijk te zijn, maar de zwaarste ingrepen, die van chirurgische aard, hadden alle tot doel om het menselijk weefsel te verplaatsen naar die plekken waar de huid te gespannen of te gerimpeld is: vet weghalen bij de buik, en terugplaatsen bij de kraaiepoten rond de oog- en mondhoeken. Hoe strakker hoe beter.

Het ideaal van de Eeuwige Jeugd zijn we kwijt, maar door wat te oefenen, ons in te houden en desnoods wat weefsel te verplaatsen, stellen we onze hoop op een strak lijf. En we hopen gezegend te worden met een Verlengde Jeugdigheid. Of in ieder geval met uitstel van ouderdom.

Wat doen mensen in uw omgeving om er de moed in te houden? Aan welke eigentijdse strohalmen klampen zij zich vast in de strijd tegen de ideologische ontnuchtering? Stuur een korte beschrijving van max. 300 woorden naar:

HOOP & ZEGEN postbus 24 1390 AA Abcoude

De beste inzendingen zullen in deze serie worden verwerkt.

    • Willem Pijffers