Wereldreis naar financiële bovenwereld

De strijd tegen het 'witwassen' van zwart, met criminele activiteiten verdiend geld, wordt steeds gecompliceerder. De georganiseerde misdaad in de Verenigde Staten en Europa brengt jaarlijks naar schatting 85 miljard dollar in de legale 'bovenbouw' van de economie. Deze gigantische geldstroom verplaatst zich behalve via banken ook via aandelenbeurzen en effectenkantoren.

In de film The Firm, die nu overal in de wereld volle bioscoopzalen trekt, is te zien hoe de 'Morolto crime family' in Chicago gebruik maakt van een ogenschijnlijk respectabel advocatenkantoor om miljarden guldens crimineel geld wit te wassen. De contante opbrengst van drugs- en wapenhandel, prostitutie en de gokindustrie wordt met het privé-vliegtuig van de advocaten naar de Kaaiman-eilanden getransporteerd. Vandaar wordt het via door de advocaten opgezette firma's 'gewit' en geïnvesteerd in legale ondernemingen van de Morolto-clan in de Verenigde Staten.

De film geeft een haarscherp beeld van de internationale witwaspraktijken die niet alleen in de VS, maar ook in West-Europa plaats vinden. De opbrengsten uit onder meer de drugshandel en de prostitutie stromen dagelijks met miljarden dollars tegelijk over de wereld om uiteindelijk legaal te worden geïnvesteerd in respectabele ondernemingen. Volgens de Financial Action Task Force, een werkgroep van de zestien grootste industriële naties, wast de georganiseerde misdaad in de Verenigde Staten en West-Europa jaarlijks 85 miljard dollar, circa 162 miljard gulden, wit. Het betekent dat elke dag stapels groene (de dollar is ook in de onderwereld hèt betaalmiddel) en tegelijk 'zwarte' biljetten door talloze contante stortingen, omwisselingen en girale overboekingen, en via onder meer Zwitserland, de Kaaimaneilanden en Nederland worden veranderd in 'wit' geld.

Amsterdam - drugshoofdstad van Europa - is een veel gebruikte witwaslocatie, zoals ook vorige week aan het licht kwam bij de witwaspraktijken bij wisselkantoortjes, een filiaal van de ING bank en via de Amsterdamse effectenbeurs. Het stroomgebied van het zwarte geld is echter zo groot en wijdvertakt, dat nagenoeg alle landen, verzekeraars, effectenbeurzen, banken en wisselkantoren met het witwas-circuit in aanraking komen.

Ook de grotere financiële centra in Europa (Londen, Zürich, Luxemburg) trekken veel drugsgeld aan. In elk geval enkele druppels van de zwarte geldstroom zijn ook gevloeid naar de Amsterdamse aandelenbeurs, waar het witwassen van crimineel geld tot voor kort voornamelijk als een theoretische mogelijkheid gold. Het afgelopen weekeinde werd bekend dat het inmiddels failliete effectenkantoor Nusse Brink vanaf 1989 ten behoeve van een cliënt met een volgens de beurs “criminele achtergrond” aandelen kocht en verkocht. Daarbij werd onder meer gebruik gemaakt van een rekening die deze cliënt heeft bij de Kas-Associatie (Kas Ass), de bank van de beurs voor de kleine commissionairs. De cliënt met criminele achtergrond kocht de winsten van de aandelentransacties met contant zwart geld (in totaal enkele miljoenen guldens), dat door een van de directeuren gedeeltelijk werd gestort op de Kas Ass-rekening van de op Jersey gevestigde 'brievenbusmaatschappij' Seacat.

Nusse Brink is een schoolvoorbeeld van de belangstelling die criminelen hebben voor respectabele Nederlandse fondsen op de Amsterdamse beurs, zoals DSM en KLM. Justitie waarschuwt al enige jaren dat de 'onderwereld' zijn uiterste best om in de 'bovenwereld' te infiltreren door investeringen in beursfondsen. In het buitenland bestaan al praktijkvoorbeelden van de toevloed van crimineel geld op aandelenbeurzen, waar niemand opkijkt van miljoenentransacties. “Afgezien van de stortingen en overboekingen bij banken, is de route langs de effectenbeurs een van de belangrijkste methoden om geld wit te wassen en ook een methode die steeds aantrekkelijker wordt voor de georganiseerde misdaad”, zegt de Zwitserse advocaat Paolo Bernasconi. De huidige hoogleraar economie aan de universiteiten van St. Gallen en Zürich maakte tot voor enkele jaren als procureur-generaal in Lugano jacht op drugsgeld en is nu witwas-adviseur bij de Zwitserse politie, de Europese Commissie en de Verenigde Naties.

