'Ik heb nu een gemiddelde van 6 personen per uur'

VELDHOVEN, 1 NOV. “Goeden dag. Ik ben Chan Choenni en als kandidaat voor de Tweede Kamer gooi ik hoge ogen. Ik heb nummer 67 op de kandidatenlijst”. De kandidaat drukt tientallen handen per strekkende meter op het tweedaagse D66-congres in Veldhoven en deelt stencils uit waarin hij - voorzitter van de partijcommissie Integratie Allochtonen - stelling neemt het tegen racisme. In de wandelgangen van het Koningshof, het voormalige klooster voor de Zusters van het Heilig Hart, staan de ambities van de 147 nieuwelingen op de D66-lijst op de voorgrond.

D66 ruikt de macht, veel D66-leden zijn in de ban van het pluche. “Waarom sta jij eigenlijk niet op de Kamerlijst”, vraagt een D66-lid aan een vermeende concurrent. “Nee, ik ga voor Europa”, luidt het antwoord. En een vrouwelijke partijganger loopt langs de bar terwijl ze drie vingers in de lucht steekt. Ze blijkt in de Amsterdamse deelraad op plaats drie te staan. Gebarentaal is wel voldoende onder de duizend D66-leden in het vroegere nonnenklooster.

D66 hanteert de decentrale procedure om de lijst voor de Kamer en het Europese Parlement samen te stellen. De leden bepalen schriftelijk, via een referendum, wie er op welke plaats komt te staan. De kandidaten voeren zelf hun campagne; zelden was een D66-congres zo goed bezocht. Aan een wand in één van de zalen hebben kandidaten hun portretten opgehangen, met een kort bijschrift waarom ze in de Haagse politiek willen.

D66 is van alle markten thuis: er figureren filosofen, planologen, en een astrosoof terwijl kandidaatnummer 006 zich heeft laten afbeelden als pin-up-girl. De geheimzinnige kandidaat 007 heeft geen foto in het 'smoelenboek' laten zetten. Onder de D66-kandidaten is zelfs een transseksueel; zij valt tegenwoordig onder het vrouwelijke quotum. Vrouwen, jongeren of allochtonen mogen rekenen op enige positieve actie; de huisvader van middelbare leeftijd kampt bij voorbaat met een achterstand.

“Een effectieve lobby voeren is moeilijk”, vindt een kandidaat die geregeld tussen de grote zaal (plenaire zittingen) en de kleine zalen (fringe meetings) heen en weer loopt. “Onderweg schiet ik mensen aan en stel me voor. Ik heb nu een gemiddelde van één persoon in tien minuten”. Op de kandidatenmarkt van D66 is alles toegestaan. Binnen liggen de stencils en ook buiten in de bossen zijn politieke aspiraties voelbaar. Een kandidaat is het volle parkeerterrein van het congreshotel opgegaan en heeft zijn pamflet achter de ruitenwissers geklemd. De kandidaten zijn voorzien van een gele badge. “Het is vreselijk met jezelf te koop te lopen maar D66 heeft wel de meest open procedure”, zegt kandidaat Van Beelen-Balak. Sommige namen zoemen reeds in de wandelgangen als serieuze kanshebbers, zoals B. Bakker, voorzitter van de programcommissie; de Utrechtse ex-wethouder N. van 't Riet; senator B. van den Bos; bestuurslid H. Jeekel; B. Dittrich, rechter te Alkmaar; J. Hoekema, ambtenaar op buitenlandse zaken; H. Fermina, wethouder in Dordrecht en journaliste G. Roethof.

Na het eerste referendum blijven er zeventig namen van de 163 over. Een stemadviescommissie praat met de kandidaten en maakt daarna een ontwerp-lijst. 'Sturing' is ook in een directe democratie overmijdelijk. Maar in regie zit 'onzichtbare invloed'. Sommige kandidaten hebben al bij D66-leider Van Mierlo gepeild “of ze goed liggen”, anderen zijn door hem aangespoord om zich te kandideren.

De aspirant-kamerleden verdringen zich in de zaal als de partijleider spreekt. Van Mierlo wil van “directe democratie” een hard punt maken in de politiek. Het referendum ziet hij hét middel om de kloof tussen burgers en politiek te overbruggen. Als de Kamer het referendum afwijst “zou het wel eens een heel belangrijke rol kunnen gaan spelen in de verkiezingscampagne, en daarna in de formatie”. De strijd tegen de misdaad mag volgens hem niet ten koste gaan van de rechtsbescherming. Minister Hirsch Ballin (justitie) is bang dat regeren met D66 bestrijding van de misdaad moeilijker maakt: D66 zou te 'soft' zijn voor harde maatregelen, té veel de politieke arm van de Coornhertliga. Van Mierlo huldigt “liberale” tradities: “Deze stellen wij altijd voorop. Voor een kabinet waarin dat niet kan, hebben wij geen belangstelling”.

Liberale tradities leken echter in de knel te komen door het optreden van de vroegere D66-minister en huidige burgemeester van Lelystad H. Gruijters. Zijn opmerking dat Nederland een asielstop moet invoeren, viel slecht in Veldhoven. In bedekte termen nam Van Mierlo afstand van de opmerkingen van Gruijters. De wereldmigratie dreigt Europa te ontredderen, meende hij. “Daarmee bedoel ik niet dat Europa vol zit, of dat Nederland vol zit”.

Menig D66-lid schamperde dat Gruijters “erg rechts” is terwijl anderen, zij het achter de schermen, toegaven dat de mede-oprichter van D66 zegt wat velen in Nederland denken. Van Mierlo moest echter kiezen tussen de vriendschap met een lid van zijn vroegere Gideonsbende en de liberale traditie die hij zegt te vertolken. Volgens hem moet Nederland “de sfeer van gezamenlijkheid” over deopvang en integratie van asielzoekers houden. In die sfeer past, zo gaf hij te kennen, het debatteren over het asielbeleid “op een lage toon”. En voor een referendum over een strikter toelatingsbeleid bestaat in D66 weinig animo; een directe democratie gaat niet altijd gepaard met liberale tradities.

    • Derk-Jan Eppink