"Groei in balloneconomie zorgt niet voor meer welvaart'

Wouter van Dieren, lid van de Club van Rome, stond aan de wieg van de Nederlandse milieubeweging. Tegenwoordig volgt hij de milieubeweging zeer kritisch.

Gisteren hield hij de Erasmuslezing waarin hij juist de economische machthebbers kritiseert.

"Mijn stelling is: er heerst een massaal onbehagen. Niet alleen bij de kansarmen onderaan de maatschappij, maar overal: bij de consument die de zoveelste generatie nieuwe elektronica over zich heen krijgt, bij de burgers die worden opgescheept met nog meer autowegen, nieuwe spoorlijnen, uitbreiding van vliegvelden en met steriele kantoorwijken met hun lachspiegelarchitectuur. En zelfs ondernemers voelen zich onbehaaglijk. Onlangs kreeg ik driekwart van een zaal mee, grotendeels gevuld met ondernemers, met de stelling dat in de volgende kabinetsperiode bij de berekening van het nationaal inkomen een begin gemaakt zal worden met het compenseren voor milieu- en welvaartsverliezen. Ook de captains of industry weten dus dat deze economie misschien meer schade doet dan goed voor ons is.''

Wouter van Dieren (1941), milieuactivist van het eerste uur, hield gisteren de Erasmuslezing voor de Erasmus Liga te Den Haag, het Nederlandse genootschap van de Club van Rome. Van Dieren, oprichter van de Bezinningsgroep Energiebeleid, het Centrum Energiebesparing en de Stichting Toegepaste Ecologie, en mede-oprichter van Milieudefensie en de Initiatiefgroep Oosterschelde, is sinds 1985 directeur van het Instituut voor Milieu- en Systeemanalyse (IMSA), een bureau van dertig man dat het bedrijfsleven en de overheid adviseert bij het oplossen van milieuproblemen. Van Dieren is een van de drie Nederlandse leden van de Club van Rome.

In zijn lezing verzet Van Dieren zich tegen het economisch autisme van de huidige machthebbers die produktiegroei verwarren met vooruitgang. Volgens Van Dieren is er een balloneconomie ontstaan waarin allerlei activiteiten worden opgeteld bij het nationaal inkomen, terwijl er in werkelijkheid weinig tot niets wordt geproduceerd of zelfs contraproductief wordt gewerkt.

De laatste tijd geeft hij lucht aan zijn grote ergernis dat de milieubeweging, de vakbeweging en consumentenorganisaties hierbij versuft toekijken en hun tijd verdoen met de strijd tegen onbenullige symbolen zoals verpakkingen, spuitbussen, fosfaat in wasmiddelen, PVC, de plastic tas, papieren luiers, dioxinen of de Sandoz-ramp.

Die mening heeft u nogal wat vijanden bezorgd.

"Dat valt gelukkig wel mee. Ik ken er twee, Lucas Reijnders en Wouter Klootwijk, vroeger redacteur van de Volkskrant. Vijf jaar geleden vergeleek hij de adviezen die mijn bureau IMSA aan het bedrijfsleven levert met "collaboratie met de vijand in oorlogstijd'. Ik heb toen de Volkskrant gedreigd met de Raad voor de Journalistiek. Het werd door de hoofdredactie afgedaan met een rectificatie. Achteraf heb ik er spijt van dat ik niet gekozen had voor de Raad voor de Journalistiek. De belediging is toch ergens blijven hangen. Maar goed, meestal gaat het er niet zo venijnig aan toe. Afgelopen zomer ontstond er in het blad Milieudefensie een polemiek over mijn aanval op de milieubeweging die ik kort daarvoor op de opiniepagina van NRC Handelsblad "sufheid' had verweten. Dat leverde nogal wat reacties op, grotendeels bevestigend.'

Zoals?

