Allendes roman gereduceerd tot larmoyant liefdesverhaal

The House of the Spirits. Regie: Bille August. Met: Meryl Streep, Jeremy Irons, Glenn Close, Winona Ryder, Antonio Banderas. In 21 theaters.

Literaire bestsellers zijn vogelvrij. Vroeg of laat worden ze verfilmd. Waarom? Zelden omdat hun auteur dat zo graag wil. Heel soms omdat een cineast oprecht gegrepen werd door hun verhaal en hun vorm. Maar meestal zijn de redenen van trivialer aard. Bestsellers worden een film omdat hun verhaal een bewezen aantrekkingskracht heeft. Omdat hun bewerking tot film oneindig veel gemakkelijker te financieren is dan een origineel scenario. Omdat hun titel al gratis naamsbekendheid met zich meebrengt en een ruim potentieel publiek aanboort. Omdat bekende acteurs zich graag geassocieerd zien met een heuse schrijver en zich gemakkelijk laten verleiden tot een rol. De regisseurs die zich aan zo'n bestseller wagen roepen vaak dermate nadrukkelijk en luidruchtig dat ze altijd al juist deze roman wilden verfilmen, dat het wantrouwen toeslaat. Vaak met reden: zulke cineasten kunnen bij al dat geschreeuw doorgaans nog geen half argument voor hun hartewens op tafel leggen dat meer hout snijdt dan wat al te lezen was op de achterflap van het boek.

Zo wilde Bille August - Deen van geboorte, leerling van Ingmar Bergman, en winnaar van twee Gouden Palmen in Cannes (voor Pelle de veroveraar en voor Best Intentions) en een Oscar voor de Beste Buitenlandse Film (voor Pelle) - volgens zijn eigen zeggen de roman The House of the Spirits van de Chileense schrijfster Isabel Allende verfilmen omdat hij er zo'n "diepgaand liefdesverhaal' in herkende. Wie Allendes boek las, voelt nattigheid. Natuurlijk, Het huis van de geesten vertelt over de liefde, over meer liefdesgeschiedenissen zelfs, maar om de roman zo beperkt te kenschetsen doet suf aan. Het merendeel van de bioscoopdoeken wordt immers in beslag genomen door films over liefde, daar had August heus Allende niet voor nodig.

“Ik voelde me als een jongen in een snoepwinkel”, merkte Bille August ook nog op, over zijn ervaringen als bewerker van de roman tot filmscenario. Hij had zijn film The House of the Spirits niet beter kunnen kenschetsen. August ging in de roman tekeer als een dikke jongen die zich liet insluiten bij planken vol snoepflessen: hij propte zich vol, niet als een fijnproever, maar uit de potten die het gemakkelijkst open gingen en het dichtst bij zijn vette vuisten stonden.

Augusts versie van The House of the Spirits lijkt het meest op een televisie-serie. Episch, met op gezette tijden een kleine climax of cliffhanger waar je al bijna de woorden "wordt vervolgd' verwacht, wordt de familiekroniek verteld van het Chileense geslacht Trueba. We beginnen in de jaren twintig, toen grootgrondbezitters van Europese origine hun macht opbouwden. De film besluit in de jaren zeventig nadat een militaire coup een dictatuur heeft gevestigd met hulp van diezelfde grootgrondbezitters. Die leveren zich daarmee uit aan het plebs dat ze juist dachten te muilkorven. Dat de geschiedenis van Chili nauw de ontwikkeling van de familie Trueba weerspiegelt, speelt echter in de film alleen een ornamentele rol. Ook de in de roman alomaanwezige band met bovennatuurlijke gebeurtenissen en wezens is gereduceerd tot folkloristische versiering. Eenmaal wandelt er een geest binnen, drie of viermaal voorspelt er iemand met succes de toekomst. Het magisch realisme, motor van het boek en leidraad voor alle vrouwelijke personages, is in de film vervangen door wezenloos meisjesgefladder dat tot op hoogbejaarde leeftijd zijn beslag krijgt.

Allendes roman werd gereduceerd tot een schema van liefdes- en haatrelaties, tussen gelieven, tussen ouders en kinderen. Vele personages werden geschrapt, zodat er een uitgeklede versie van de familie en haar ondergeschikten overbleef. Aan hen ontlokte Bille August een larmoyant verhaal dat, voor zover dat nog mogelijk was, getrouw de contouren van het boek volgt, zonder acht te slaan op wat daar achter steekt.

De hoofdrollen van de film The House of the Spirits worden vervuld door een keur aan Hollywood-royalty, aangevoerd door twee koninginnen (Meryl Streep en Glenn Close) en een prinses (Winona Ryder). Waar nodig werden acteurs en actrices voorzien van bruine contactlenzen - het verhaal speelt zich tenslotte af tussen de uitlopers van de Andes - verder bewegen ze zich onder regie van August alsof ze werden ontvoerd uit een Bergmanfilm. Uitgelatenheid, passie, toverkracht, wreed maar onweerstaanbaar machismo, alles wat Allendes roman laat daveren, moffelde die regie weg in geschutter van mensen die geen raad weten met hun lichaam, geplaagd door onuitgesproken zondebesef. Neemt zo'n type plaats in de biechtstoel, onontkoombaar in een film die zich afspeelt in Chili, dan denk je dat hij gek geworden is.

    • Joyce Roodnat