“Een probleem van een planetaire omvang”, noemt Bernasconi de internationale witwasmachine. Hij was deze week aanwezig bij het congres 'Witwassen van geld', dat in Brussel werd gehouden. Hoe ernstig het probleem wordt genomen bleek uit de zware vertegenwoordigingen van Belgische, Luxemburgse, Duitse, Zwitserse, Noorse, Hongaarse, Oostenrijkse en Franse banken en verzekeraars en van de ambassade van de Verenigde Staten in Brussel. Uit Nederland waren er vertegenwoordigers van De Nederlandsche Bank, van de Amsterdamse politie, van het advocatenkantoor Wladimiroff & Spong, van de Centrale Recherche Informatiedienst (CRI) en van het ministerie van financiën.

Pag.14: Zwart wordt wit door zoveel mogelijk overboeken

De organisaties die zich met misdaad bezighouden, zijn in het algemeen opgezet als moderne, multinationale ondernemingen compleet met dochterondernemingen en computernetwerken en genieten de assistentie van specialisten als accountants en juristen. Desondanks ontvangen de misdaad-organisaties al hun inkomsten in contant geld, waarmee in deze vorm niets is te beginnen. “Witwassen is de noodzakelijke ondersteuning voor de georganiseerde misdaad, die erin is geslaagd enorme hoeveelheden geld te verzamelen. Het gaat om zoveel geld dat de misdadige organisaties ernstig verlegen zitten om mogelijkheden hun geld wit te wassen”, zegt Bernasconi.

In de praktijk slagen de criminelen er tamelijk goed in om het zwarte geld om te zetten in legale investeringen. Zo goed zelfs dat criminele organisaties tegenwoordig even veel geld verdienen met hun illegale activiteiten als met de legale activiteiten, die met het criminele geld zijn aangekocht. In 1989 werd in de VS de bende opgerold van de Colombiaanse drugsbaron José Gonzalo Rodriguez Gacha, die bleek te beschikken over een conglomeraat van bedrijven in de bouw, gezondheidszorg, binnenhuisarchitectuur, transportsector en de computer-industrie. Deze legale bedrijven werden naast hun gewone activiteiten ook weer gebruikt als witwasmachine, waardoor de vervlechting tussen boven- en onderwereld compleet was geworden.

Hoe ingewikkeld de witwasroutes kunnen zijn, bewijst een praktijkvoorbeeldvan de Britse rechercheur Hill. Tien jaar geleden werd bij een gewapende overval op het Londense vliegveld Heathrow baar goud ter waarde van - tegen de toenmalige goudprijs - 30 miljoen dollar buit gemaakt. Het goud werd door de criminelen verkocht en de opbrengst werd overgemaakt naar een houdstermaatschappij op de Britse Maagdeneilanden. Via Panama, Hongkong, de Bahamas, een Canadese bank in Zwitserland, Liechtenstein en privé-stichtingen kwam het geld uiteindelijk terecht bij twee fabrikanten van speelgoed in Boston. Beide bedrijven waren eigendom van de criminelen.

De enorme toename van het internationale, girale geldverkeer is de geldstroom van 'zwart' naar 'wit' nog nauwelijks te volgen als het geld eenmaal in het bankcircuit zit. Olivier de Monicault, bij de bank Paribas verantwoordelijk voor de aanpak van de witwasserij, schat de pakkans bij de overboekingen van de ene bankrekening naar de andere op hooguit 20 tot 30 procent. En het is juist door het verrichten van zoveel mogelijk overboekingen, waarmee de criminelen de herkomst van het geld willen uitwissen. Het is niet voor niets dat geregeld wordt gewezen naar het Belgische bedrijf Swift, dat de internationale overboekingen tussen banken verricht. Dit geesteskind van de Nederlander Bessel Kok, ironisch genoeg ooit een schaakmaecenas, vormt daarmee een belangrijk scharnierpunt in het bancaire verkeer.