"Ik verwijt de milieubeweging een gebrek aan visie op de grote lijnen. Ze is gevlucht in een strijd tegen symbolen, die de aandacht van de hoofdzaak afleiden. Ik heb voorgesteld dat de woorden "verpakking' en "statiegeld' bij wijze van oefening een jaar lang niet meer in milieubladen mogen verschijnen. De hoofdzaak van de milieuvervuiling en van de uitputting van grondstoffen is iets heel anders. Dat is de gekte van de expansieve economie. De reacties in Milieudefensie varieerden sterk. Van instemming, zoals van Hans Achterhuis of van Paul Kuypers van De Balie. Die gebruikte de term "pacificatie' voor de wijze waarop de milieubeweging is ingepakt met subsidies en overlegscircuits. En er waren rabiate afwijzingen als van Lucas Reijnders, die mijn beweringen afdoet als de zoveelste aanval op de nagestreefde kringloopeconomie van de milieubeweging. Reijnders blijft maar doorzeuren over wegwerpluiers en verpakkingen. Hij denkt kennelijk echt dat dit van groot belang is voor de toekomstige kringloopeconomie en hij ergert zich eraan dat ik met mijn adviezen aan het bedrijfsleven dit proces zou frusteren.'

Is de kringloopeconomie dan niet wenselijk? Is er iets tegen het verzamelen van glas en papier?

"Glas valt uitstekend te recyclen, glasbakken ben ik dan ook voor. Papier ook, maar... alleen gedeeltelijk. Dat hangt samen met de fysische eigenschappen van papier, met vezellengten en scheursterkte. Bij iedere opwerking tot nieuw papier neemt de vezellengte af. Je kunt papier niet eindeloos recyclen. 75 procent recycling, wat in Nederland nu gebeurt, dat is ongeveer de grens. Er zullen dan nieuwe houtvezels bijmoeten, van vers gekapte bomen, en er zal een deel uit de kringloop genomen moeten worden, als WC-papier, kartonnen verpakking, tissues of papieren luiers. Het is, gewoon wegens de fysische eigenschappen van papier, zinloos om voor 100% recycling van papier te pleiten, zoals de milieubeweging nu doet. Ook hun strijd indertijd tegen fosfaat in wasmiddelen was zinloos, het heeft geen enkele oplossing gebracht. Een fractie van het fosfaat in het rioolwater kwam uit de wasmiddelen, de rest uit faecaliën en mest. Heeft het voor onze plassen en kanalen geholpen nu er geen fosfaat meer in de wasmiddelen zit? Helemaal niets. Men had zich sterk moeten maken voor een "derde trap' in de rioolzuivering die het fosfaat geheel weg zou nemen, in plaats van klakkeloos kreten te roepen als "bestrijding bij de bron' en "de vervuiler betaalt'. De waterbodems zijn zo ernstig met fosfaat verzadigd dat ze nog vele tientallen jaren, misschien wel eeuwen, fosfaat zullen naleveren. De eutrofiëring blijft daarom onverminderd op hetzelfde niveau.'

Noem nog eens wat fouten van de milieubeweging.

"Vorige maand was ik in Noorwegen te gast bij de radicale groene beweging. Ik kreeg daar een soort vlees te eten dat ik niet kende. Ik hoorde pas later wat het was: walvisvlees! Het was heel smakelijk, maar het geeft je toch even een vreemd gevoel. Maar wat blijkt: de Noorse groenen zijn voor de walvisvaart. En waarom ook niet? Er zijn in de Noordatlantische Oceaan een kleine honderduizend bultruggen - of wat voor walvisvlees het ook was. Laat je daar nu eens 500 per jaar van oogsten. Dat maakt voor de populatie niets uit. Je zou zeggen: een prachtig voorbeeld van een renewable resource. Maar wat zegt de milieubeweging en in het bijzonder Greenpeace? Schande over Noorwegen, Noorwegen wil de walvissen bejagen! Natuurlijk moet er wat aan de internationale walvispiraterij gedaan worden. Maar Greenpeace zou eens wat genuanceerder over de walvisvaart moeten nadenken.'

"Greenpeace is de Robin Hood van de milieubeweging. Ze spelen een eenvoudige rol: actie, ertegenaan. Ik merk bij mijn werk met IMSA dat managers in een rollenspel zich heel goed in Greenpeace kunnen inleven. Maar Greenpeace heeft fouten gemaakt. Vorig jaar heeft een boot van ze een maand op de loer gelegen bij een boorplatform in de Noordzee. En ja hoor, er viel een blik olie van het platform en er was een olievlekje van een paar honderd meter. Het journaal kon diezelfde avond beelden vertonen van een olieramp op de Noordzee. Of de Greenpeace-acties bij de Windmill, een kunstmestfabriek in Vlaardingen. Ze kwamen daar aanzetten met acties terwijl de milieusanering in volle gang was. Of het afsluiten van een lozingspijp van Akzo in Delfzijl op grond van cijfers die er een factor tien naast zaten. Allemaal fouten. Ze moeten hun huiswerk beter doen. De milieubeweging mag geen fouten maken.'

