Nooit meer blijven zitten

De zelfstandigheid van de middelbare scholier wordt ernstig onderschat, meent rector G. Hobbelen van de Roncalli Scholengemeenschap in Bergen op Zoom. We lopen door de gangen van de school en de rector wijst op de leerlingen die voor zichzelf zitten te werken in de tussen de lokelen gelegen werknissen. De een leest een Engels boek, de ander maakt wiskundesommen, een derde is bezig met aardrijkskundeopgaven. In een volgende werknis zit een leerling die de eenzaamheid verkiest. De sfeer is er rustig en studieus. Door het raam dat de nis met de klas verbindt zie je de leraar die een groepje leerlingen iets aan het uitleggen is. ""Buitenstaanders geloven vaak niet dat kinderen van deze leeftijd voldoende zelfdiscipline hebben om hun eigen werk in te delen'', zegt rector Hobbelen, ""men denkt dat hier bijzondere leerlingen op school zitten, of een elite, maar we hebben hier hele gewone kinderen.''

Wat niet gewoon is op de Roncalli Scholengemeenschap voor MAVO, HAVO en VWO is het op Dalton gebaseerde onderwijssysteem, dat al dertig jaar de tand des tijds heeft doorstaan en steeds moderner wordt. Zittenblijvers kennen ze niet, zomin als de gemiddelde scholier. Tempo en niveau bepalen leerlingen zelf. Daarom hoef je op het Roncalli ook niet per se rond de zomervakantie over te gaan naar een volgende klas, dat kan even goed in november of april. Als consquentie van dit systeem bestaat op deze school zelfs de mogelijkheid om twee keer per jaar eindexamen te doen. In mei, zoals de rest van Nederland, of als het beter in het werkschema past, eind augustus. Dat is nog net op tijd om met de vervolgopleiding te starten.

""Ik loop op schema'', zegt Femke Dingemans (17). Ze zit in groep 65 en dat betekent dat ze dit jaar in mei eindexamen VWO kan doen. Robert Loomans (17) is tegelijk met Femke in de brugklas begonnen, maar hij zit nu in groep 55, ""ergens'' in 5 VWO. In het vierde leerjaar verloor hij snelheid en raakte achter. Een onvoldoende heeft hij echter nooit gehaald. ""Ik stelde alles uit en heb toen weinig toetsen gemaakt. Als er iets leuks op de televisie was bleef ik kijken'', zo verklaart hij zijn achterstand. Wel heeft hij in die tijd vrijwel z'n hele boekenlijst bij elkaar gelezen. Leerlingen mogen dan zelf hun tempo bepalen, door de mentor wordt wel gecontroleerd hoeveel er op hun "taakkaart' is afgetekend. Soms doen ze langer over toets omdat ze meer tijd nodig hebben om de stof onder de knie te krijgen, soms komen ze tijdelijk in een "dalletje', zoals Robert. Het loopt dan even niet zo gesmeerd. Het standje dat Robert via zijn mentor uit de lerarenvergadering doorkreeg maakte veel indruk op hem. ""Achter op mijn zomerrapport stond dat ze zeer ontevreden waren over m'n werkhouding. Dat was natuurlijk wel minder.'' Rector Hobbelen doet niet dramatisch over de achterstand die Robert heeft opgelopen en heeft er alle vertrouwen in dat hij zonder verder oponthoud zijn eindexamen zal halen. ""Hij is ook nog lid van de medezeggenschapsraad en aktief in de milieucommissie. Daar heeft hij nu wat meer tijd voor.''

Elk schooljaar is op het Roncalli verdeeld in zeven ongeveer gelijke stukken of "werkeenheden'. Elke eenheid bestaat per vak uit drie taken en een eindtoets. Tijdens de tweejarige brugperiode zitten alle leerlingen van MAVO, HAVO- en atheneum doorelkaar. Als zwakke leerlingen extra tijd nodig hebben voor herhaling kunnen de snellere klasgenoten met de "verrijkingsstof' aan de gang. Zo kan iedereen op zijn eigen niveau werken. In de loop van het tweede jaar wordt begonnen met het zelf leren plannen en volgens eigen tempo werken. Vanaf dat moment moeten leerlingen zelf bepalen voor welk vak en voor welke toets ze aan de gang gaan. Als ze hulp nodig hebben schakelen ze een leraar of mentor in.

Staat er gemiddeld vijf à zes weken voor een werkeeneid, in de praktijk blijkt dat sommige leerlingen er vier weken voor nodig hebben en anderen er acht weken over doen, voordat ze alle toetsen hebben afgewerkt. Door dit tempoverschil ontstaan er groepjes leerlingen die allemaal met een ander onderdeel van de leerstof bezig zijn. Is een toets onvoldoende dan volgt "revisie': de stof moet geheel of gedeeltelijk worden herhaald. Leerlingen blijven echter nooit zitten, in de ouderwetse betekenis van het woord. ""Wat is de zin daarvan?'', zegt Femke met onbegrip in haar stem. ""Leerlingen raken in de loop van het jaar hun motivatie al kwijt omdat ze weten dat ze toch blijven zitten. Het jaar daarop moeten ze alles overdoen, ook de vakken waar ze wel goed in zijn.'' Ze kan zich goed voorstellen dat leerlingen daar onzettend van balen. ""Goedbeschouwd zijn het twee verloren jaren.''

Hoewel de scholieren op het Roncalli nooit een heel jaar over hoeven doen is de tijdwinst niet spectaculair. Volgens de rector doen zijn leerlingen gemiddeld een paar maanden korter over hun middelbare school, maar dat beeld wordt geflatteerd doordat ze twee examentijdstippen hebben.

""Veel belangrijker dan de tijdwinst vind ik dat kinderen hier leren om zelf verantwoordelijkheid te dragen voor hun schoolwerk en zelfstandig kunnen studeren. Ordeproblemen hebben we nauwelijks, een docent voor het bord die de baas is kennen we hier niet.'' Als het onderwijssysteem van zoveel voordelen heeft - vervolgopleidingen klagen immers steen en been over de onzelfstandigheid van de aankomende student - waarom nemen andere scholen het dan niet over? ""Angst voor het onbekende'', denkt Femke. ""Het klassikale systeem is het veiligste, dat kent iedereen. Maar daar komen de afzonderlijke kwaliteiten van leerlingen niet uit de verf. Je wordt klaargestoomd voor het eindexamen.''