'Ik had effect van te vroeg spelen willen afwachten'

Marco van Basten viert morgen zijn 29ste verjaardag. Het is een leeftijd waarop de meeste profvoetballers nog niet aan stoppen denken. Europa's beste speler van 1992 heeft door een slepende enkelblessure de afgelopen maanden op sommige momenten ernstig getwijfeld aan de voortzetting van zijn gouden loopbaan. De revalidatie nadert zijn einde, maar nu lijkt het of de lijdensweg aanzienlijk bekort had kunnen worden. Eén van Marco's chirurgen, dr. Marti, is van mening dat de stervoetballer veel tijd heeft verloren door zich in juni te laten opereren door zijn collega dr. Martens.

Precies weet Prof. dr. René Marti het niet meer, maar het moet ergens eind april zijn als de begeleiders van Marco van Basten, haptonoom Ted Troost en de clubarts van AC Milan, dr. Tavana, samen met de wereldvoetballer hem met een bezoek vereren. De orthopedisch chirurg van het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam maakt bij het consult ter controle röntgenfoto's van de rechterenkel die hij in december '92 voor de tweede keer opereerde. Marti constateert dat de genezing voorspoedig verloopt. Er heeft zich geen kalkafzetting gevormd op het kraakbeen dat is behandeld. Niettemin maakt hij zich zorgen over de vroege rentree van de vedette, al ziet hij daarvoor medisch gezien niet al te veel belemmeringen. Hij wil Van Basten ook niet te veel ontmoedigen. Onder druk van de omstandigheden - Milan ziet een voorsprong die negen punten is geweest wekelijks slinken - besluit de megaster zijn come-back door te zetten. Een beetje tegen beter weten in. De pijn in zijn rechterenkel is er nog altijd. Na een helft in de Europa Cup-finale op 26 mei heeft hij de hoop opgegeven dat het schrijnende gevoel zal slijten. Troost en Tavana delen Marti mee dat zij Van Basten overdragen aan prof. dr. Marc Martens in Antwerpen. De chirurg die ook Ruud Gullit via Troost op zijn operatietafel kreeg, besluit tot een kijkoperatie (arthroscopie) die 9 juni wordt uitgevoerd. Volgens Martens heeft hij wat botwoekeringen (osteofyten) aan de binnenkant van de enkel verwijderd. Daarnaast wordt het kapsel aan de voorkant schoongemaakt. Martens schrikt van de staat waarin de enkel verkeert en voorspelt een langdurige revalidatie zonder dat succes is verzekerd.

Wat was de noodzaak van deze ingreep, waarvan het herstel al bijna vijf maanden vergt en nog weken kan duren? Heeft Marti wat over het hoofd gezien, toen hij de enkel in december '92 'verbouwde' zoals dat in het vakjargon heet? Dr. Marc Martens probeert in Antwerpen na enige terughoudendheid uit te leggen, wat er precies is gebeurd. Daarmee dringt hij uiteindelijk door tot de kern van de zaak: de feitelijke kwetsuur. Het gewricht tussen het scheenbeen, kuitbeen en het eerste enkelbot (het sprongbeen) is het zogenaamde bovenste spronggewricht. In dat gewricht is bij Marco het kraakbeen, een laag van drie, vier millimeter die voor de 'smering' zorgt, afgesleten. Voornamelijk veroorzaakt door sterke overbelasting van de enkel. Daardoor schuren twee botten over elkaar, een pijnlijke aangelegenheid. De medische wereld is nog niet zo ver gevorderd dat kraakbeen kunstmatig kan worden aangebracht. Hiermee wordt overigens wel geëxperimenteerd. Tot nog toe kiezen de specialisten voor een behandeling die moet leiden tot het vormen van een soort pseudokraakbeen. Martens noemt het een soort littekenweefsel dat als alternatief kan dienen van kraakbeen, maar kan wisselen in kwaliteit en drie tot zes maanden nodig heeft om aan te groeien. Marti heeft in december de buitenkant van het bot doorgezaagd en het kraakbeen op het spronggewricht van Van Basten gepolijst. Een gecompliceerde en zware operatie omdat verschillende enkelbanden moeten worden losgemaakt en weer vastgezet aan het bot.

