Onderzoek: veel scholen in Amsterdam zijn vervuild

AMSTERDAM, 29 OKT. De hygiëne op Amsterdamse scholen voor basis- en voortgezet onderwijs is ver beneden peil. Dat concludeert de GG en GD na een onderzoek op ruim driehonderd scholen.

Uit inspectie door de afdeling jeugd-en gezondheidszorg van de GG en GD blijkt dat het met de hygiëne en veiligheid op de scholen “matig tot slecht” is gesteld. De onderzoekers stuitten op vervuilde lokalen, vieze trappen, onhygiënischee wasbakken zonder zeep en hondepoep op het schoolplein.

In totaal werden 206 basisscholen, 67 scholen voor voortgezet onderwijs en 24 scholen voor speciaal onderwijs onderzocht van begin 1991 tot eind 1992. De deelraadbesturen hadden om het onderzoek gevraagd.

Bij het basisonderwijs werd een slechtere situatie aangetroffen dan in gebouwen voor voortgezet-en speciaal onderwijs. Meer dan de helft van de onderzochte scholen, 56,9 procent, bleek last te hebben van ongedierte. Onderzoekers van de GG en GD stootten tijdens hun onderzoek niet zelden op bijvoorbeeld dode muizen.

Op 129 scholen bleken de toiletten niet aan elementaire voorwaarden te voldoen. Geen bril en geen handvaten aan doortrekkers. Bij navraag blijkt dat vooral meisjes de gang naar het toilet zoveel mogelijk uitstelden. “In geval van nood ging men op de kale pot zitten. Een leerlinge bleek overdag praktisch niets te drinken in de hoop niet naar het toilet te hoeven. Deze leerlinge leed echter aan een nierziekte. “Haar arts had juist veel drinken voorgeschreven”, aldus het rapport van de GG en GD.

Gevaarlijk gereedschap werd op 39 scholen niet in een afsluitbare kast in het handenarbeidlokaal opgeborgen. Het gereedschap hangt los aan de muur om te kunnen zien of er iets ontbreekt. “Verwondingen door langslopen zijn hierdoor verre van denkbeeldig”, aldus het rapport.

Van het basis- en speciaal onderwijs gaven 142 scholen aan de zandbak niet af te dekken. Als dat wel gebeurde, bleken vandalen hun slag te slaan. “Sommige zandbakken waren dermate vervuild dat de schoolleiding probeerde te voorkomen dat kinderen erin speelden”, aldus het rapport.

In 1990 riep de toenmalige staatsssecretaris van onderwijs, Wallage, schoolbesturen op de schoonmaakwerkzaamheden in hun gebouwen scherper te controleren. Uit onderzoek onder 89 scholen was gebleken dat de 'vuilgraad' niet strookte met de gangbare opvattingen over hygiëne.