Echtpaar Romein gevangen tussen zelfbeeld en onbegrip

AMSTERDAM, 29 OKT. Marxist maar geen meeloper van Moskou. Debatteren in plaats van verketteren. Wel willen kiezen maar niet met de pistool op de borst. Zo zag prof.dr. J. Romein zichzelf. En zo zagen zijn vrienden hem.

Maar voor de buitenwacht bleef Romein, die morgen honderd jaar geleden werd geboren, 'een meeloper van Moskou', een 'rooie'. Verketterd, niet alleen door rechts, ook door zijn vroegere partijgenoten uit de CPN. Gewantrouwd omdat hij en zijn echtgenote Annie zich in de jaren van de koude oorlog niet wilde laten verleiden tot een ondubbelzinnige keuze tussen links of rechts.

Tijdens het congres, dat gisteren in Amsterdam werd gehouden naar aanleiding van de honderdste geboortedag van Romein, boog een keur van sprekers zich over 'de firma Jan en Annie' zoals Romein hen zelf ooit kenschetste.

Een vrijplaats voor het debat vormde de redactie van De Nieuwe Stem, maandblad voor cultuur en politiek, dat op initiatief van Romein en Nico Donkersloot in januari '46 het licht zag. Het blad stond een links sociaal humanisme voor en wilde voor alles non-corformistisch zijn. De redactie, onder wie H. Pos, O. Noordebos, W. Wertheim en J. Suys, nam stelling tegen de na-oorlogse restauratie. “Ze koesterden het idee van een brede progressieve samenwerking. Een keur van schrijvers kwam in De Nieuwe Stem aan het woord. Ze namen stelling tegen de dictatuur van de publieke opinie”, aldus drs. A. Faber gisteren in zijn toespraak over 'Romein en De Nieuwe Stem'.

Door het grote publiek werd het blad en zijn redactie met argusogen bekeken. De Nieuwe Stem heette een blad voor 'fellow-travellers' te zijn, voor meelopers. Met Moskou wel te verstaan. Faber: “Dat was absoluut niet het geval. Het blad wilde een vrijplaats zijn voor het intellect. Maar Romein was en bleef voor de buitenwacht een 'crypto-communist.' ”, aldus Faber.

Het echtpaar wilde niet kiezen tussen Mussert of Moskou. Wilde niet bij een van de kampen worden ingedeeld. Maar, aldus Faber, op één punt namen de Romeins wel degelijk stelling: “ze keerden zich tegen de cultuurloosheid en het materialisme zoals dat in het Amerika van na de oorlog vigeerde.”

De Romeins ontpopten zich in De Nieuwe Stem als hartstochtelijke pleitbezorgers voor het herstel van de Europese beschaving. Film werd afgedaan als kitsch, ballet als 'misbruik van klassieke muziek', Brigitte Bardot als een 'oversexed kindvrouwtje'. Literaire nieuwlichters als de Vijftigers kregen in De Nieuwe Stem nauwelijks een poot aan de grond. “Effectbejag en idiotie”, aldus omschreef Donkersloot de pennevruchten van de nieuwe lichting experimentele schrijvers.

Faber: “Er gaapte een generatiekloof tussen de redactie en de jeugd. In '56 werd de kloof zichtbaar tussen de redactie en de lezers. De Nieuwe Stem veroordeelde weliswaar de Russische inval in Hongarije maar wees meteen op Suez en Algerije. Na '56 had het blad nog maar een paar honderd abonnees.” Halverwege de jaren zestig hield het op te bestaan.

Voor hele generaties zal 'de firma Jan en Annie' in een adem genoemd worden met 'De Erflaters' en 'De Lage Landen bij de Zee'. De historicus prof. G. Harmsen boog zich gisteren over het marxisme in De Lage Landen en wat precies moet worden verstaan onder marxistische geschiedschrijving. “Eens was dat voor mij een eenduidig begrip van waar uit ik alle andere interpretaties als vervalsingen afwees. Die tijd ligt ver achter mij en dit maakt het moeilijk de vraag naar wat marxistische geschiedschrijving is te beantwoorden.”

Romein toonde zich in De Lage Landen niet alleen historisch-materialist maar ook nadrukkelijk marxist, aldus Harmsen. Hij wees op de plaats die Romein de arbeidersklasse toedichtte in het historische proces dat moest uitmonden in de komst van het socialisme. De eerste druk van De Lage landen, onder druk van de uitgever in grote haast geschreven, verscheen in '34 en ging in groten getale over de toonbank. “Het hele boek getuigt van grote betrokkenheid bij de vaderlandse traditie. Het is velen tot steun geweest tijdens de Duitse bezetting. Het was daarom ook onzin om later te twijfelen aan de vaderlandsgezindheid van Romein,” aldus de ex-CPN'er Harmsen die bekende zelf “ook wel schunnige stukken tegen Romein te hebben geschreven”. Desalniettemin was er wel degelijk sprake van twijfel, wat bleek uit de niet bepaald soepel verlopende benoeming, eerst tot buitengewoon en later tot gewoon hoogleraar in de algemene- en vaderlandse geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam.

De vraag naar de actualiteit van Romein voor de huidige generatie kwam gisteren niet aan de orde. Op dit moment is vooral zijn leermeester Huizinga weer 'in' zoals een bezoeker opmerkte. “Dat kon je een jaar of vijf geleden ook niet voorspellen. Zoiets gaat in cycli. Het kan heel goed zijn dat over een jaar of wat sprake is van een hernieuwde belangstelling voor het werk van Jan en Annie.”

    • Anneke Visser