Besluit aanschaf Franse helikopters al in juni genomen

DEN HAAG/PARIJS, 26 OKT. Staatssecretaris Frinking (defensie) had al gekozen voor de aankoop van zeventien Franse helikopters van het type Cougar MKII voor de luchtmobiele brigade, toen het onderzoek naar de militaire kwaliteiten van verschillende kandidaat-helikopters nog in volle gang was. Frinking maakte zijn keuze al in juni van dit jaar, na overleg met premier Lubbers. Op 5 oktober stelde hij de Tweede Kamer formeel op de hoogte.

Volgens de notulen van een overleg van de Tweede-Kamerfractie van het CDA, begin september, erkende Kamerlid Van Vlijmen toen “het commitment ten aanzien van de zeventien Cougars”. Fractiegenoot Hillen sprak over “de Cougar-deal die niet meer teruggedraaid kan worden”. Later die maand, toen de Kamercommissie voor defensie de helikopterfabrikanten over hun produkten had gehoord, sprak een ander Kamerlid over de aanschaf van de Cougars voor de luchtmobiele brigade als zijnde “een voldongen feit”.

Staatssecretaris Frinking maakte in juni al aan de CDA-fractie duidelijk dat hij een voorkeur had voor de aanschaf van de zeventien Franse middelzware transporthelikopters boven de toestellen van de Amerikaanse concurrent Sikorsky, die de S-70A Black Hawk maakt. Als de CDA-fractie de staatssecretaris niet zou volgen in die voorkeur, zou dat leiden tot moeilijkheden in de verhoudingen met zowel Frinking als met premier Lubbers.

Volgens woordvoerder Roy van het Bureau Wapenexport van het Franse ministerie van defensie heeft Nederland de Franse helikopter gekozen, omdat het de Europese defensie-industrie wilde steunen en omdat Frankrijk bereid bleek de Europese luchtvaartindustrie te steunen door de aanschaf van Fokker 100's.

Dat staat haaks op het commentaar van een woordvoerder van het Nederlandse ministerie van defensie, die zegt dat Frinking zijn keus pas maakte na afwikkeling van alle procedures. CDA'er Van Vlijmen: “Wat zich in het openbaar afspeelt, heeft intern altijd een lange voorgeschiedenis.”

De Kamercommissie voor defensie overlegt morgen met Frinking, waarna de staatssecretaris definitief beslist tot aanschaf van de zeventien Franse helikopters ter waarde van 418 miljoen gulden. PvdA-kamerlid Vos zegt dat hij zich daarbij niet gebonden acht aan een standpunt van coalitiegenoot CDA. VVD-kamerlid Van Heemskerck Pillis-Duvekot zegt persoonlijk van CDA-collega's te hebben gehoord, dat de keus voor de Franse helikopters al lang vast lag. “Deze hele helikopterdiscussie is een schoolvoorbeeld van handjeklap.”

Pag.2: Lubbers speelde hoofdrol bij aankoop

Hoewel op de achtergrond, is premier Lubbers hoofdpersoon in de helikopterkwestie. Maar CDA-Kamerleden zijn zo beducht voor zijn mogelijke reactie, dat zij slechts vertrouwelijk over zijn rol willen praten. Lubbers bezocht in juni van dit jaar de Franse premier Balladur. Op dat zelfde moment kregen negen leden van de Kamercommissie op een militair vliegveld bij Parijs een demonstratie van de kwaliteiten van de Cougar MKII. De premiers bespraken ambtelijke notities over belangrijke zaken tussen Nederland en Frankrijk. Balladur beval Lubbers onder meer aan de Cougars te kopen. Deze heli's zijn een produkt van het bedrijf Eurocopter, dat voor zeventig procent in handen is van het Franse staatsbedrijf Aerospatiale. Het Deutsche Aerospace bezit dertig procent van het bedrijf. Lubbers sprak over toestellen van Fokker (in handen van het Duitse Aerospace), die geleverd zouden kunnen worden voor de Franse burgerluchtvaart.

In Frinkings brief van 5 oktober aan de Kamer wordt niet over Fokker gesproken. Daarin staat alleen dat de kwaliteit van de Franse en de Amerikaanse helikopter ongeveer gelijk is, dat het ministerie van economische zaken voorkeur geeft aan de compensatie-overeenkomst die Eurocopter biedt en dat Nederland door "materieel-samenwerking' wil bijdragen aan de Europese "defensie-identiteit'.

