Minderheden en verkiezingszorgen; Haagse "fact finders' op bezoek in Brixton

De commissie Minderhedenbeleid van de Tweede Kamer bezocht deze week Liverpool en Brixton om eens wat vergelijkingsmateriaal op te doen voor de Nederlandse benadering. En al behoren de rassenrellen van de vroege jaren tachtig tot het verleden van Toxteth en Brixton, een Haagse parlementariër die in deze modelwijken een gesprek begint met een buurtbewoner riskeert wel de woede van de omstanders. Verslag van een "fact finding mission': "Dit lijkt wel sociale vernieuwing.'

Het Molukse Kamerlid John Lilipaly (PvdA) grijpt de oude Westindiër bij de revers van diens tweed colbertje. ""How come?'' vraagt Lilipaly. ""How come?'' Hoe komt het dat de overwegend zwarte bewoners van de Liverpoolse wijk Toxteth berusten in de miserabele omstandigheden waarin zij verkeren? Lilipaly is sedert vier jaar voorzitter van de commissie Minderhedenbeleid van de Tweede Kamer, die de afgelopen week een werkbezoek bracht aan "zwarte' wijken van Liverpool en Londen.

Maandag doorkruiste de zevenkoppige delegatie, bijgestaan door een griffier en een PR-functionaris van de Tweede Kamer, per minibus de zogeheten Langby Triangle, een buurt binnen Toxteth. In de bus zitten behalve Lilipaly diens fractiegenoot Thanasis Apostolou, en het duo Paul Rosenmöller (Groen Links) en VVD'er Hans Dijkstal (""De harde kern'', volgens Rosenmöller). Verder maken namens het CDA Jan Krajenbrink en Nel Mulder-van Dam deel uit van de delegatie, en wordt D66 vertegenwoordigd door Louise Groenman.

Ambtenaren van de stad Liverpool zeggen dat een dergelijke tour een paar jaar geleden niet mogelijk was wegens het risico dat het gezelschap door de buurtbewoners zou worden aangevallen. Nu stopt het minibusje in Langby Street onder de argwanende blikken van een groepje gekleurde jongeren die op de hoek van de straat rondhangen. Terwijl twee gemeente-ambtenaren een uiteenzetting houden over de werkgelegenheids- en huisvestingsprojecten in de buurt, legt Lilipaly contact met twee bejaarde Westindische mannen die vlakbij toekijken. Hoe ze het vinden in de buurt? Hoe lang ze er al wonen? Of ze tevreden zijn over het gemeentelijk beleid? Een van de mannen geeft een somber relaas over de criminaliteit, de drugs, en de discriminatie.

De gehele gekleurde populatie van Liverpool, 16.000 tot 40.000 mensen, woont in één gebied, het postdistrict Liverpool 8. Tijdens een stop even tevoren leidde dat gegeven ertoe dat de scherp om zich heen kijkende CDA-backbencher Nel Mulder-van Dam aan de begeleidende Liverpoolse ambtenaren vroeg waar die zwarten toch zaten. ""I see no black people around here. Where are they?''

Lilipaly staat nog te praten met de wijkbewoner in Langby Street als bij het clubje jongens verderop de spanning groeit. Eén van hen zegt tegen de aanwezige persfotograaf dat hij moet oprotten met zijn camera. De gemeentelijke gidsen worden nerveus, schielijk wordt het gezelschap het minibusje weer ingeloodst.

Achteraf zegt Lilipaly: ""Ik weet dat ik het protocol als het ware doorbrak, maar ik voelde een sterke behoefte om van die mensen zelf te horen hoe zij tegen de problemen aankijken.'' Dat was ook het doel van de reis: een fact finding mission om te achterhalen hoe het minderhedenbeleid in een ander Europees land in de praktijk werkt. Daarom zijn er zo weinig mogelijk vergaderingen binnenskamers, zoals te doen gebruikelijk bij parlementaire werkbezoeken, maar veel wandelingen in de buitenlucht.

Paradepaardjes

De commissie heeft op advies van het ministerie van binnenlandse zaken, dat het minderhedenbeleid coördineert, het Verenigd Koninkrijk als reisdoel gekozen omdat dit land de enige andere Europese staat is, die zich laat voorstaan op het voeren van een minderhedenbeleid. Toxteth en de Londense wijk Brixton gelden als paradepaardjes van succesvol beleid, dat op gang kwam na de grootschalige rassenrellen die daar in 1981 plaatshadden. ""Misschien kunnen we daar iets van leren,'' zegt Lilipaly op een persbriefing voorafgaand aan het werkbezoek. ""Het kan ook best zijn dat we vaststellen dat we het lang niet gek doen in Nederland. Het gaat erom ons beleid te toetsen aan dat van een een vergelijkbaar land.''