Genoeg gehakt op de milieubeweging. In uw Erasmuslezing kant u zich juist tegen "de balloneconomie' die in stand wordt gehouden door "economisch autisme'. En met dit autisme hebt u het ditmaal niet over de milieubeweging maar over de economische machthebbers.

"Bij mij is de vraag gerezen hoe het toch komt dat in onze maatschappij een dogma is ontstaan over de noodzaak van economische groei. We zijn aan groei gewend geraakt, het was een deel van de American dream met ijskasten en auto's die we bij de wederopbouw nastreefden. Maar Amerika, een land met een gemiddeld inkomen dat 30 procent hoger ligt dan het onze, is ook een land van criminaliteit, van verpaupering, zonder behoorlijke gezondheidszorg, van slecht openbaar onderwijs. Moeten we groeien om ook dat na te streven? Want wij gaan ook die kant op. Een jaar of twintig geleden waren we de helft zo rijk als nu, maar we konden wel van alles betalen: openbaar vervoer, onderwijs, bejaardenhulp, werklozen en gezondheidszorg. Dat is nu allemaal onbetaalbaar geworden. Hoe komt dat? Het gangbare economische model zegt dat we moeten bezuinigen op al die dingen die geld kosten en dat we dat moeten investeren in produktiegroei. En wat blijkt dan? Dat we investeren in machines die arbeid uitstoten, zodat er nog meer werklozen ontstaan. De werkloosheid in Europa is nu zo'n 10 procent. In de jaren zeventig was dat nog maar 3 procent en in de jaren tachtig 6 procent. De werkloosheid wordt langzamerhand gelaten aanvaard, er valt kennelijk niets aan te doen. Het probleem is dat de economen, de politici en het bedrijfsleven geen alternatief weten. Ze zijn ook doof voor alle suggesties dat het zonder "groei' misschien beter zou gaan, er is sprake van een collectief autisme.'

"En wat stelt die "groei' nu precies voor? Er is al vaker op gewezen dat het nationaal inkomen bestaat uit een optelsom van alle goederen en diensten die in een jaar geproduceerd worden. Ook al weten sommige economen beter, in de politiek neemt men klakkeloos aan dat een toename van het nationaal inkomen ook een toename betekent van de welvaart. Als de goederenstroom maar toeneemt! Maar veel statistiek hiervan is gewoon zelfbedrog. Als we een gifwijk slopen, de grond reinigen en weer een nieuwe wijk opbouwen, dan is dat produktiviteit van de sloper, de grondsaneerder en van de bouw. Het nationaal inkomen is dus toegenomen. Maar wat is er nu gebeurd? Niets, we zijn geen stap vooruit gekomen. Als die grond niet verontreinigd was geweest, dan had er helemaal niets gesloopt hoeven worden. Hetzelfde geldt voor geluidsisolatie aan huizen in de buurt van wegen en van vliegvelden. Eerst is er een activiteit die iets vervuilt of ons gehoor belast en daarna zijn er reparatieactiviteiten. Maar beide worden bij het nationaal inkomen gerekend en beide tellen mee voor de zogenaamde economische groei. Ook al ziet iedereen dat het onzin is, toch houdt men gewoon vast aan dit groeigeloof.

"Al die economische activiteiten gaan gepaard met het verbruik van grondstoffen, het opsouperen van ruimte en vaak met het vervuilen van het milieu. En het merkwaardige is nu dat in het nationaal produkt dit opsouperen niet wordt meegerekend. Dus als natuurlijke rijkdommen worden omgezet in produkten die het milieu belasten wordt het resultaat "groei' genoemd.

"Het gangbare economische model is irrationeel en leidt tot irrationeel handelen. Omdat energie zo goedkoop is - het is immers een "gratis grondstof' - worden varkens in vrachtwagens van Nederland naar Italië gereden en enige tijd later weer terug in de vorm van Parma-ham. De vrachtwagens denderen langs de Oostenrijkse gletsjers die door het broeikaseffect aan het wegsmelten zijn. Melk uit Friesland wordt naar Spanje gereden en maakt zo Andalusische boeren werkloos. De vrachtwagens uit het Westland rijden naar luchthavens als Warschau en Budapest, omdat die geen luchthavenbelasting heffen en dus goedkoper zijn.'