Is die operatie zo onzorgvuldig uitgevoerd dat Marco in juni weer onder het mes moet? Martens legt geduldig uit dat zijn methodiek van opereren nauwkeuriger is dan die van Marti. Als arthroscopist gaat hij aan de ene kant met een camera via een sonde (buisje) naar binnen en aan de andere kant met instrumenten zoals een boor of een vijltje. In tegenstelling tot deze methode koos Marti ervoor de enkel open te snijden. Martens: “Als je dat doet heb je minder zicht op bepaalde gebieden. Je bent ook beperkt in je technieken. Met een sonde kun je in alle hoeken en spleten kijken. Arthroscopie is ook minder pijnlijk.” Toen Van Basten zich bij zijn eerste consult tot Martens wendde klaagde hij over bewegingsbeperkingen en pijn. Er viel bovendien volgens de Belg vocht in de enkel waar te nemen. “Ik wil Marti absoluut niet de schuld in de schoenen schuiven”, benadrukt Martens. “Ik heb botwoekeringen verwijderd die nog aanwezig waren. Laat ik het zo zeggen, de operatie is in december niet volledig geweest. Er waren nog letsels van vorige blessures. Nee, niet als gevolg van de operatie van Marti. De enkel zag er heel slecht uit. Ik heb toen mijn bedenkingen moeten uiten over het herstel. Zeker omdat Marco niet op zeventig procent, maar op honderd procent wil terugkomen. Ik kon dus geen garantiebewijs afgeven. Toen niet en nog steeds niet. Al zijn we door de ontwikkelingen van de laatste maanden weer wat optimistischer geworden.”

Martens vermoedt dat zijn collega Marti voor een open techniek heeft gekozen “omdat hij daarin routine heeft opgedaan. Elk probleem kun je op verschillende manieren benaderen. Marti is wellicht goed in open technieken. Wij werken hier echter met zeer moderne apparatuur.” Marti heeft een kijkoperatie wel degelijk overwogen. “Ik heb verschillende grote arthroscopisten in Europa geraadpleegd voor de enkel van Marco. Maar zij raadden me allemaal af om het op deze manier te doen. Daarvoor was de kwetsuur te gecompliceerd. Het onderste spronggewricht kun je niet eens behandelen met een arthroscoop. Dr. Van Dijk kan bij mij op het AMC hetzelfde doen als Martens, maar het had geen enkele zin gehad.”

Marti, de Zwitserse specialist, die in het verleden ook voetballers als Ruud Krol, Rob Rensenbrink, Johan Cruijff, René van der Gijp en Ron Willems onder behandeling had, wil nu wel kwijt wat hem al maanden dwars zit. Hij is volledig afgeknapt op de begeleiders van Marco van Basten omdat zij hem sinds de overstap naar Martens nergens meer bij betrokken hebben. “Door dit soort mensen ben je geneigd nooit meer voetballers te behandelen”, zegt Marti verbitterd in zijn Amsterdamse grachtenpand. “Zolang ik nog patiënten heb die anderhalf jaar op een wachtlijst staan hoef ik dat ook niet te doen. De tweede operatie is om materiële redenen bij Martens gedaan. Daar wil ik verder niet over uitweiden. Maar al deze pseudobegeleiders die om Marco heen lopen, zijn figuren die een voetballer kapot maken. Marco interesseert me als medisch probleem. Ik ken die jongen al sinds z'n twintigste en ik heb hem zes jaar onder behandeling gehad. Ik was graag bij de operatie van Martens aanwezig geweest. Puur uit nieuwsgierigheid. Men had mij achteraf foto's kunnen opsturen. Ik ben overal buiten gehouden.”

