Louis Lortie

Beethoven Sonates op.2 nr.1-3 door Louis Lortie (Chandos, chan 9212)

In de vroege pianosonates van Beethoven klinkt veel Haydn en Mozart. Natuurlijk is iets van de latere romantische onstuimigheid, afgewisseld door passages met een hoog lyrisch gehalte, al wel hoorbaar, maar de toon is voor een belangrijk deel nog die van de klassieke muziek. De vroege Beethoven is daardoor niet erg bestand tegen het "grote' geluid van een moderne vleugel. De muziek klinkt dan ineens opvallend metalig en droog.

De jonge Canadese pianist Louis Lortie denkt daar heel anders over. Volgens hem zijn de meeste pianisten die zich "uitsloven op fortepiano's of vroeg negentiende-eeuwse vleugels' gewoon slechte pianisten. In een interview in het muziektijdschrift Luister zei hij in 1991: “Ik zit te wachten op die ene echt briljante pianist die uit pure muzikale overtuiging naar de fortepiano grijpt, niet omdat zijn technisch falen daar minder opvalt.”

Helemaal ongelijk heeft Lortie misschien niet, maar luisterend naar zijn nieuwe opname van de drie Pianosonates op.2 van Beethoven, mis ik toch de zangerige, intieme en vaak wat wankele toon van een oud instrument. Virtuoos is Lortie's uitvoering zeker, maar juist daardoor is het zo jammer dat deze briljante pianist zelf de muzikale overtuiging mist om die technische perfectie voor de verandering eens uit te proberen op een fortepiano.

    • Paul Luttikhuis