ETA laat gegijzelde Baskische zakenman na vier maanden vrij

MADRID, 1 NOV. Na een gevangenschap van 117 dagen is vrijdagavond de zakenman Julio Iglesias Zamora vrijgelaten door de Baskische guerrilla-organisatie ETA. Daarmee is een einde gekomen aan de langst durende ontvoering van de ETA in de afgelopen twintig jaar. De ontvoering van Iglesias was de afgelopen maanden aanleiding voor massale betogingen tegen de terreur van de ETA.

De populaire Baskische zakenman werd 5 juli gekidnapt bij het verlaten van zijn constructiebedrijf in een buitenwijk van San Sebastian. De ETA eiste de verantwoordelijkheid voor de ontvoering op en vroeg een losgeld van een half miljard peseta's (ruim zeven miljoen gulden). Hiervan is zeker 300 miljoen peseta's door de familie van Iglesias betaald.

Gedurende zijn maandenlange ontvoering groeide Iglesias uit tot een symbool tegen het aanhoudende geweld dat door de ETA wordt uitgeoefend. De Spanjaarden trokken massaal de straat op om tegen de kidnapping te protesteren, niet in de laatste plaats in de Baskische provincies. San Sebastian beleefde begin september de grootste protestmars uit zijn geschiedenis, waarbij tachtigduizend Basken hun afkeer van de ETA lieten blijken. De ontvoering van Iglesias Zamora was tevens aanleiding voor een grote groep Baskische zakenlieden om publiekelijk te verklaren dat ze niet langer zouden zwichten voor de jarenlange afpersingspraktijken van de ETA. En in heel Spanje werd het dragen van een blauw lintje bij wijze van protest tegen de ETA-terreur bijzonder populair.

Een grootscheepse speuractie waarbij uiteindelijk meer dan vijfhonderd agenten betrokken waren, leverde de afgelopen maanden weinig op. Er bestond zelfs twijfel of Iglesias nog in leven was. Zijn vrijlating afgelopen vrijdag kwam dan ook betrekkelijk onverwacht. De zakenman werd in de loop van de avond afgezet in de nabijheid van een afgelegen restaurant in de bergen ten westen van San Sebastian. In het restaurant belde hij een bevriende taxichauffeur voor vervoer en nuttigde tijdens het wachten een glaasje water, dat alles zonder zich bekend te maken. Even na middernacht verscheen Iglesias korte tijd op het balkon van zijn woonhuis in San Sebastian, waar een enthousiaste menigte van honderden sympathisanten was toegestroomd.

Beheerst, bescheiden en met een gezien de omstandigheden opmerkelijk gevoel voor humor lichtte de zakenman afgelopen zaterdag zijn ontvoering toe in een persconferentie. Iglesias (43) verkeert in goede geestelijke en lichamelijke gezondheid, maar noemde zijn maandenlange eenzame opsluiting een regelrechte marteling.

Gedurende de hele periode verbleef hij in een “witte doodskist” - een kamertje van nog geen twee vierkante meter waarin hij amper kon staan en dat juist plaats bood aan een kampeerbed en een opklaptafeltje. Door middel van een vast patroon van gymnastiekoefeningen wist hij zijn conditie op peil te houden. Een instructieboek van het computerprogramma Windows en het uit het hoofd repeteren van Engelse onregelmatige werkwoorden zorgde voor geestelijke afleiding.

In de afgelopen vijfentwintig jaar zijn bij acties van de ETA rond de achthonderd doden gevallen. De beweging, die zich inzet voor de onafhankelijkheid van de drie Baskische provincies in het noorden van Spanje, kreeg de laatste maanden de nodige tegenslagen te verwerken. Met een groot aantal arrestaties in Spanje en Frankrijk belandde een deel van het kader van de terreurbeweging achter de tralies. De ontvoering van Iglesias geldt bovendien als een publicitaire miskleun, waarmee de ETA zich verder heeft verwijderd van een belangrijk deel van zijn Baskische achterban.

Niettemin gaan de acties van de ETA onverminderd voort. Twee weken geleden liquideerden twee gemaskerde mannen de luchtmacht-generaal Herrero in het centrum van Madrid. Spanje werd daarnaast vrijwel wekelijks geteisterd door bomaanslagen. Kort voor de vrijlating van Iglesias explodeerden nog twee zware bommen bij het centrale station van Barcelona en Pamplona. Doordat de plaatsten tijdig waren ontruimd vielen er geen gewonden, maar de materiële schade was omvangrijk.

Dit is de eerste bijdrage van Steven Adolf als correspondent van NRC Handelsblad in Spanje.