Marti zet grote vraagtekens bij het nut van de operatie van Martens. “Toen Tavana en Troost bij mij kwamen met de mededeling dat Marco in Antwerpen zou worden geopereerd, heb ik me daar direct tegen verzet. Het feit dat Marco nog pijn had, beschouwde ik als een normale reactie na een revalidatie van drie, vier maanden. Het was op dat moment des te begrijpelijker omdat Marco gewoon te vroeg is gaan voetballen. Ik zei toen: 'Als het mijn enkel was, zou ik nu geen operatie willen.' Ik had het effect van te vroeg spelen willen afwachten. Desnoods met een injectie. Dat had Marco waarschijnlijk een hoop tijd bespaard.”

“Ik heb de fout gemaakt anderen het moment van rentree te laten bepalen. Dat doet Martens natuurlijk wel heel goed (de Belg maakt vantevoren een afspraak dat hij beslist over de come-back, anders gaat de operatie niet door, red.). Hij heeft zoveel autoriteit opgebouwd dat club, begeleiders en speler zich houden aan wat hij voorschrijft. Dat is zijn grote kracht.”

Volgens Marti heeft de operatie van Martens helemaal niets bijgedragen aan het herstel van de rechterenkel, maar die eerder negatief beïnvloedt. Eind april had hij immers nog op een foto dat gezien er geen onregelmatigheden waren. “Botwoekeringen kunnen in zo'n korte tijd niet ontstaan. Ik vraag me überhaupt af wat Martens heeft gedaan. Van een dergelijke operatie moeten videobeelden zijn en lichtfoto's. Botresten geef ik altijd mee in een potje. Dit materiaal is er allemaal niet. Uiteindelijk heb ik de werkelijke reparatie uitgevoerd. Ik kreeg een enkel op de operatietafel die je normaal gesproken stijf moet zetten. Het was binnenin echt een ravage. Ik heb risico's genomen door hem toch te opereren. Nu krijg ik alleen van Tavana uit Milaan af en toe een telegrammetje dat het herstel zo goed verloopt.” Uit de woorden van Marti valt af te leiden dat Martens slechts heeft geopereerd de (publicitaire) schijnwerpers op zich te vestigen. “Is er weleens een patiënt geweest die uitsluitend door Martens is behandeld en genezen”, vraagt de Zwitser zich af. “Bij Gullit heeft hij helemaal niets gedaan. Alleen even in de knie gekeken. Uit de verslagen blijkt dat met Marco hetzelfde is gebeurd.”

Door het gekibbel van de medici zou de aandacht bijna geheel worden afgeleid van de hoofdfiguur, Marco van Basten. De Utrechter die begin dit jaar door alle bondscoaches werd gekozen tot 's werelds beste voetballer. In een opzicht zijn de medici het wel met elkaar eens: Van Bastens rechterenkel kan, met de nadruk op kan, weer zodanig genezen dat hij terugkeert op het hoogste niveau. Marti: “Als je de lichtfoto's van zijn rechterenkel bekijkt, zal elke orthopeed zeggen: 'Die voetbalt nooit meer'. Maar ik heb er toch vertrouwen in dat het goed komt.” En Martens: “Hij kan nu dingen doen die voor de tweede operatie niet mogelijk waren. De enkel beweegt beter, soepeler, geeft minder reactie, kortom is minder ziek. Maar de mogelijkheid bestaat dat de kwaliteit van het pseudokraakbeen zodanig is dat hij over een jaar weer problemen krijgt.”

