Onze culturele verdediging

Moord en doodslag kwamen in de grote Amerikaanse steden al meer voor dan in Londen, Parijs, Rome of Amsterdam, en de criminaliteit stijgt daar nog altijd sneller.

Als er in New York of Washington een enkele keer nog eens iets werkelijk opzienbarends op dit gebied gebeurt, stijgt ook de 'verontrusting'. Soms sneuvelt er een klein kind in het "crossfire' tussen twee drugsbenden. Dan vraagt men zich weer af: hoe is het zo ver gekomen? Als oorzaken worden steeds weer de film en de televisie genoemd. Daar wordt nog veel meer gemoord dan op straat. Gedragsdeskundigen spreken dit weer tegen: er is geen wetenschappelijk bewijs. Niettemin hebben dit jaar de film- en televisiemakers in Hollywood onder druk van de politiek en de publieke opinie zich een paar zelfbeperkingen opgelegd.

Het is een discussie die zich al tientallen jaren herhaalt, in argumenten en schijnheiligheid. Ik herinner me een nieuwsprogramma waarin de maker van een zeer bloeddorstige serie verscheen. Het was in juli van dit jaar. "Wat klaagt u?' zei hij met het gezicht van de vermoorde onschuld. "Wij in Hollywood doen alleen maar ons best een zo getrouw mogelijk beeld te geven van de maatschappij waarin wij leven. Als dat een maatschappij is die u niet bevalt, dan moet ù daar iets aan doen.'

Wat is "de invloed van film en televisie op het gedrag'? "De' invloed bestaat niet. De ene kijker kan duizend moorden per jaar zien en de onbesproken welzijnswerker blijven die hij was. Een enkele denkt nadat hij één moord heeft gezien: dat kan ik ook en voegt de daad bij de gedachte. Maar het kijken naar duizend moorden per jaar maakt, volgens mijn stelling, het moorden ieder jaar een beetje aanvaardbaarder voor degenen die al een plan hadden. Gedragswetenschappers zouden zeggen: het kijken naar veel moorden werkt drempelverlagender dan het kijken naar weinig moorden. En in negen van de tien Amerikaanse films laat iemand op onnatuurlijke manier het leven.

Nu maken vooral Franse cineasten en televisiekunstenaars zich bezorgd over de ongebreidelde import van Amerikaanse films, in combinatie met het verbod op staatssubsidie van de Franse. Zijn ze bang dat bij die zondvloed van import teveel Fransen zullen worden vermoord? Ik heb niet de indruk. Ze vrezen dat ze door al die moorden uit hun baantje worden geconcurreerd. Amerika koloniseert Europa, en daar moet door de GATT een stokje voor worden gestoken.

Op die manier wordt het vraagstuk tot een bedriegelijke eenvoud teruggebracht. Amerikanen zijn beter in het zoeken naar wat het best verkoopbaar is, en als ze dat hebben gevonden zijn ze energieker in het maken van het verkoopbare, en de laatste fase in deze trits is dat ze weer harder werken om dit verkoopbare te verkopen. Ze hebben ontdekt dat wij van de westerse beschaving graag kijken naar achtervolgingen (The French Connection) en schurken die eerst brave mensen doodschieten waarna de laatste brave mens hetzelfde met de schurken doet. Hollywood heeft daarop in driekwart eeuw al ontelbare variaties verzonnen. Een van de laatste is Jurassic Park. Kijk je goed dan zie je dat de velociraptors die daarin een belangrijke rol spelen, in karakter en handeling niet veel verschillen van de gemiddelde mafiosi, en dat de tyrannosaurus rex eigenlijk de paleolithische versie is van Marlon Brando als The Godfather. Gegeven de prachtige techniek waardoor je de saurussen eindelijk als het ware in het echt ziet, kon het niet anders dan een daverend succes worden. Dat moeten de Fransen de Amerikanen niet kwalijk nemen, maar hun eigen marketing-specalisten, uitvinders, scenarioschrijvers en geldschieters die niet bijtijds hebben gezien waar het kapitaal uit het publiek valt te pompen.

Gelukkig kunnen wij Europeanen er iets tegenover stellen. Euro-Disney, bij zijn oprichting al beschouwd als het Utah- en Omaha Beach, het bruggehoofd vanwaar Frankrijk en de rest van Europa definitief gekoloniseerd zouden worden, is een halve mislukking. Nu al zijn 950 employés ontslagen. Nog een paar jaar en dan is het helemaal failliet. Daartegenover staat het succes van het even oude Historial de la Grande Guerre, het oorlogsmuseum in het Noordfranse stadje Péronne bij de Somme, waar zevenenzeventig jaar geleden een miljoen soldaten sneuvelde ten behoeve van vijftien kilometer geallieerde terreinwinst. In dat museum komen de toeristen graag. Zonder protectionistische steun zal het zich handhaven, lang nadat Euro-Disney en Jurassic Park zijn vergeten. Allons, courage monsieur Balladur!