En inderdaad ontdekken de Kamerleden voortdurend treffende gelijkenissen met Nederlandse vindingen: tijdens een uiteenzetting bij de Merseyside Skills Training in Liverpool over de wijze waarop leden van minderheidsgroepen in de praktijk vaardigheden worden bijgebracht, mompelt Dijkstal: ""Werkervaringsplaatsen, dus''. Rondkijkend in de Angel Town Estate in Brixton waar huurders een eigen Job Shop, crèche, ontmoetingsruimte, en kantoorruimte exploiteren, concludeert Rosenmöller: ""Dit lijkt wel sociale vernieuwing''. En tijdens de rondgang door het Steve Biko-project, de multi-culturele bejaardenvoorziening van Toxteth, spreekt Nel Mulder-van Dam over ""aanleunwoningen''. Wandelend over de grindpaden van het Steve Biko-project, vindt Rosenmöller wel dat men trots kan zijn op het project: ""Ik word depri van de Nederlandse bejaardenhuizen.''

Op de hoek van Crown Street en Upper Parliamentstreet in Toxteth knijpt Dijkstal de ogen dicht tegen de zon. Het inwonertal van Liverpool is gedurende de recessie van de afgelopen vijftig jaar gehalveerd tot 450.000. Temidden van de kaalslag die daarvan het gevolg is, wordt hier bij Crown Street een ziekenhuis voor vrouwen en baby's gebouwd, woningen worden gerenoveerd, terwijl een business centre, een snoep- en een jamfabriek de hoge werkloosheid onder de wijkbewoners moeten terugdringen. ""Allemaal mooi en aardig,'' vindt de VVD'er, ""maar eigenlijk toch niet te vergelijken met onze grote steden. Hier is eigenlijk een relatief klein deel van de bevolking allochtoon en bovendien hebben ze gigantisch veel ruimte midden in de stad, dus kunnen ze werkgelegenheid organiseren in de buurt zelf en rijtjeshuizen bouwen in plaats van flats. Dat kan in onze overvolle achterstandswijken niet.'' Een ander opvallend verschil, zo valt de commissieleden donderdag op na een gesprek met de staatsecretaris Peter Lloyd (Community Affairs), is dat Groot-Brittannië relatief weinig "nieuwkomers' heeft, zo kwamen er vorig jaar 24.000 asielzoekers binnen; niet veel meer dan in het veel kleinere Nederland.

Het Sociaal Cultureel Planbureau concludeerde vorige maand in de Rapportage minderheden 1993 dat ""de voortdurende omvangrijke immigratie'' in Nederland de gunstige ontwikkelingen op het gebied van het minderhedenbeleid maskeert. De werkloosheid onder leden van etnische minderheden in Nederland is volgens het rapport iets gedaald, hun huisvesting is verbeterd en in het onderwijs maken leerlingen uit minderheidsgroepen goede vorderingen. De jaarlijkse instroom van zo'n 60.000 "nieuwkomers' trekt echter een zware wissel op het beleid.

In de trein van Liverpool naar Londen - de delegatie dineert dinsdagavond in de eerste klas restauratiewagen - meent Lilipaly dan ook dat er in Nederland een scherper onderscheid gemaakt moet worden tussen immigratiebeleid en integratiebeleid. ""Dus enerzijds meer aandacht voor primaire opvang, en anderzijds aandacht voor de gebruikelijke aspecten van wonen, werken en weten. Wat mij betreft hoef je dat ook geen minderhedenbeleid meer te noemen. Bovendien moet er veel meer gedecentraliseerd worden naar de gemeenten: daar moet het gebeuren. Maar wel zo dat het geld dat op rijksniveau beschikbaar is, meegaat naar de gemeenten. De rijksoverheid moet voorwaarden scheppen en zorgen voor algemene regelgeving tegen discriminatie en racisme.''

Oefenwedstrijd

In Brixton leidt politie-inspecteur McConney de delegatie langs de straten die in 1981 het toneel waren van de rassenrellen die het Verenigd Koninkrijk op zijn grondvesten deden schudden. In een van de straten is een markt ingericht met waren die kennelijk afkomstig zijn uit alle windstreken, net als kooplui en klanten. Verschillende Kamerleden knopen gesprekjes aan met de burgerij: een oefenwedstrijd voor de komende verkiezingscampagne: "" 't Is maar koud, hè?'' informeert bijvoorbeeld Mulder-van Dam bij een stalletje met huishoudelijke artikelen. Voor de NOS-camera voert ze vervolgens met Lilipaly een sketch op bij een etnische stoffenkoopman. Als een bejaarde vrouw voor de neus van Krajenbrink onwel wordt, manoeuvreert de Christendemocraat haar vaardig een schoenwinkel in. Intussen waarschuwt Dijkstal een passerende bobby, die de kwestie verder afhandelt. ""Toch is het nuttig om zo de sfeer van een buurt op te snuiven'', meent Rosenmöller.

