CAO onderwijs: fonds moet voortaan ontslag van leraar goedkeuren

ROTTERDAM, 1 NOV. Schoolbesturen moeten vanaf 1 augustus 1994 voorgenomen ontslagen eerst laten beoordelen door een nog op te richten Participatiefonds. Dit is dit weekeind afgesproken in de nieuwe CAO voor het onderwijs. In de huidige situatie wordt de redelijkheid van ontslagen in het onderwijs in het geheel niet beoordeeld, tenzij de betrokken docent ertegen in beroep gaat.

Het nieuwe 'participatiefonds' krijgt de volledige verantwoordelijkheid voor de wachtgelduitgaven in het basis- voortgezet en beroepsonderwijs. Het ministerie zal volgend jaar de ongeveer 450 miljoen gulden die per jaar aan de wachtgelden in deze sectoren worden uitgegeven, direct aan de schoolbesturen uitkeren in de vorm van een opslag op hun personeelsbudget. De scholen zijn in ruil hiervoor echter verplicht om lid te worden van het fonds.

Het fonds zal de ontslagaanvraag beoordelen op grond van het totale personeelsbeleid van een schoolbestuur. “Het fonds moet beoordelen of een schoolbestuur wel voldoende heeft gedaan om het ontslag te voorkomen”, vat J. Roovers, onderhandelaar namens de bonden KOV en PCO de regeling samen. Geschat wordt dat per jaar ongeveer 2.000 à 3.000 ontslagen zullen moeten worden beoordeeld.

Wijst het 'participatiefonds', dat zal worden bestuurd door de vakbonden en de werkgevers (besturen van bijzondere scholen en gemeenten) de ontslagaanvraag af, dan draait het schoolbestuur zelf op voor het wachtgeld. Verwacht wordt dat in dat geval de leraar of onderwijzer meestal niet zal worden ontslagen. De school zal bij een ontslag-aanvraag een prognose moeten geven van het personeelsbestand en het budget in de komende jaren en duidelijk moeten maken dat het ontslag niet via natuurlijk verloop, outplacement of omscholing had kunnen voorkomen. Om herplaatsing van leraren op andere scholen van het zelfde bestuur te vergemakkelijken, is in de CAO vastgelegd dat docenten vanaf volgend jaar in dienst van het bestuur komen. Nu zijn docenten nog in dienst van de school en kunnen ze overplaatsing weigeren.

Het fonds is een nieuwe poging om de kosten van het wachtgeld in het onderwijs terug te dringen. In februari kwamen bonden en ministerie overeen om de hoogte van de wachtgeldregeling vooral voor jonge leraren drastisch te verlagen. De voortdurende stijging van de uitgaven voor wachtgeld in het onderwijs is een van de belangrijkste problemen van de onderwijsbegroting. Momenteel zijn er ongeveer 35.000 werkloze leraren, die in totaal meer de een miljard kosten.

De premie die dit fonds zal heffen zal in principe ongeveer gelijk zijn aan de opslag. Het fonds krijgt echter wel de mogelijkheid tot premiedifferentiatie. Scholen met veel ontslagen moeten een hogere premie betalen.