Martens bestrijdt dat hij onlangs na een consult heeft verklaard dat Van Basten half november zijn rentree kan maken. “We hebben alleen afgesproken dat hij dan langs komt voor een controle. Als er geen problemen, zijn zullen we dan gaan bepalen wanneer hij eventueel weer kan gan voetballen.” Zijn fysiotherapeut Reinier van Dantzig voorspelt dat Van Basten zeker nog drie jaar aan de top kan voetballen. “De enkel zal niet de bepalende factor zijn dat hij moet stoppen. Ik heb het idee dat het absoluut goed komt. Hij zal nog wel een lichte bewegingsbeperking houden en af en toe pijn hebben. Maar geen enkele voetballer loopt zonder pijn rond. We liggen behoorlijk op schema. Hij heeft de afgelopen week in Milaan goed kunnen trainen. Het is echter nog te vroeg om over een rentree te praten. Als het gewricht weer opspeelt, krijgt hij zo een terugslag van weken. Polen-Nederland? Vergeet het maar. Dat zou onverstandig zijn. Hij moet ook zijn reflexen weer ontwikkelen. Het is geen brommer die je even repareert.”

Mede door het strenge regime van Martens staat het vast dat Van Basten nu geen enkele risico meer neemt. Vorige week dinsdag keerde hij terug naar Milaan na een maandenlange revalidatie onder leiding van de Amsterdammer Reinier van Dantzig. In augustus was hij al eerder naar Italië afgereisd, maar toen volgde er na drie weken een terugslag. Van Dantzig: “Tavana belde me op en zei: 'Het heeft geen zin meer dat Marco hier nog blijft. Hij kan niet eens hardlopen.' Een paar dagen later, op 5 september, zat hij doodziek tegenover me op de bank. Marco zei: 'Het is niets. Ik heb het gevoel of m'n verkering uit is.' Op zo'n moment hoef je bij hem niet te gaan zeuren. Marco is een gevoelige jongen. Voor het EK in '88 heeft hij me ook eens opgebeld met de mededeling: 'Ik stop ermee.' Je kunt dan hoogstens zeggen: 'Na een weekje denk je er misschien weer anders over.' Ik heb met Ted Troost een nieuw programma opgesteld en we zijn weer verder gegaan met revalideren.”

De laatste week voor zijn definitieve vertrek werkte Van Basten op het Olympiaplein in Amsterdam met amateurs ook een paar partijtjes af. Vier tegen vier of vijf tegen vijf. Slidings niet toegestaan. In de maanden juli, augustus bestond de revalidatie vooral uit fietsen. “Het enkelgewricht werd daarmee losgemaakt, zonder gevaar van zware belasting”, verduidelijkt Van Dantzig. Toen de voorzitter van de businessclub van Ajax, ook patiënt bij Van Dantzig, wegens een weddenschap de Alpe d'Huez wilde beklimmen, besloot Van Basten mee te reizen en ook een poging te wagen. Niet te riskant? “Welnee”, zegt Van Dantzig. “We gingen met een naaimachineverzetje naar boven. We hebben er twee uur en een kwartier over gedaan, Theunisse doet het geloof ik in 48 minuten. Marco had gewoon een lekker weekendje Lyon.”

Dossier van 's werelds duurste enkels

19 maart 1986

Bekerwedstrijd RCH-Ajax. Na een botsing met de doelman van RCH verdraait Van Basten bij het neervallen linkerknie en -enkel.7 december 1986

Rechterenkel raakt geblesseerd na een duel met Edwin Olde Riekerink van FC Groningen. Er volgt een operatie aan de linkerenkel door dr. Marti.

13 november 1987

Van Basten, inmiddels in dienst van AC Milan, wordt geopereerd aan zijn rechterenkel door dr. Marti.

10 maart 1988

Van Basten maakt rentree bij AC Milan.

13 december 1992

Van Basten valt geblesseerd uit in het Serie A-duel Milan-Ancona.

21 december 1992

Dr. Marti opereert Van Basten in de 'Klinik Gut' in het Zwitserse Sankt Moritz aan zijn rechterenkel. Kraakbeen wordt gerepareerd, botaanwas verwijderd.25 april 1993

Van Basten valt in tijdens Udinese-Milan.

26 mei 1993

Van Basten speelt Europa Cup-finale met Milan tegen Olympique Marseille.

9 juni 1993

Kijkoperatie in de Apra-kliniek in Antwerpen door dr. Martens. De prognose voor herstel luidt vier maanden.