Europese Bank komt in Frankfurt; EG-top: Europol naar Den Haag

PAG.3 ACHTERGROND EUROPOL / PAG.9 HOOFDARTIKEL / PAG.13 REACTIES

BRUSSEL, 30 OKT. De nieuwe Europese politie-instelling Europol zal in Den Haag worden gevestigd. Het Europese Monetaire Instituut komt in Frankfurt. Premier Lubbers liet gisteren doorschemeren dat de president van De Nederlandsche Bank, Duisenberg, de tweede president van het monetaire instituut zal worden.

De Europese Raad van regeringsleiders kwam gisteren na langdurig beraad tot een verdeling van in totaal tien nieuwe Europese instellingen. Premier Lubbers zei dat de toekenning van Europol aan Nederland “niet onverwacht” komt. Weliswaar had de regering liever het Europese Monetaire Instituut - de voorloper van de Europese Centrale Bank - gekregen, “maar als het niet kan zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan”, aldus Lubbers. Hij noemde Europol voor Nederland “heel belangrijk”.

In de zetelverdeling kregen verder de volgende landen een EG-instelling: Spanje krijgt het Merkenbureau. Luxemburg zal de Vertaaldienst van de Europese Commissie huisvesten. Denemarken krijgt het Milieu-agentschap. Italië krijgt het Europese Trainings Instituut. Ierland wordt de zetel van de Veterinaire en fytosanitaire inspectie van de EG. Portugal krijgt het Drugsobservatorium, een studiebureau voor drugsbeleid. Groot-Brittannië krijgt het Medicijnenbureau. Griekenland mag rekenen op vestiging van het Europese centrum voor de ontwikkeling van beroepsopleidingen.

Volgens premier Lubbers is dr. W. Duisenberg gevraagd de eerste president van het Europese Monetaire Instituut te worden. Omdat hij dan het presidentschap van De Nederlandsche Bank zou moeten opgeven wees Duisenberg de uitnodiging af. Daarom werd de Belg Lamfalussy benoemd, aldus Lubbers. Hij noemde de Belgische bankier, die in Basel bij de Bank voor internationale Betalingen werkt, een “zeer goed bekendstaand” iemand.

Europol moet de samenwerking van de Europese politie- en justitiediensten gaan coördineren, op het gebied van drugs, terrorisme en georganiseerde misdaad. Lubbers noemde Europol een instelling met “een grote dynamiek” die door alle lidstaten aanvankelijk werd ondergewaardeerd.

De premier wees er op dat Europol de enige nieuwe Europese instelling is waaraan de regeringsleiders in de slotverklaring apart aandacht besteden. Juist in een betere bestrijding van de misdaad zien de regeringsleiders een argument om de burger te winnen voor de Europese Unie.

De verdeling van EG-instellingen werd lang opgehouden door Spanje, dat het niet eens was met het aanbod van het Europese merkenbureau. Liever zag Madrid het Europese medicijnenbureau of het milieu-agentschap naar Spanje komen. De Belgische voorzitter van de Raad had die echter toegekend aan respectievelijk Groot-Brittannië en Denemarken. Spanje werd ten slotte 'getroost' met de toekenning van een extra EG-instelling, het EG-bureau voor de arbeidsomstandigheden.

De Spaanse premier, Gonzalez, vond dat het Europese Merkenbureau politiek een te geringe betekenis had en bovendien te weinig economische uitstraling. Diplomaten merkten echter op dat het Merkenbureau op dit moment vooral minder aantrekkelijk is omdat de lidstaten het niet eens kunnen worden over het talenregime van het bureau.

Spanje en Duitsland wensen dat alle aanvragen en erkenningen in de negen EG-talen worden geregistreerd. De andere lidstaten achten dit omslachtig en onbetaalbaar. Zij menen dat twee talen voldoende zijn: de taal van de indiener met één keuzetaal. Zonder een akkoord over het talenstatuut kan het Merkenbureau niet worden opgericht. Dat net Spanje het slachtoffer hiervan dreigt te worden, wordt in deze kringen zijn verdiende loon gevonden.