Personeel van Bova heft bezetting op

ROTTERDAM, 28 OKT. De werknemers van de touringcarfabrikant Bova in Valkenswaard hebben gisteren besloten de bedrijfsbezetting te beëindigen. Volgens hen is het doel van de bezetting - geen verstrekking van informatie aan derden ter voorkoming van schade aan de belangen van Bova - bereikt.

Het comité zegt van de Bova-directie en eventuele financiers de schriftelijke garantie te hebben gekregen dat geen informatie wordt gegeven aan derden dan wel hun adviseurs. Het personeel zou vandaag nader worden ingelicht over de onderhandelingen om Bova te verkopen aan twee ex-directeuren.

Bova valt buiten het faillissement dat gisteren is uitgesproken voor zowel moederonderneming United Bus als voor de werkmaatschappijen Den Oudsten in Woerden en Daf Bus in Eindhoven. Curator mr. H.I. Prinsen zegde de circa 520 werknemers van Den Oudsten en Daf Bus gisteren in de loop van de dag ontslag aan.

Bij DAF Bus hebben de ondernemingsraad en de Unie BLHP een bewakingsdienst ingesteld die moet voorkomen dat machines en materialen worden weggehaald. Daarmee wil de ondernemingsraad een onderhandelingspositie behouden tegenover de curator. Volgens OR-voorzitter P. Nouwen zal die bewakingsdienst fungeren tot er een koper voor het failliete bedrijf is gevonden. “Er zijn op dit moment zeker vier serieuze gegadigden”, aldus Nouwen.

Curator Prinsen hoopt dat de buitenlandse dochterbedrijven van United Bus, die buiten het faillissement zijn gebleven, kunnen worden verkocht. DAB in Denemarken (400 werknemers), waarin United een belang heeft van 70 procent, kan mogelijk worden overgedaan aan de andere aandeelhouder. De dochterondernemingen in het Verenigd Koninkrijk (Optare met 350 mensen) en Zwitserland (Ramseier und Jenzer Bus & Bahn, 45 werknemers) zullen waarschijnlijk worden overgenomen door het management.

Bij het busbedrijf Den Oudsten in Woerden kregen de werknemers gisteren aan het eind van de ochtend te horen dat de rechtbank in Utrecht het faillissement had uitgesproken en dat hun ontslag werd aangezegd. Dat Den Oudsten het loodje heeft gelegd, kwam volgens de werknemers niet door de kwaliteit van de bussen. Het is eerder de schuld van het falende management en de overheid. Normaal gesproken bouwde Den Oudsten jaarlijks 300 tot 350 bussen voor de Nederlandse streekvervoerders. Dit jaar was dat aantal teruggelopen tot een schamele 120. De noodlijdende streekvervoerbedrijven houden de oude exemplaren gewoon wat langer op de weg. Intussen liepen in Woerden de opdrachten terug.

Voor Den Oudsten zat er niets anders op dan klanten te werven in het buitenland; iets wat mondjesmaat is gelukt. Den Oudsten haalde een Griekse order binnen en in Duitsland timmerde het bedrijf aardig aan de weg. Maar de inspanningen bleken onvoldoende om de weggevallen opdrachten te compenseren.