De relatie tussen de verkoop van Fokker-toestellen en de aanschaf van de militaire helikopters was al in mei gelegd door Eurocopter. In de offerte voor de levering van de Cougars bood Eurocopter aan naast compensatie-opdrachten te zullen helpen bij de verkoop van tenminste vijf F-100 toestellen aan Air Inter, een dochteronderneming van het Franse staatsbedrijf Air France. Na Lubbers' terugkeer uit Frankrijk gaf staatssecretaris Frinking te kennen dat de voorkeur naar de Franse helikopter uitging.

Maar er kwam een investeringsstop bij Air France en Air Inter. Er dook echter een nieuwe Franse kandidaat voor Fokker-toestellen op: Air Littoral, een particuliere onderneming die drie geleasde F-100's moet inleveren en met Fokker onderhandelt over de aankoop van vijf nieuwe toestellen. Bij zo'n aankoop zou Air Littoral steun in de vorm van een garantie van Air France nodig hebben.

In Nederland wordt de relatie tussen de aankoop van de Franse helikopters en de verkoop van Fokker-toestellen veelvuldig ontkend. Zo stelt een woordvoerder van Economische Zaken dat de premier hoogstens "een goed woordje' voor Fokker kan doen. Een woordvoerder van Fokker beweert dat de invloed van de minister-president bij de verkoop van vliegtuigen "nul' is.

PvdA-kamerlid Vos zegt daarentegen over informatie te beschikken, die hem ervan overtuigt dat Lubbers met Balladur over de Fokker-vliegtuigen voor Air Inter heeft gesproken. Maar hij meent dat er geen sprake meer is van "een koppeling', nu Air Littoral in het spel is.

Nadat Frinking intern duidelijk had gemaakt dat de Cougar was gekozen, ging officieel het onderzoek door naar de vraag welke helikopter de beste aankoop zou zijn.

Ondergronds was de strijd maandenlang hard. Een vertrouwelijk rapport dat de Koninklijke Luchtmacht over de helikopters had laten maken en dat negatief was voor het Franse produkt, lekte uit naar het Britse blad Flight. Kamerleden werden bestookt met suggesties over een traditioneel pro-Amerikaanse vooringenomenheid van de Luchtmacht en een meer Europese benadering van de Koninklijke Landmacht, die betere relaties zou onderhouden met het Franse leger.

Bij Eurocopter in Marseille heerst nervositeit, nu de Tweede Kamer een standpunt inneemt. President-directeur Bernadet wimpelt iedere kritiek af. De voorgangers van de Cougar, de Super Puma en Cougar MKI zijn onder oorlogsomstandigheden gebruikt. De MKII, als modernste versie is echter nooit blootgesteld aan oorlogsgeweld.

Rudloff, verkoopleider voor Europa van Eurocopter, maakt er geen geheim van dat bij verkoop van militair materieel meer speelt dan het overtuigen van de klant. Toen de Cougar MKII aan de Nederlandse defensie werd aangeboden, werd ook de Franse commissie ingelicht die de exportvergunning voor wapens moet verstrekken. Dat is een commissie waarin vertegenwoordigers van het ministerie van defensie, van buitenlandse zaken, van financiën en van het kabinet van de premier zitten. Via die commissie wordt de diplomatieke lobby voor wapenverkoop georganiseerd.

Het is geen uitzondering dat overwegingen die niets te maken hebben met de technische kwaliteit van een wapen een belangrijke rol spelen bij een beslissing tot aankoop. Bij de deze maand beklonken verkoop van Franse Cougar MKI's aan Turkije werd de Turkse president onder druk gezet. Met het oog op het door Turkije nagestreefde lidmaatschap van de EG zou het land geen Amerikaans toestel moeten kopen en "een Europese karakter' tonen.

Rudloff van Eurocopter wil graag doorgronden waarom Nederland - als alles volgens Frinkings wens verloopt - de Cougar MKII aanschaft. Daarin schuilt het antwoord op de vraag wat er gebeurt met een volgend project, begin volgend jaar. Dan wordt een offerte gevraagd voor veertig gevechtshelikopters, Eurocopters Tiger. Dat vergt wellicht een andere aanpak, meent Eurocopter, omdat Lubbers geen premier wil blijven.

    • Ben van der Velden