De koffer met bankbiljetten die op de balie van de bank wordt gezet, vormt daardoor nog altijd het moment suprême in de witwasserij. Bernasconi: “De hovaardigheid die ik proef in de woorden van bankiers over de geringe betekenis van contant geld in het girale verkeer, is misplaatst: cash geld is niet achterhaald. Het eerste moment dat contant crimineel geld de bank binnenkomt is heel belangrijk.” In het geval van de commissonair Nusse Brink stortte, zoals dit weekeinde bleek, een van de directeuren geregeld contant geld op de rekening van de Kas Ass.

De wettelijke maatregelen die tot nu toe genomen zijn, concentreren zich dan ook op de contante stortingen aan de balie van de bank. Verdachte cash-transacties moeten in de EG worden gemeld aan een opsporingsinstantie (in Nederland is dit verplicht met ingang van 1 januari 1994), terwijl de identificatieplicht van de bancaire cliënten al enkele jaren van kracht is. Sinds geruime tijd is het in de EG-landen de gewoonte dat de financiële instellingen hun cliënt kennen.

De financiële instellingen zijn de laatste jaren ook zwaar onder vuur komen te liggen van opsporingsinstanties, van wie zij het verwijt krijgen laks te zijn in de controle op eventuele criminele cliënten. “De strijd tegen witwaspraktijken zou met meer succes gevoerd kunnen worden als banken en andere financiële instellingen hierbij net zo zorgvuldigheid zouden opgetreden als bij de inschatting van hun kredietrisico's”, zegt Bernasconi. Mede onder druk van dergelijke kritiek hebben banken in onder meer Zwitserland, die geregeld in de beklaagdenbank zitten, de interne regels aangescherpt - in samenspraak met andere Europese financiële instellingen.

De banken in Nederland zijn daarbij huiverig geworden voor de kans dat zwart geld de rekeningen binnen vloeit sinds de 'Slavenburg-affaire' begin jaren tachtig, die voor het bankwezen een waterscheiding betekende. De bank Slavenburg (tegenwoordig Credit Lyonnais Bank Nederland) had zwart geld in onderpand genomen voor leningen, een constructie die bekend werd als 'kluiskrediet'. Niet alleen heeft toezichthouder De Nederlandsche Bank de banken sindsdien de duimschroeven aangedraaid, de banken zelf hebben hun interne controle de laatste jaren verscherpt en het baliepersoneel geïnstrueerd de ogen open te houden. Het grootschalig wisselen van geld bij een kantoor van ABN Amro in Rotterdam vorig jaar, was voor banken aanleiding om vooruitlopend op de wetgeving contante transacties boven de 25.000 gulden de melden aan de CRI.

Doordat het voor criminelen moeilijker is geworden het bankwezen rechtstreeks te benaderen, wijken criminelen uit naar mogelijkheden buiten het bancaire circuit. “Ze wenden zich tot de financiële sector buiten de banken”, zegt Bernasconi. Wisselkantoren en makelaars in deviezen, edele metalen, grondstoffen en effecten alsmede vermogensbeheerders hebben allen toegang tot de financiële markten.

Voordeel voor de crimineel is dat deze instellingen meestal onder veel minder streng toezicht dan de banken staan, maar wel kind aan huis zijn bij de banken. Bij de (cash)-transacties door bijvoorbeeld beurshandelaren stelt de bank veel minder vragen dan bij particulieren gebeurt. Bernasconi: “Een vermogensbeheerder die al twintig jaar op een financiële markt actief is, wordt benaderd door een crimineel. Op grond van het vertrouwen dat hij geniet geniet van de marktpartijen, kan de vermogensbeheerder transacties doen voor die crimineel”. De Zwitser signaleert dat instellingen van hun criminele cliënt vaak een vergaande volmacht voor zijn bankrekening krijgen.

Ook in Nederland wordt die internationale praktijk toegepast. Bij Nusse Brink kreeg een directeur een volmacht van een crimineel om transacties te verrichten, waaronder kasstortingen. De directie van de Kas Ass, de bank van de beurs voor kleinere commissionairs, gaf daarbij vorige week toe dat de meer dan 10.000 rekeninghouders van effectenhuizen de afgelopen jaren “minder streng” zijn gecontroleerd.

