Foto: Gisteren speelden Nederland en België in ...

Foto: Gisteren speelden Nederland en België in Dordrecht hun jaarlijkse korfbalinterland.

Oranje won. Na 96 onderlinge duels in de buitenlucht is de stand nu 77 tegen 11 in het voordeel van Nederland. Acht duels eindigden in een gelijkspel. De derby der lage landen is een beladen duel. Er zijn bovendien jaarlijks terugkerende ontmoetingen tussen een Belgisch team en een Gooisch-Utrechtsche combinatie geweest, waarbij propaganda boven rivaliteit ging. Op de foto een fragment uit 1935 van deze friendly game, die twee jaar geleden voor het laatst werd gespeeld.

De Amsterdamse onderwijzer Nico Broekhuysen heeft de korfbalsport in 1902 geïntroduceerd. Hij keek het spel af in Zweden, waar het gymnastische ringboll populair was. Pas in 1920 kreeg de Nederlandse uitvinding navolging in België. In 1946 volgde Groot-Brittanië. Sindsdien is deze gemengde sport wijd verspreid. De meeste Europese landen hebben een korfbalcompetitie. Landen als Australië, India, de Verenigde Staten, Papoea Nieuw Guinea en Indonesië maken ook deel uit van de International Korfball Federation (IKF), die in Bunnik haar hoofdkantoor heeft. De IKF telt momenteel 26 aangesloten landen.

Ondanks de pogingen korfbal een mondiaal karakter te geven, blijven Nederland en België de toonaaangevende landen. De Belgische bond telt 8.000 leden, bijna allen in Vlaanderen woonachtig. Het Koninklijk Nederlands Korfbal Verbond (KNKV) heeft ongeveer 90.000 beoefenaars. Het KNKV is een fusiebond die sinds 1973 de algemene en de christelijke clubs verenigt.

Sinds 1991 heeft ook het veldkorfbal slechts twee in plaats van drie vakken. Het originele spel kreeg bij de invoering van zaalkorfbal een aanpassing omdat de meeste indoorlocaties te klein waren om drie vakken te uit te tekenen. De noodmaatregel pakte goed uit. De spelregelwijziging die rechtstreekse duels tussen de mannelijke en vrouwelijke spelers mogelijk maakt, laat nog even op zich wachten.

    • Jaap Bloembergen