Krasse knar op schaatsen

De nood is hoog gestegen in de ijshockeycompetitie. Toeschouwersaantallen dalen, een rel met spelers van Nijmegen in het Europa-Cuptoernooi bevestigde vorige maand bij de wantrouwende leek het vooroordeel over gewelddadigheden op het ijs.

Het werd hoog tijd voor iets moois. Bij Geleen, ongeslagen koploper met zeven overwinningen, maakte gisteren Vaclav Sochor na 22 jaar zijn rentree in de eredivisie voor de Meetpoint Eaters.

De 53-jarige doelman speelde zes minuten en zeventien seconden in de derde periode. Hij kreeg van de Gamble Stars uit Assen slechts een schot te verwerkenen en pareerde dat bekwaam. Geleen won eenvoudig met 12-2.

Ging het nog goed op uw leeftijd?

Natuurlijk. Ik ben 53-en-een-half-jaar oud, maar het lichaam wil nog wel. Met mijn benen en met mijn conditie heb ik geen problemen. Alleen mijn recaties zijn wat trager, daar heeft de slijtage toegslagen. Het spel is de laatste 22 jaar veel sneller geworden. Ik houd het ook geen hele wedstrijd meer vol op het hoogste niveau.

Ik heb maar één oog. Ik kwam in 1969 als semi-prof van Tsjechoslowakije naar Nederland, speelde voor Geleen en kreeg op 15 januari 1971 een puck op mijn oog. Dat werkt niet zo goed meer. Als een speler stil staat kan ik de afstand wel schatten, als de puck beweegt wordt dat moeilijker. Zo'n puck haalt snelheden van 150 tot 200 kilometer per uur.

Moest u invallen?

Onze eerste keeper, Marcel Nijland, herstelt van een knieblessure. Daarom staat Hans Baggen in het doel. We hebben geen jeugd, wat ik triest vind. Daarom ben ik maar op de bank gaan zitten. Ik viel de laatste periode in. Het was niet per se nodig, maar het was tegen een van de zwakkere tegenstanders. U kunt dat een 'beloning' noemen. Als het nodig is zal ik nog vaker het ijs op gaan, maar Nijland begint volgende week al weer met trainen.

Komen er ook bij Geleen de laatste tijd minder toeschouwers?

In Geleen blijft het aantal gelijk, 1000 tot 1200 toeschouwers per wedstrijd. Maar de uren van het ijshockey in Nederland zijn geteld. We spelen nu eigenlijk verplichte overuren. Dertig procent van de spelers in de competitie spreekt Engels. De jeugd laat het afweten, en zonder jeugd kom je nergens.

    • Remmelt Otten