Gebakken Zwitser

Aixa was de moeder van de laatste Moorse koning van Granada. Boabdil heette die koning, maar hij werd ook wel 'De Kleine Koning' genoemd. Overal zie je hier nog namen uit die tijd, vooral van straten en cafés en restaurants: Zafra, Zoraya, Mulhacen, Alhacaba...

Bar Aixa is een prettig café. Het ligt aan de Plaza Larga, een rechthoekig plein in het hoge deel van de Moorse wijk. Elke morgen is daar markt: er worden groente en fruit verkocht, planten, schoenen, pantoffels en kleren. Een oude zigeunerin zit er altijd op een bank met een stapel onderbroeken naast zich. Die wil ze verkopen, en als de politie er aankomt, stopt ze ze gauw in een plastic tas. Want een vergunning heeft ze niet.

Vanaf zeven uur kun je in Bar Aixa ontbijten. Spanjaarden ontbijten graag buiten de deur. Je kunt vier verschillende soorten koffie bestellen; kinderen drinken chocolademelk of frisdrank. Daarbij eet je dan bijvoorbeeld een Gebakken Zwitser, een warm zacht broodje met boter en jam. Of een tostada pipirana: geroosterd brood met kikkerpies. Ook heel lekker. Op het geroosterde brood wordt een scheut olijfolie gegoten en daarover wordt fijngehakte rauwe tomaat gesmeerd.

Je kunt in de meeste cafés niet zitten. Tafeltjes en stoelen zijn er niet. Je zet je boodschappentassen tussen je voeten en staat te eten. En kauwend kijk je hoe de twee mannen achter de bar razendsnel heen en weer vliegen om alle klanten in een ommezien te bedienen. Die kleine dikke, Pepe, is aardig. “Daar komt de koningin van het feest! Dag schoonheid, wat wil je eten?” hoor je hem roepen. Tersluiks kijk je voor wie dat wel bestemd is. Een oud vrouwtje met spierwit haar en geen tand meer in haar mond! Ze trekt een gezicht alsof die complimenten haar al lang vervelen. “Tostada con mermelada”, zegt ze. Geroosterd brood met jam.

Zakjes van suiker en papieren servetjes moet je op de vloer gooien. Dat is overal zo. Hoe meer papiertjes op de vloer, hoe beter: een teken dat het een goed café is, dat de koffie er sterk en heet is, want er komen blijkbaar veel mensen. Boze tongen beweren dat er cafés zijn waar ze de papiertjes opvegen en bewaren, om ze de volgende morgen weer uit te strooien, zodat het eruitziet alsof het een drukke zaak is.

Bij Bar Aixa hebben ze dat niet nodig. Het is er de hele dag druk. Vanaf elf uur krijg je bij elk drankje een hapje, een tapa. Gebakken broodkruim, stukjes lever met aardappel, een paar gebakken visjes met olijven. Er worden tientallen verschillende tapas gemaakt.

's Avonds als het donker is, is het rustig en koel op het plein. Onder de oude lindebomen zitten de mensen nu aan tafeltjes, en wie niets bestellen wil zit op een van de banken rondom. Soms wordt er muziek gemaakt. Iedereen praat; wie alleen is gekomen praat met zijn buurman. Ik ken geen vrediger plek op de hele wereld.

    • Els Pelgrom