Europese burger moet nog wachten

PAG.5 MADRID IS BOOS

BRUSSEL, 1 NOV. Vandaag wordt het Verdrag van Maastricht van kracht. Daarin is het tijdpad uitgezet naar de Economische en Monetaire Unie en zijn voorzieningen getroffen voor nauwere samenwerking tussen de Europese Twaalf op de terreinen van buitenlands beleid, defensie, binnenlands beleid en justitie. Maar het verdrag heeft slechts één onmiddellijk waarneembaar praktisch gevolg voor de burger: Wie vanaf vandaag buiten het grondgebied van de Europese Unie in moeilijkheden komt, kan bij elke EG-ambassade om hulp vragen.

Voor de volgende nieuwe Europese burgerrechten moet nog enig geduld worden geoefend:

De vijf miljoen Europeanen die niet in eigen land wonen maar elders in de EG, kunnen bijvoorbeeld in juni wel deelnemen aan de Europese verkiezingen. Maar de Raad van Ministers is nog niet klaar met de kiesregels voor de gemeenteraadsverkiezingen. Alleen in Nederland en Luxemburg kunnen straks 'Unie-burgers' meedoen aan gemeenteraadsverkiezingen, maar dat mochten ze toch al. In alle andere lidstaten moeten de kieswetten nog worden aangepast.

De Europese burger mag vanaf vandaag klachten indienen bij de Europese ombudsman over 'wanbeheer' door EG-instellingen. Daarvoor is vorige week net op tijd een reglement opgesteld. De functionaris moet echter nog door het parlement worden benoemd. Tot dan moet de burger het doen met het eveneens nieuwe recht om 'verzoekschriften' in te dienen bij het parlement.

Ook moet nog worden gewacht op het Europese burgerrecht om vrij op het grondgebied van de lidstaten te reizen en te verblijven. De grenzen gaan pas op 1 februari volgend jaar open en dan nog slechts tussen negen van de twaalf lidstaten. Problemen met het politie-computersysteem dat de persoonscontrole aan de slagboom moet vervangen hebben het uitstel veroorzaakt. Denemarken, Groot-Brittannië en Ierland weigeren sowieso mee te doen. Zij houden vol op hun grondgebied onmogelijk verschil te kunnen maken tussen binnen- en buitengrenzen van de Unie.

'EG-bagage' mocht al enige tijd ongecontroleerd over de Europese binnengrenzen worden gebracht. Maar in lang niet alle lidstaten zijn de lucht- en zeehavens al aangepast, dus blijft het opletten bij 'binnenlandse' vluchten en bootreizen in de Unie. Dat geldt ook voor de 'binnenlandse' persoonscontrole. Aan de opheffing daarvan is menige luchthaven volgend jaar februari nog niet toe. Onder meer het vliegveld van de hoofdstad van de Unie, Brussel Nationaal, lapt die bepaling nog aan z'n laars. Voorlopig is verwarring dus troef. Op sommige luchthavens zijn de paspoortcontroles voor Unie-burgers al gescheiden, op andere alleen de bagagecontroles.

Pag.5: Europees parlement

Wellicht van groter praktisch belang voor de burger zijn de nieuwe rechten voor het Europese parlement die vandaag van kracht worden. Echt doorslaggevend zijn de nieuwe bevoegdheden van het parlement nog steeds niet. Het parlement kan wel lastiger worden door instemming te weigeren en wetgeving te blokkeren. De burger is echter uiteindelijk nog steeds afhankelijk van de politieke bereidheid in de ministerraad om daar al dan niet rekening mee te houden. Daarop is alleen controle mogelijk via de nationale parlementen.

De nieuwe rechten voor de Europarlementariërs zijn:

De bevoegdheid om parlementaire enquêtes te houden naar inbreuken op het EG-recht, bijvoorbeeld door de lidstaten zelf.

Een grotere greep op de keuze van de Europese Commissie, het dagelijks bestuur van de Unie. Het parlement kan commissarissen weigeren, maar alleen door de samenstelling van de hele Commissie af te keuren. Over de nieuwe voorzitter wordt het parlement alleen geraadpleegd. Tijdens de zittingsperiode kan het parlement de Commissie wel tot aftreden dwingen. Maar niets weerhoudt de Raad van Ministers dan om dezelfde Commissie weer aan te stellen.

Een beperkt recht om mee te beslissen, oftewel een mogelijkheid om EG-wetsvoorstellen te blokkeren. Daarvoor is een meerderheid van 260 stemmen vereist. Dit is zonder twijfel de 'hardste' nieuwe bevoegdheid. Het aantal beleidsterreinen is beperkt tot onder meer de eenheidsmarkt, onderwijs, cultuur, gezondheid, consumenten en milieu. Er hoort een ingewikkelde verzoeningsprocedure bij, die neerkomt op uitgebreide onderhandelingen met de Raad van Ministers. Dit heet: codecisieprocedure.

Op een aantal nieuwe beleidsterreinen mag het parlement wetsvoorstellen gaan beoordelen. Het parlement mag vaker adviezen geven, krijgt het recht om in te stemmen of amendementen in te dienen. Het gaat om vervoer, infrastructuur, EG-subsidies, onderzoek, milieu, ontwikkelingssamenwerking en sociale zaken. Dit heet: samenwerkingsprocedure.

Een bescheiden recht van initiatief. Het parlement kan met absolute meerderheid van stemmen de Commissie vragen een bepaald wetsvoorstel in te dienen. Die kan dit dan moeilijk weigeren; of het ook wordt aangenomen hangt van de Raad af, die het voorstel rustig kan negeren.

    • Folkert Jensma