Gitaarrock van kwajongens in de veertig

Concert: Aerosmith. Gehoord: 1/11 Ahoy' Rotterdam.

Er zijn twee manieren om waardig oud te worden in de rock & roll. De ene artiest past het repertoire aan bij de leeftijd, en doet het gaandeweg rustiger aan. De ander ontkent het voortschrijden der jaren, en blijft tekeer gaan alsof hij de eeuwige jeugd in pacht heeft. Zanger Steven Tyler van Aerosmith behoort onmiskenbaar tot het laatste type. Op 45-jarige leeftijd stormt hij met kinderlijk enthousiasme over het podium, behangen met sjaaltjes en zwaaiend met zijn microfoonstandaard.

Twintig jaar geleden stonden Tyler en gitarist Joe Perry aan de wieg van het hardrockgenre. Indertijd waren het Engelse bands als The Yardbirds die tot inspiratie dienden, maar gaandeweg liet Aerosmith steeds meer authentieke bluesinvloeden doorschemeren in de luidruchtige succesformule. Door excessen met drank en drugs raakte de groep uit Boston in de versukkeling, totdat de rapgroep Run DMC nieuw leven blies in het oude Aerosmith-nummer 'Walk This Way'. Terwijl Perry en Tyler hun leven beterden ten aanzien van alcohol en verboden middelen, kwam het succes opnieuw. Het recente album Get A Grip behoort tot de beste die Aerosmith maakte, dank zij de directe en ongekunstelde gitaarrock waar het zestal in uitblinkt.

Bij optredens is Steven Tyler de blikvanger in een zee van licht. Hij draaft op en neer over het podium, langs de omgevallen vuilnisbak die daar quasi-nonchalant is neergelegd. De rebelse geest van deze kwajongens van in de veertig wordt onderstreept door het openingsnummer 'Eat The Rich', met de veelzeggende beginwoorden 'I woke up this morning, at the wrong side of the bed.' Ook de oude kraker 'Toys In The Attic' verwijst naar de nog lang niet vergeten jeugd van de broodmagere rockmiljonairs, die spelen omdat ze er nog steeds plezier in hebben.

'Shut up and dance!' schreeuwt Tyler naar zijn publiek van jonge MTV-kijkers en fans van het oude werk. Tussen de bedrijven door wordt het refrein van The Kinks' 'You Really Got Me' aangehaald, en speelt Perry de blues in een stijlvaste hommage aan de pioniers van het genre. Aerosmith kan putten uit een veelzijdig repertoire, van de zweverige psychedelische ballade 'Dream On' tot de hardrock met discoritme van 'Love In An Elevator'.

De onvermoeibare Tyler krijgt een moment rust tijdens de verplichte drumsolo, maar komt dubbel zo enthousiast terug om handen te schudden en om mondharmonicaatjes weg te geven nadat hij er het geluid van een schorre stoomfluit aan heeft ontlokt. Zonder deze circusartiest van het zuiverste water, zou Aerosmith het er heel wat moeilijker mee hebben om de volle twee uur te boeien. Tylers podiumvullende capriolen maken goedkope showeffecten overbodig. Met Iggy Pop en Mick Jagger behoort hij de tot de rockers die gedronken hebben uit de fontein der jeugd, en die in het rond blijven springen tot ze er bij neer vallen.