Misschien zijn dit wat uitwassen, maar het vrije ondernemerschap wordt toch beschouwd als de beste manier om produkten goedkoop te produceren.

"Maar tegen welke prijs? Werkloosheid, ontwrichting, belasting van het milieu... Ik geef vaak het voorbeeld van het yoghurt-bekertje, uit een onderzoek van onze Duitse collega's. In hun studie komt de yoghurt uit één grote fabriek, midden in Duitsland. Dat betekent dat vrachtwagens melk inzamelen over een groot gebied, dat daaruit in een grote fabriek yoghurt wordt gemaakt en dat die yoghurt met vrachtwagens weer over het hele land wordt vervoerd. Dus om een kind iedere ochtend zijn bekertje yoghurt te geven worden er honderden kilometers gemaakt. In het huidige economische model wordt deze produktiewijze rationeel gevonden. Maar datzelfde bekertje yoghurt zou voor dat kind ook gemaakt kunnen worden in een fabriek in zijn omgeving, bereid uit melk van boeren die daar in de buurt wonen. Dat bekertje yoghurt zal iets duurder zijn, maar er wordt heel wat minder dieselolie verbrand, minder lawaai geproduceerd en het zou veiliger op de weg zijn. Toch dwingt ons economisch model tot die grootschalige manier van produceren.'

Maar een centraal geleide economie blijkt ook niet te werken.

"Dat heeft het Oostblok inderdaad bewezen. Ik ben geen voorstander van een planeconomie, maar ook niet van vrijhandel. Er moet een "Derde model' komen. Hoe dat eruit moet zien, daarop kan ik nog geen antwoord geven. Wel weet ik dat er nu een massaal onbehagen aan het ontstaan is over de ingeslagen weg van onze economie. Je ziet nu dat moderne techniek wordt ingezet voor produkten die we eigenlijk niet willen. Er moet HDTV komen en weer een nieuwe generatie geluidstechniek. Als je nagaat dat de levenscyclus van de 78-toerenplaat veertig jaar was, van de langspeelplaat dertig jaar, van de geluidscassette twintig jaar, van de compact disc tien jaar - wat moet dan de levensduur van die nieuwe techniek wel zijn? Volgens mij zal de consument massaal weigeren. Men wil het niet meer, die onnatuurlijk hoge vervanging van het ene produkt door het andere. Men wil weer terug naar de "natuurlijke levenscyclus' van een produkt.

In uw lezing stelt u dat de nagestreefde groei op den duur moet leiden tot toenemende armoede en chaos.

"Wij richten onze economie niet in met een stelsel van evenwichtige verdeling van schaarse middelen. Nee, wij streven alleen maar naar groei - groei moet, de kranten melden onmiddellijk met vette koppen als de groei een half procentje mee- of tegenvalt. Wie durft te zeggen dat de groei ten koste gaat van het milieu wordt overschreeuwd, milieu is luxe lijkt het wel. ""Het gaat nu om overleven,'' roept Timmer van Philips.'

"De milieucrisis is het gevolg van het economische autisme waarin we verkeren. De milieuorganisaties worden als hinderlijke dwarsliggers beschouwd. Kijk naar Rinnooy Kan van het VNO die vindt dat milieu een kwestie is van deskundigen, waar de politiek zich maar beter buiten kan houden.'

"Ik ben nu bezig aan een nieuw rapport voor de Club van Rome samen met een aantal economen, onder andere van de Wereldbank. Het heet Towards a Sustainable National Income en het zal volgend jaar uitkomen. Ook neem ik deel aan een bijeenkomst begin november, belegd door Jacques Delors, die hoopt zijn "Europa' te kunnen redden met een nieuw concept. Het Verdrag van Maastricht is nu al zo dood als een pier. Wie heeft er wat gemerkt van Europa-92? Hebben de kiezers dan geen vertrouwen in een grote binnenmarkt? Of valt Europa weer uiteen in kleine regio's? Je hoort nu alweer de roep om protectionisme. Nee, dat Europa van Maastricht dat komt er niet. Een Europese gedachte kan alleen bestaan bij een veelbelovend concept, een concept zonder de paradoxen van het economisch autisme. Het politiek leiderschap ontbreekt niet omdat we zwakke politieke leiders hebben, maar omdat de politici ronddolen in een failliet concept. Dat is de kern.'