Wat later bevindt het gezelschap zich in een klein zaaltje op de vierde verdieping van het politiebureau van Brixton. De delegatie heeft een ontmoeting met de zogeheten community consultinggroup, een soort klankbordgroep van wijkbewoners die een intermediair vormen tussen politie en de buurt. Dit soort adviesorganen werden naar aanleiding van de rassenrellen bij wet in heel Groot-Brittannië ingesteld om spanningen tussen politie en burgers zoveel mogelijk te voorkomen. Terwijl binnen het geraas van het luchtverversingssysteem het gesprek bijna overstemt en buiten om de paar minuten sirenes weerklinken van uitrukkende politieauto's, zet McConney de zegeningen van dit systeem uiteen. De Kamerleden zijn na afloop wel gecharmeerd van het idee, maar over de bruikbaarheid lopen de meningen uiteen. De liberaal Dijkstal denkt niet dat je die overlegstructuren bij wet moet opleggen. Christen-democraat Krajenbrink realiseert zich dat ""we in Nederland verdraaid zuinig moeten zijn op datgene wat er al bestaat'' aan institutioneel overleg.

Pootjes

Dinsdagavond laat komt PR-man Jos Jochemsen met een stapel faxen de bar van het hotel binnenlopen, waar een deel van commissie zich ontspant. Bij de berichten zit ook het nieuws dat de VVD-fractie in de Senaat dreigt niet in te stemmen met het initiatief-wetvoorstel Arbeidskansen Allochtonen, dat behalve door Rosenmöller en Groenman is mede-ondertekend door Dijkstal. De sfeer verstrakt. Het wetsvoorstel was het klinkende resultaat van een ander werkbezoek, enige jaren geleden, aan de VS en Canada. ""Die zeikers in de Senaat houden alles tegen'', merkt iemand op. Dijkstal houdt het hoofd koel. Die kwestie komt vanzelf op zijn pootjes terecht, denkt hij.

Het is vaker het nieuws uit Nederland dat de verschillende Kamerleden herinnert aan hun dagelijkse besognes. Donderdag bezorgen bijvoorbeeld de cijfers van een verkiezingsonderzoek van het bureau Inter/View de PvdA'er Apostolou een flinke depressie: uit de peilingen blijkt dat zijn fractie nog maar op 22 zetels zou kunnen rekenen. De Griekse Nederlander gelooft zijn oren eerst niet. Hij maakt zich ernstige zorgen over zijn plaats op de lijst. ""Ik heb tegen de plaatsingscommissie gezegd dat wanneer ze mij op een onverkiesbare plaats zetten een andere, goed gekwalificeerde allochtoon ervoor in de plaats moet komen,'' zegt Apostolou.

Overigens is ook Lilipaly niet zeker van zijn positie na de verkiezingen; zijn ijzersterke achterban in Zeeland en binnen de Molukse gemeenschap vormt niet langer een garantie voor herverkiezing nu partijvoorzitter Felix Rottenberg besloten heeft de kandidaatstelling centraal te regelen. ""Maar ik ga niet lopen slijmen, daar ben ik te trots voor. Ik ben dol op dit werk, en ik ben er goed in, maar het is een kwestie van take it or leave it'', moppert Lilipaly.

Het nieuws van de uitslag van de peilingen in Nederland ontlokt een krachtige vloek aan Jan Krajenbrink; hij ziet het liefst de huidige coalitie ongewijzigd verdergaan. Voor hem persoonlijk speelt dat overigens geen rol omdat hij na drie jaar besloten heeft zich niet meer verkiesbaar te stellen. Het werkbezoek is voor hem dus een soort afscheidstournee. ""Na een x-aantal jaren begint er een déjà-vu-effect op te treden,'' zegt Krajenbrink, ""Dat is niet goed.''

Ook Paul Rosenmöllers gedachten moeten afgelopen week vaak afgedwaald zijn naar wat zich in Nederland afspeelde: deze week werden de stemmen geteld van het referendum van Groen Links over het lijsttrekkerschap. De partij kon een keuze maken tussen het duo Rosenmöller en Sipkes, of Ina Brouwer en Mohammed Rabbae, directeur van het Nederlands Centrum Buitenlanders. Terwijl de groep ergens in Brixton staat te wachten op het minibusje informeert Krajenbrink eens naar de gemoedstoestand van zijn jonge collega. Rosenmöller zegt dat er geen man overboord is als hij het niet wordt. ""Maar betekent dat toch niet ten minste een, eh, kleine dreun?'' probeert Krajenbrink nog. Het antwoord op die vraag gaf Rosenmöller gistermiddag, toen bekend werd dat hij had verloren: hij had een licht gevoel van teleurstelling snel overwonnen.

Europese top

Als het vliegtuig donderdagavond opstijgt van de Londense luchthaven Heathrow kan voorzitter Lilipaly melden dat de reis niet geheel zonder concrete resultaten is gebleven. Hij heeft de Britse staatssecretaris Peter Lloyd voorgesteld om gezamenlijk met Nederland tijdens de Europese top in België later dit jaar te komen met voorstellen op het gebied van bestrijding van discriminatie en de bevordering van integratie van minderheden in Europa. Lloyd heeft volgens Lilipaly ""zeer positief'' gereageerd en zijn ambtenaren opdracht gegeven hierover contact te zoeken met de Nederlandse regering. Lilipaly: ""Dat is toch mooi, nietwaar?''

    • Frank Vermeulen