Het belang van de aandelenbeurs is de laatste jaren sterk toegenomen. Dat komt niet alleen doordat de beurs een route langs de banken vormt, maar ook door de enorme groei die de financiële markten in de jaren tachtig hebben doorgemaakt. “Op de aandelenbeurs kijkt niemand op van een transactie van 10 miljoen of 100 miljoen, gezien de bedragen die daar op een dag omgaan”, zegt Bernasconi. In het geval van Nusse Brink had de grootste cliënt, het geheimzinnige Seacat, een baisse-positie van 30 miljoen gulden (had dus op termijn aandelen verkocht zonder deze te bezitten in de hoop de stukken later goedkoper te kunnen inkopen). De cliënt “met de criminele achtergrond ”, de op een na grootste cliënt, zat 'short' voor zo'n 5 miljoen gulden. Behoorlijke bedragen, die op een beurs echter niet buitensporig opvallen.

Uiteindelijk komt het geld - of het nu is witgewassen via aandelen of met termijncontracten - hoe dan ook op een bankrekening terecht. “Als het geld eenmaal is gedeponeerd bij een bank gaat het erom het te laten verdwijnen in de anonieme massa. Het geld gaat vaak naar ondernemingen die exclusief zijn opgezet om een scherm op te zetten. Geliefde zetels zijn Hongarije, Singapore, Liberia, Caraïbisch gebied, Malta en de Kanaaleilanden”. Pikant is dat ook bij Nusse Brink de belangrijkste cliënt, Seacat, op het Kanaaleiland Jersey is gevestigd en dat de identiteit van de aandeelhouders onbekend is.

Bernasconi wijst erop dat banken, effectenhuizen, vermogensbeheerders, advocaten en notarissen nog altijd bereid zijn met dergelijke brievenbusmaatschappijen zaken te doen. En zolang de geheimhoudingsplicht van advocaten en notarissen niet wettelijk wordt doorbroken kunnen dergelijke maatschappijen ongestoord worden opgericht. “Inmiddels is bij de overheid het besef doorgedrongen dat de heler slechter is dan de dief”, zegt Bernasconi. Met verscherpte wetgeving pogen de overheden in de Westerse geïndustrialiseerde landen greep te krijgen op de zwart-witte geldstroom. In meeste landen in de EG is inmiddels een meldingsplicht van kracht voor financiële instellingen wanneer zij een verdachte transactie signaleren.

In Nederland liggen thans de wetsvoorstellen melding ongebruikelijke transacties (mot) en de Wet identificatie financiële dienstverlening (wif) ter goedkeuring bij de Eerste Kamer. Banken, wisselkantoren, verzekeraars, effectenhuizen maar ook advocaten en accountants zijn volgens deze nieuwe wetten verplicht hun cliënten bij financiële transacties te identificeren en ongebruikelijke transacties te melden bij een meldpunt. Topambtenaar L. Verwoerd, bij het ministerie van financiën verantwoordelijk voor het toezicht op de financiële markten, noemt Nederland 'laat' met zijn wetgeving: “Dat heeft wel tot voordeel dat wij problemen zoals in de VS wellicht kunnen vermijden”.

Een complicatie van de wetgeving binnen de EG is het bestaan van de kleine landjes, waar het al veel gemakkelijker is de identiteit verborgen te houden. Voorbeelden daarvan zijn Monaco, Andorra, Gibraltar, de Kanaaleilanden en Liechtenstein (Nederland heeft daarbij zijn Antillen, die niet in de EG liggen maar er wel een toegang hebben via het moederland). “Ook interessant is Oostenrijk, wegens de connectie met Oost-Europa. Oostenrijkse bankiers trachten op dit moment in Italië cliënten af te snoepen van Zwitserse banken, daarbij schermend met minder stringente controle”, zegt Bernasconi.

Het optimisme over de aanpak van de internationale witwasmachine is daarom niet groot, zo bleek bij het witwas-congres. Het traceren van de zwart geld-stromen is volgens deskundigen buitengewoon moeilijk. Bernasconi: “Dat wij een route via Zürich en de Kaaimaneilanden ontdekten, was puur toeval. In Italië was een bende opgerold, van wie een lid is gaan praten over de rekeningen. Alleen doordat de Italiaans politie dit aan ons heeft doorgegeven, wisten wij de geldstroom te achterhalen”.

De gebruikte citaten zijn ontleend aan het congres 'Witwassen van geld', dat afgelopen maandag in Brussel werd gehouden door de Internationale Interne Auditors (IIA)-vereniging.