Terre'Blanche krijgt slechts boete voor actie in 1991

JOHANNESBURG, 28 OKT. De leider van de racistische Afrikaner Weerstandsbeweging (AWB), Eugene Terre'Blanche, is gisteren veroordeeld tot het betalen van een geldboete voor zijn aandeel in de zogeheten “Slag bij Ventersdorp”. In augustus 1991 kwamen in dit Transvaalse dorp drie AWB-leden om het leven bij een confrontatie tussen de politie en de extreem-rechtse blanke organisatie. De AWB probeerde een politieke bijeenkomst te verstoren waar de Zuidafrikaanse president De Klerk zou spreken.

De rechter legde Terre'Blanche, die het protest leidde, een boete op van 10.000 rand (5.500 gulden) of duizend dagen gevangenisstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf van anderhalf jaar. De officier van justitie had gevangenisstraf geëist. De rechter in Potchefstroom meende echter dat Terre'Blanche “oprecht berouw” had getoond tijdens het proces en goed had meegewerkt aan het politieonderzoek. De rechter noemde het “schokkend” dat de AWB-leider zich die avond aan het hoofd had gesteld van een menigte die gewapend met pistolen, geweren, honkbalknuppels, gasmaskers en stokken naar de vergaderzaal trok om de president “vragen te stellen”.

Een andere leider van de optocht, oud-AWB-generaal Piet "Skiet' Rudolph, kreeg een boete van drieduizend rand (1.650 gulden) opgelegd. Een 34-jarige inwoner van Warmbad kreeg als enige van de 12 verdachten een gevangenisstraf opgelegd, omdat hij op de politie heeft geschoten. Alle andere verdachten kwamen er met boetes vanaf. Na de uitspraak juichte een schare AWB'ers buiten de rechtszaal de in camouflagepak gestoken Terre'Blanche toe. “Lang leve de strijd”! riep hij hen met opgesto