Italië vreest opleving van links terrorisme na ontdekking komplot

ROME, 28 OKT. Italië vreest een opleving van het linkse terrorisme nadat is gebleken dat extremisten die een Amerikaanse basis hebben beschoten, plannen hadden gemaakt om een topman van het autobedrijf Fiat te vermoorden.

De ontdekking komt na de arrestatie, dinsdag, van zes mannen en een vrouw die betrokken zijn geweest bij de aanslag op 3 september op de Amerikaanse basis in Aviano, in het noordoosten van Italië. De basis wordt gebruikt voor de luchtpatrouilles boven Bosnië. Er werden pistoolschoten afgevuurd op het gebouw waar de Amerikaanse militairen slapen - het kalasjnikov-geweer dat de terroristen bij zich hadden, blokkeerde. Een van hen gooide een primitieve bom.

Onder andere via de gebruikte auto heeft de politie de daders kunnen opsporen. Drie van hen worden beschouwd als gewone misdadigers. Zij hebben de auto gestolen van waaruit het gebouw onder vuur is genomen. Drie andere verdachten hebben toegegeven dat zij lid zijn van een groep hardliners binnen de linkse terreurgroep Rode Brigades die is blijven bestaan nadat de historische leiders van de brigadisten de gewapende strijd hadden afgezworen. De zevende verdachte is de vriendin van een van hen.

Bij huiszoekingen heeft de politie documenten ontdekt waaruit blijkt dat de groep plannen had om Paolo Cantarella, als managing director van Fiat Auto de derde man binnen de Fiat-groep, te vermoorden. Ook minister van arbeid Gino Giugni en een voorman van het staalbedrijf Ansaldo, waar een van de verdachten heeft gewerkt, staan op de lijst van potentiële slachtoffers.

Een terugkeer van de golf van links geweld in de jaren zeventig lijkt onwaarschijnlijk omdat deze groep geen politieke steun heeft en volgens de justitie niet groter is dan veertig man, verspreid over Noord-Italië, met een accent op het noordoosten. Dat zij samenwerkt met de gewone misdaad, een breuk met de traditie van de Rode Brigades, wordt ook als een teken van zwakte gezien. Maar de groep, die zich de Strijdende Communistische Partij noemt, lijkt wel in staat tot incidentele aanslagen.

Een van de verdachten, Francesco Aiosa uit Genua, ex-arbeider bij Ansaldo, is in 1980 al veroordeeld tot achteneenhalf jaar cel wegens terroristische activiteit. Ook een andere arrestant, Paolo Dorigo uit Venetië, is een oude bekende van de politie. Hij is sinds 1985 drie keer gearresteerd wegens lidmaatschap van een gewapende bende, maar is nooit veroordeeld. Zijn broer is parlementslid voor Communistische Heroprichting, de groep die zich heeft afgescheiden van de voormalige Italiaanse Communistische Partij na haar naamsverandering.

De aanslag in Aviano was de eerste linkse aanslag van dit jaar. Vorig jaar heeft een groep die zich Strijdende Communistische Kernen noemt de verantwoordelijkheid opgeëist voor een bomaanslag op het kantoor van de werkgeversorganisatie Confindustria.

    • Marc Leijendekker