Onderhandelingen over pensioenen rijksmusea

RIJSWIJK, 25 OKT. Het ministerie van WVC is in onderhandeling over een bedrag van 34 miljoen gulden dat moet worden betaald om de werknemers van de rijksmusea zonder verlies van rechten onder te brengen bij andere pensioenverzekeraars dan het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP). De rijksmusea worden zelfstandig en de werknemers kunnen daarom niet bij het goedkopere ABP blijven.

Het bedrag van 34 miljoen betreft een "entreesom' voor de nieuwe, duurdere verzekeraars waardoor de pensioenen en de netto-salarissen van de medewerkers van de rijksmusea op hetzelfde niveau kunnen blijven. Volgens een woordvoerster van WVC betekent dat niet dat het rijk 34 miljoen geld extra kwijt is aan de reorganisatie. “De werknemers die weg gaan bij het ABP hebben daar ook rechten opgebouwd”, aldus de woordvoerster. “Deskundigen maken nu een raming van het uitkoopbedrag dat het ABP moet betalen. Daarvan kan een deel van de entreesom worden betaald. Het verschil zal worden bijgelegd door WVC. Dit maakt deel uit van de cao-procedure. Daarbij is er steeds vanuit gegaan dat de werknemers er door de verzelfstandiging niet op achteruit gaan”.

Per 1 januari 1994 worden de eerste tien rijksmusea geheel zelfstandig. In 1995 volgen nog tien musea en rijksdiensten.