Beste leerling

Laten we wel wezen: op school leer je vooral onzin. Misschien is dat wel nuttig. Zo leer je wennen aan de wereld, want die is vol onzin. Als je het hiermee eens bent: mooi. Zo nee: vergeet het dan maar.

Eigenlijk wil ik je, schriftelijk, les geven. Ik ben niet voor niks leraar. Het is maar een klein lesje, maar deze les snijdt hout. Het kost me op school een kwartiertje, hooguit. Het is het belangrijkste kwartiertje van het jaar. Mijn leerlingen kijken me na afloop glazig aan, zo van: "ik denk nu even niks'.

Mariet heeft een camping getekend, een tweedelige camping. De vakantie is voorbij. Ik schat de kans meer dan 50% dat jij, beste leerling, deze zomer op een camping hebt gestaan, gelegen en gezeten. Je snapt de tekening dus onmiddellijk. Op de ene helft staan tweepersoons tentjes van een wat ouderwets model, bewoond door in totaal vier personen. Op de andere helft staan drie caravans, bewoond door in totaal zes personen. (Denk niet aan Renesse waar des zomers duizenden jongeren tussen lege bierkratten de andere sexe en hun eigen ego lopen te zoeken.)

Wat is je voorkeur? Natuurlijk: één van de kleine tentjes. Dat is tenminste kamperen: simpel leven in de natuur. Laten we eens aannemen dat je woont op de camping, dat je er het hele jaar bent. Dan is de caravan toch prettiger: warmer in de winter, ligt minder hard, heeft een doesje (een kleine douche) en een gootsteen voor het poetsen van tanden en vaat.

Maar de caravans staan te dicht op elkaar, het is er vol en benauwd. Je krijgt er ruzie met je buren, omdat je boven op elkaars lip zit, omdat je ghettoblaster wel eens een beetje hard staat, omdat je loopt te soppen door het afwaswater dat de buren naar buiten hebben gegooid, omdat het hondje van de buren tegen jouw caravan piest en 's nachts blaft. Waar wil je wonen? In het tentje of in de caravan? Wat moet er gebeuren als er straks tien kampeerders zijn die ieder hun eigen caravan willen?

De camping, dat is de wereld. De wereld toen, de wereld vroeger: de tentjes, en de wereld straks, de wereld later: de caravans. Duizenden jaren geleden woonden op vele kilometers van elkaar, groepen van enkele tientallen of honderden personen, nauwelijks het bestaan van de andere beseffend. Ik leerde dat Nederland 8 miljoen inwoners had, het zijn er nu 15 miljoen. Snap je het? Er is bevolkingsgroei op de camping AARDE, een camping die niet groter wordt.

Iedereen wil rijker worden. Nee, laat ik het anders zeggen. Iedereen heeft verlangens. Ik heb net een fax gekocht en wil graag ooit in mijn eigen Jaguar rijden. Jij hebt een rijbewijs, een heel duur paar schoenen of een discman op je verlanglijstje. De meeste mensen op deze aarde zijn armer dan wij. Zo zijn er miljarden die graag een radio of een fiets zouden willen hebben. Een fatsoenlijke rijke gunt ze dat van harte. Een verstandige rijke niet. Zodra ieder gezin op aarde een koelkast, een huis en een auto bezit, wordt het een rotzooi.

Snap je het probleem? Snap je de les? Jij krijgt later, waarschijnlijk meer dan ik te maken met de gevolgen van bevolkingsgroei en het streven naar welvaart. De aarde wordt een camping met caravans. Dat levert ellende: Bosnische en Somalische ellende. Misschien kun je er wat aan doen. Nee, ik kan je niet helpen. Ik heb alleen deze slechte boodschap. Prettige vakantie.

    • Rob Knoppert